Er zijn vreemde dingen aan de hand op de wereldwijde aandelenmarkten, constateren Bank of America en Goldman Sachs.
Zo stelt de laatste dat het wereldwijde groeimomentum lijkt af te nemen, maar de markt daar stoïcijns onder blijft.
Bank of America valt het op dat de markt wel erg snel van volledige rust naar een hoge stressmodus schiet, en weer terug.

De ‘buy-the-dip’ reflex is volgens volatiliteitsspecialisten van de bank bijzonder sterk. Ze wijzen op de daling van de S&P 500 op 17 mei met 1,8 procent, dat een 5-sigma event was, en al derde van deze orde in minder dan een jaar, en slechts de achttiende sinds 1928.
De daling op 17 mei werd gevolgd door de op een na sterkste koersherstel van een 5-sigma event sinds 1928.
Alpha-mogelijkheden
Marktschokken worden door de markt dus opgevat als alpha-mogelijkheden, in plaats van dat ze worden gezien als serieuze risk-off events. Met een verkrappend beleid van de Federal Reserve in aantocht is buy-the-dip nog minder vanzelfsprekend.
Goldman merkt op dat aandelen en credits het relatief goed blijven doen in vergelijking tot eerdere fases in de geschiedenis waarin de economische groei vertraagde. Dat terwijl andere assets (dollar, grondstoffen en treasuries) juist achterblijven.
Wat de reden is, daar kan de bank niet precies de vinger op te leggen. Waarschijnlijk zijn de signalen die op een recessie duiden nog te zwak. Beleggers doen er in elk geval goed aan om oog te hebben voor de rentecurve en de spread in de high yield markt, omdat de recessierisico’s hierin veel eerder tot uiting komen dan in de aandelenmarkten. De laatste slaat vaak pas om als de recessie al is aangebroken, zoals in de VS voor het uitbreken van de financiële crisis gebeurde.
Dat Goldman - waarvan veel oud-medewerkers nu in het Witte Huis rondlopen - waarschuwt dat de groei heeft gepiekt, lijkt het kritische beleggersplatform Zerohedge overigens een reden om nerveus te worden.