Nederlandse banken moeten fors meer bufferkapitaal aanhouden als gevolg van internationale afspraken waarover donderdag in Frankfurt een akkoord is bereikt door alle grote toezichthouders in de wereld. Wel is om de pijn te verzachten een overgangsregime van kracht dat loopt tot 2027.
Toezichthouder DNB heeft berekend dat de Nederlandse banken rond de 14 miljard euro kernkapitaal tekortkomen om op het vereiste niveau te blijven. En dat terwijl banken al jaren gespaard hebben voor de maatregel. ‘De impact is fors’, aldus DNB‘er Paul Hilbers, een van de twee Nederlandse onderhandelaars. ‘Je moet dat afzetten tegen de gemiddelde jaarwinst van 6 miljard euro van de gezamenlijke grootbanken in de afgelopen jaren.’
De hogere kapitaaleisen zijn het gevolg van de internationale wens om banken minder vrijheden te gunnen om zelf risico’s in te schatten, omdat er soms mee werd gesjoemeld. ‘In de crisis hebben we gezien dat sommige partijen interne modellen op een onwenselijke manier gebruikten, om de kapitaalbehoefte omlaag te krijgen’, aldus president Mario Draghi van de Europese Centrale Bank bij de presentatie van het akkoord.
Weerstand in Europa
Vooral Europese banken hebben zich verzet tegen de maatregelen. Ze zouden onevenredig zwaar zijn voor banken met veel hypotheken op de balans, is hun betoog. Europese en vooral Nederlandse banken zijn groot in hypotheken, terwijl Amerikaanse banken hun hypotheken meteen kunnen doorverkopen aan een staatsinstelling.
Kern van het besluit is dat banken straks nog steeds hun eigen risico’s mogen wegen. Maar de uitkomst van die weging mag nooit lager liggen dan 72,5 procent van wat het zou zijn onder een zogeheten standaardmodel. Over dat percentage is jarenlang gesoebat. ‘Het was Europa tegen Amerika’, aldus Hilbers. Hoe hoger de gewogen risico’s, hoe meer kapitaal een bank nodig heeft.
Eerdere voorstellen gingen verder
Momenteel gebruiken Nederlandse banken modellen die veel lagere uitkomsten geven dan die 72,5 procent. De eerste voorstellen, die het Bazels Comité voor Bankentoezicht eind 2014 heeft gepubliceerd, zouden volgens DNB ertoe hebben geleid dat Nederlandse banken maar liefst 50 miljard euro tekortkomen.
De teksten zijn aangepast in de onderhandelingen. Eerder zong een hoger percentage rond. Bovendien zijn de standaardwegingen voor hypotheken iets verlaagd. ‘We hebben er genoeg uit kunnen slepen’, aldus Olaf Sleijpen, de andere Nederlandse onderhandelaar.
Terwijl sommige Europese banken hard worden geraakt door de nieuwe regels, betekenen ze voor andere banken juist een verlichting. Per saldo gaan de eisen voor alle banken die onder de Bazelse regels vallen juist iets omlaag.
Nederlandse banken laten het er niet bij zitten. De regels van ‘Bazel 4’, zoals het pakket wel wordt genoemd, zijn pas van kracht na omzetting in Europese wetgeving, en dat biedt ruimte voor een nieuwe lobby. Europese politici ‘kunnen besluiten tot aanpassingen om de voorstellen beter te laten aansluiten op de Europese economische werkelijkheid’, schrijft de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) in een eerste verklaring.
Banken verkeerden jarenlang in onzekerheid over de kapitaaleisen voor allerlei producten, zoals hypotheken en mkb-kredieten. Daardoor konden ze moeilijk langetermijnplannen maken. ‘Het belangrijkste is dat er een einde is gekomen aan de onzekerheid’, zegt Sleijpen, die erop wijst dat het uiteindelijk een compromis is. ‘Als iedereen ontevreden naar huis gaat, is het een goede deal.’
De internationale onderhandelaars hebben ook een discussiestuk gepresenteerd over een politiek gevoelig onderwerp: het beteugelen van de hoeveelheid staatsobligaties van het thuisland op de bankenbalans. Vooral Noord-Europa dringt daarop aan. Maar er is fel verzet vanuit Zuid-Europa, Japan en opkomende landen om daadwerkelijk maatregelen te nemen.
Copyright: Het Financieele Dagblad, 8 december 2017