De corona-crisis heeft een interessante ontwikkeling op de Fondsnieuws-website doen ontluiken. Een waarin onze zorgvuldig geselecteerde columnisten elkaar uitdagen in hun duidingen over de financiële markten. Deze week was er weer zo’n parel, die gretig werd gelezen door professionele beleggers.
Dat begon met de column van Hans Betlem, chief investment officer van de onafhankelijke vermogensbeheer IBS Capital Allies. Betlem reageerde op dé vraag van het moment: staat de beurs te hoog?
Nou, schreef Betlem, er is een heel goede verklaring voor dat beursherstel. De koersen van kwalitatief goede bedrijven als Microsoft en Amazon stijgen terecht, doordat zij in gevallen juist profiteren van de crisis. De koersen van kwalitatief slechte bedrijven dalen óók terecht, doordat ze afhankelijk zijn van overheidssteun of gedwongen worden om meer te lenen.
Op de beurs, die volgens Betlem geen goede afspiegeling van de gang van zaken in de economie is, is de beurswaarde van de kwalitatief goede bedrijven vervolgens relatief tot die van de slechtere bedrijven omhoog geschoten.
Kijken we vervolgens naar de beursstanden van vandaag de dag, en vergelijken we dat met het dieptepunt van 23 maart, dan rekent de columnist voor dat door de hoge koersen van de standvastige bedrijven, de koersen van kwalitatief slechtere bedrijven nog eens 50 procent moeten dalen. Kan, denkt Betlem. Maar.
‘Besef wel dat elke procent koersdaling van die kwalitatief slechtere bedrijven zorgt voor een verdere verschuiving van de index in de richting van kwaliteit. Dus wordt het steeds moeilijker voor de index om verder te dalen.’
Bepaald geen koopje
Het weerwoord op de veelgelezen redenering van Betlem kwam van Han de Jong, die Fondsnieuws-lezers eraan herinnerde dat bear-markets zich in het verleden vaak in een W-vorm ontwikkelden. Daarbij herstellen de beurzen na een eerste daling, om vervolgens een tweede forse daling te laten zien.
‘Natuurlijk weten we dat deze recessie heel anders is dan alle voorgaande, vanwege oorzaak, diepte en agressiviteit van de beleidsreactie, dus een patroon uit het verleden hoeft zich zeker niet te herhalen, maar toch.’
Over de sterke stijging van de door Betlem genoemde technologieaandelen, stelde De Jong in zijn column dat technologieaandelen inderdaad profiteren van de crisis, maar dat aandelen met een koers/winst verhouding van 116 bepaald geen koopje zijn, doelend op Amazon.
Een verklaring zocht de econoom in zijn column bij de toestroom van nieuwe particuliere beleggers, refererend naar het nieuws dat de DeGiro de aanwas van nieuwe klanten nietkan en het Amerikaanse Robinhood haar klantenbestand fors ziet stijgen. ‘Kennelijk verveelt het Netflixen inmiddels.’
De Jong vroeg zich af hoe deze minder ervaren beleggers zich zullen gedragen als zich een correctie voordoet. ‘Mogelijkerwijs springen ze dan weer net zo snel uit de markt als ze erin zijn gesprongen en duwen ze de koersen dan weer stevig terug.’
Dat - samen met de kans op een tegenvaller in het gevecht tegen corona, negatieve gevolgen vanwege internationale spanningen, onzekerheid over economisch herstel en vraagtekens bij de verdiencapaciteit van bedrijven - maakt dat Han de Jong voorzichtig blijft. Zo besloot hij zijn betoog.
Toekomstig groeipotentieel niet in k/w
Een derde columnist roerde zich in de discussie, door te stellen dat Amazon juist méér waard is. ‘De komende jaren zullen meer Nederlanders gebruik maken van Amazon, dan vliegen met KLM’, aldus Han Dieperink dinsdag in zijn bijdrage. ‘In de Verenigde Staten hebben meer mensen een abonnement op Amazon Prime dan er mensen zijn die naar de kerk gaan. Alleen al op basis van dit retailsucces is een marktkapitalisatie van 1.000 miljard dollar haalbaar en dan hebben we het nog niet eens over de Europese biljoenenmarkt. Door de coronacrisis is er sprake van een forse versnelling van de groei. Een onverhoopte tweede golf werkt ook nog in het voordeel van het bedrijf.’
Daar blijft het niet bij, volgens Dieperink. De markt voor clouddiensten groeit ook, en laat Amazon daar jarenlang een groot deel van de kasstroom in hebben geïnvesteerd, waardoor het nu met een marktaandeel van 50 procent, marktleider is. ‘Wie online wil werken, leren of winkelen kan dat niet zonder gebruik te maken van de cloud. De markt groeit snel en de marges liggen veel hoger dan in retail. In plaats van één keer de omzet, mag hier gerust negen keer de omzet voor worden neergelegd. Dat betekent dat dit onderdeel nu bijna net zo veel waard is als de retailactiviteiten.’
Dieperink benadrukte in zijn column dat het vooral om het toekomstige groeipotentieel gaat. En dat dát niet in een k/w zit verwerkt. ‘Eind dit jaar heeft Amazon door de coronacrisis wellicht de doelstellingen van 2023 gerealiseerd. Dan staat er opeens een totaal andere koers/winstverhouding. Door de lage rente willen beleggers veel voor die toekomst betalen. De tienjaars treasury staat nu op 0,6 procent, in 2000 op 6 procent. Op 120 keer de winst, ligt het huidige winstrendement van Amazon nog altijd boven het effectief rendement op treasuries.’
Meestbeluisterde podcast
Leen Meijaard, president-commissaris van Achmea Investment Management, deed in de This-Time-is-Really-Different-podcast een duit in het zakje, door te refereren aan een gesprek dat hij onlangs had met CIO Hans Betlem van IBS. ‘Hij zei dat een dergelijke daling wiskundig bijna niet kan, want de zes grootste aandelen zijn goed voor bijna 25 procent van de marktkapitalisatie van de S&P. Al die aandelen zijn coronaproof en als je dan healthcare en nog andere coronaproof-bedrijven er bij optelt dan zit je al bijna op 50 procent. Dan moet de rest bijna naar nul procent waarde gaan voor een dergelijke crash.’
Buiten zijn inmenging in dit debat, richtte Meijaard in gesprek met Fondsnieuws-hoofdredacteur Cees van Lotringen nog zijn pijlen op ETF’s. ‘Als je naar de markt van nu kijkt, dan zou ik geen trackers kopen’, verklaarde hij. ‘Omdat je tweederde níet wil hebben als de beurs omlaag gaat.’
Waardevol in het leven
Tenslotte was er deze week veel aandacht voor bijzondere transfers, waarbij het vertrek van Peter Ferket bij Robeco vooral opviel. Het hoofd beleggingen zwaait na 23 jaar af bij het Rotterdamse fondshuis, wegens persoonlijke omstandigheden.
‘Na een persoonlijke uitdaging te hebben aangepakt, is mijn perspectief op wat ik het belangrijkst en waardevolst vind in het leven veranderd. Het is nu een goed moment om verder te gaan en nieuwe uitdagingen buiten Robeco te ontdekken.’