De druk op de kledingsector om zorgvuldiger om te gaan met mensenrechten neemt toe. Een coalitie van elf institutionele beleggers pleit voor een leefbaar loon voor alle medewerkers in de sector.
Schending van mensenrechten en miserabele arbeidsomstandigheden. Het zijn problemen die steeds vaker in een adem worden genoemd met de kledingsector. Volgens het Platform Living Wage Financials (PLWF) gaat het om een systemisch probleem waarvan men niet zonder meer kan verwachten van individuele bedrijven dat ze hier in hun eentje uitkomen. Via het PLWF werken elf institutionele beleggers daarom samen om invloed uit te oefenen op de kledingsector om een eerlijk en leefbaar loon uit te laten keren aan medewerkers wereldwijd.
Een van de oprichters is ASN Bank. Irina van der Sluijs (foto, tweede van links rij 1), senior adviseur mensenrechten bij ASN Bank vertelt: ‘Uit onze due diligence een paar jaar geleden kwam naar voren dat we risico liepen in de kledingsector op het gebied van de schending van mensenrechten. Naar aanleiding hiervan stelden we ons het langetermijndoel om kledingbedrijven ertoe te bewegen om leefbare lonen aan werknemers uit te laten betalen. Samen met MN en Triodos Investment Management hebben we hiervoor een platform opgezet.’
Rationele benadering
Volgens van der Sluijs maakt het concept leefbaar loon het mogelijk om op een meer rationele manier naar mensenrechten te kijken. ‘De afgelopen jaren is er vooral veel gebeurd op de E (environmental) van ESG. Voor wat betreft het sociale aspect was men zoekende. Dit is van oudsher meer kwalitatief en erg breed. Waar begin je en waar moet je je op focussen? Leefbaar loon heeft de potentie om ook zoveel andere sociale aspecten te raken. Dat maakt het tot een goed startpunt.’
Dat MN tot de leden van het eerste uur behoort, heeft volgens Louise Kranenburg (foto, 3e van links rij 1), adviseur duurzaam beleggen bij MN, deels te maken met de sterke verbinding met de maakindustrie. ‘Onder andere bij onze opdrachtgevers Pensioenfonds Metaal en Techniek, Pensioenfonds van Metalektro en Pensioenfonds Mode, Interieur, Tapijt en Textiel (MITT) staan de thema’s mensenrechten en arbeidsomstandigheden van nature hoog op de agenda.’
Pensioenfonds neemt ook verantwoordelijkheid
Voor pensioenfonds MITT gaat dit bovendien nog een stap verder. Als eerste asset owner ondersteunt het fonds het convenant duurzame kleding en textiel en het PLWF. Daarnaast heeft het fonds duurzaamheid verankerd in haar beleggingsovertuigingen. ‘We nemen niet alleen verantwoording voor resultaten van onze beleggingen, maar ook voor de mogelijke negatieve impact van deze beleggingen op de omgeving’, vertelt Henk van der Meer, secretaris van pensioenfonds MITT.
De focus op de eigen sector laat zich makkelijk verklaren volgens van der Meer: ‘Veel van onze deelnemers én bestuursleden kennen de situatie in de textielsector goed. Tel daarbij op dat uit ons risico-onderzoek bleek dat de bedrijven waarin wij met onze aandelenportefeuille belegden nog veel moesten verbeteren om de risico’s op incidenten, controverses en schendingen van arbeids-en mensenrechten te verkleinen.’
Daarom voert MN namens pensioenfonds MITT een actieve dialoog met deze kledingbedrijven. In de afgelopen jaren ging dit onder meer over de verlenging van het Bangladesh akkoord, de ondersteuning van de Decent Work agenda van de International Labour Organisation en de Corporate Human Rights Benchmark.
Fashion Revolution Week 2019
Dat deze dialoog hard nodig is blijkt ook uit initiatieven in het publieke domein. Hoewel de internationale beweging Fashion Revolution ziet dat er steeds meer aandacht is voor duurzaamheid in de mode-industrie, zien zij ook dat schending van mensenrechten en ongelijkheid tussen mannen en vrouwen nog steeds aan de orde van de dag zijn. Het is de reden om deze week (22 april tot en met 28 april) om te dopen tot Fashion Revolution week.
Onderdeel van deze week is de publicatie van de Fashion Transparency index. Sinds 2016 volgt de organisatie internationale modemerken en houdt zij bij in hoeverre deze merken open zijn over hun beleid op het gebied van mensenrechten. Adidas, Reebok en Patagonië zijn de best scorende merken.
Binnen de methodologie van PLWF is transparantie ook een belangrijk thema. Kranenburg en van der Sluijs zien ook vooruitgang, maar blijven kritisch. ‘We zien dat bedrijven steeds meer informatie delen over hun sociale beleid maar tegelijkertijd zien we dat er nog geen leefbaar loon wordt betaald. Als je daar vragen over stelt dan zijn bedrijven toch minder open. Dit raakt zaken als prijsvorming en concurrentie en dat ligt gevoelig’, vertelt van der Sluijs.
‘In 2018 hebben we een nulmeting gedaan en binnenkort volgt een nieuwe meting. Hieruit zal blijken welke stappen bedrijven nu echt gezet hebben en waar PLWF eventueel de druk verder moet opvoeren’, voegt Kranenburg toe.