De sterke daling van de beurzen in het vierde kwartaal van 2018 heeft een gat geslagen in het netto financiële vermogen van huishoudens in België. De daling bedroeg in totaal bijna 30 miljard euro. Veel van dat verlies werd hersteld in het eerste kwartaal van dit jaar dankzij goede resultaten op de aandelenmarkten.
Dit schrijft de Nationale Bank van België in zijn verslag van de jaarrekeningen over het vierde kwartaal.
De impact ervan is verdeeld over de participaties in beleggingsfondsen (-15,1 miljard euro), de genoteerde aandelen (-7,8 miljard euro) en de niet-genoteerde aandelen en overige deelnemingen (-5,0 miljard euro). De impact is het zwakst bij laatstgenoemde, aangezien de niet-genoteerde aandelen en overige deelnemingen merendeels gewaardeerd worden aan eigen vermogen en dus minder onderhevig zijn aan marktkoersschommelingen, schrijft NBB.
In totaal daalde in het vierde kwartaal het netto financieel vermogen van de particulieren met 22,0 miljard euro tot 1.028 miljard. De hoofdoorzaak van deze daling waren de negatieve prijseffecten.
Uit de cijfers van NBB komt bovendien naar voren dat de federale regering er in 2018 niet in is geslaagd om gezinnen over te halen geld van de spaarboekjes naar aandelen over te hevelen. De federale regering hoopte daarmee investeringen in de reële economie te stimuleren. Maar gezinnen verkochten netto juist voor bijna 920 miljoen euro aan beursgenoteerde aandelen en voor 2,5 miljard euro aan niet-genoteerde aandelen. Tegelijkertijd boekten ze 10 miljard euro extra op hun spaarboekjes.
Gezinnen deden dat ondanks de halvering van de fiscale vrijstelling tot 960 euro en ondanks het feit dat het fiscaal voordeel voor dividenden is verbeterd. De aanhoudende populariteit van spaarboekjes hangt waarschijnlijk vooral ook samen met het turbulente beursjaar dat 2018 was. Bovendien zijn beleggingsfondsen vaak populairder dan direct beleggen in aandelen.
De transacties van de particulieren in financiële activa waren evenwel positief (+9,5 miljard euro). Voornamelijk de beleggingen in gereglementeerde spaardeposito’s (+4,3 miljard euro) en zichtdeposito’s (+2,5 miljard euro) lieten een stijging zien. Ook de diverse activa (+4,9 miljard euro) vertoonden een toename.
De beleggingen in schuldbewijzen lieten nog steeds nettoverkopen (-0,9 miljard euro) optekenen. Dit is een ononderbroken daling sinds het vierde kwartaal van 2011. De particuliere beleggers waren eveneens nettoverkopers van participaties in beleggingsfondsen (-1,9 miljard euro), genoteerde aandelen (-0,5 miljard euro) en verzekeringsproducten (-0,4 miljard euro).
De financiële verplichtingen van de particulieren stegen verder (+1,4 miljard euro) tot een uitstaand bedrag van 289,3 miljard euro op 31 december 2018. Het zijn hoofdzakelijk de hypothecaire kredieten (+1,8 miljard euro) die deze stijging verklaren.