Beleggingsfondsen zijn een geschikte vorm om beleggers de mogelijkheid te bieden om hun krachten te bundelen, en voor gezamenlijke rekening een beleggingsportefeuille te laten beheren. Daarom zijn beleggingsfondsen nuttig.
Ondanks de nodige kritiek op de wijze waarop beleggingsfondsen beheerd worden, zijn beleggingsfondsen als instrument in de rumoerige markten van het afgelopen decennium relatief buiten schot gebleven.
Natuurlijk, er zijn de nodige verliezen verwerkt, er zijn individuele fondsen met een desastreuze performance, en de kosten van veel actief beheerde fondsen zijn te hoog in verhouding tot de geleverde prestaties.
Schrale troost
Toch is dit leed in geen verhouding tot de ellende met de woekerpolissen en hypotheken, waar de kosten per ingelegde euro veel hoger waren.
Met andere woorden, iemand die zijn besparingen rechtstreeks in beleggingsfondsen had belegd heeft het doorgaans relatief goed gedaan.
Dat is een schrale troost voor een belegger in fondsen die in de afgelopen jaren tientallen procenten heeft verloren.
Transparantie is de belangrijkste verklaring voor het goede functioneren van beleggingsfondsen. Door middel van het jaarverslag kun je een redelijk goed inzicht krijgen in de activiteiten.
Daardoor kunnen extreme situaties relatief gemakkelijk aan het licht komen. Op het punt van de governance van fondsen zijn er wel verbeteringen denkbaar.
Machtsverdeling
In theorie zouden de aandeelhouders van een beleggingsfonds de baas moeten zijn, maar de realiteit is dat de macht bij de beheersorganisatie ligt. Dit is het gevolg van het feit dat de beheerorganisatie meestal prioriteitsaandelen bezit waardoor de belangrijkste beslissingen buiten de gewone aandeelhouder om worden genomen.
Op zich lijkt dat werkt redelijk te werken, omdat een belegger bij slecht beheer gemakkelijk zijn aandelen kan verkopen. Toch is het vreemd dat de belegger niet zelf beslist wie de manager van zijn fonds is, hoeveel het fonds uitgeeft aan marketing, en hoe hoog de beheersvergoeding is.
In een meer evenwichtige machtsverdeling zouden aandeelhouders direct of indirect vertegenwoordigd moeten zijn in de Raad voor Commissarissen.
Met andere woorden de Raad moet door de aandeelhouders zelf worden benoemd, en zou deels uit aandeelhouders kunnen bestaan en deels uit externe experts.
Afschaffen
De prioriteitsaandelen zouden moeten worden afgeschaft. Een nadeel van dit voorstel zou kunnen zijn dat het beleid van het fonds bepaald wordt door de kleine groep beleggers die op de aandeelhoudersvergadering aanwezig is.
In de praktijk zullen dit bevriende aandeelhouders van de beheerorganisatie zijn, hetgeen min-of-meer overeenkomt met de situatie van nu.
Echter, het voorstel opent de weg voor een actievere rol voor de aandeelhouders in een beleggingsfonds, wellicht onder regie van de VEB of een andere belangenorganisatie van aandeelhouders.
De aandeelhouder kan immers ook een professionele belangenbehartiger namens hem machtigen.
Auke Plantinga is universitair hoofddocent aan de faculteit economie en bedrijfskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.
De informatie in deze column dient niet te worden opgevat als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling, aanbod of uitnodiging om effecten te kopen, te verkopen of anderszins te verhandelen.