De afgelopen jaren zien we een sterke toename in regelgeving in de financiële sector. Na ieder debacle reageert de regelgever met strengere regelgeving.
Gek genoeg leidt dat tot alleen maar meer problemen. Zo lijkt het alsof de opeenvolgende Baselse akkoorden tussen de verschillende banktoezichthouders alleen maar tot grotere problemen in het bankwezen leiden.
Hoe meer regelgeving er komt voor het beschermen van de particulier, hoe meer klachten we op tv zien over financiële producten.
Lange lijst
Nederland en ook Europa heeft gekozen voor de Angelsaksische benadering van het reguleren van financiële markten. We maken een lange lijst met verboden en toegestane acties, en op basis daarvan kunnen de marktpartijen handelen.
Een probleem met deze benadering is dat de personen werkzaam in de financiële sector steeds minder worden aangesproken op algemeen aanvaarde waarden en normen.
Dat is ook moeilijk, omdat het soms goed is om iets te doen terwijl de formele regels het expliciet verbieden. In veruit de meeste gevallen gaan de formele regels boven het ethisch besef, en uiteindelijk worden de twee met elkaar verward.
Overdaad
Het is mijn stellige overtuiging dat een overdaad aan regels een markt schaadt, en vooral in termen van de kwaliteit waarmee de klant wordt bediend.
We kunnen het uiteindelijk heel goed stellen zonder een groot deel van de regelgeving zolang de werknemers in de financiële sector voorzien zijn van een portie gezond normbesef.
Eenieder die moeite heeft met deze gedachte zou zich moeten verplaatsen in de situatie van een bankier in de jaren 70. Problemen met financiële producten bestonden ook in die tijd maar waren zeker niet groter dan nu.
Blind vertrouwen
Ik schrijf dit niet omdat ik een blind vertrouwen heb in het goede van de mens. Natuurlijk zullen er in een omgeving met minder regels zaken fout gaan, al of niet bewust gepland door een fraudeur of een overenthousiaste verkoopafdeling.
Ik denk alleen dat het effectiever is om mensen aan te spreken op een algemeen gevoel van rechtvaardigheid dan op een gedetailleerde kennis van wet- en regelgeving.
Een belangrijke reden hiervoor is dat wet- en regelgeving ‘dom’ is, soms expliciet schadelijk, en niet kan omgaan met uitzonderingen, voortschrijdend inzicht, en veranderende marktomstandigheden.
In plaats van te investeren in kennis van de Wet op het Financieel toezicht of de vele andere relevante wetten, is het beter om te investeren in kennis van de behoeften van de klant.
Dit laatste moet verder gaan dan het niveau van marketing. Uiteindelijk moeten alle betrokkenen in de sector doordrongen zijn van de maatschappelijke rol die de financiële sector speelt. Daarbij mag heus wel een goede boterham worden verdiend.
Auke Plantinga is universitair hoofddocent aan de faculteit economie en bedrijfskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.