plantinga.jpg

Gaan de Grieken het redden of niet? Geert Wilders wil de Grieken uit de euro zetten, anderen willen de Griekse schuld saneren of de Grieken zelfs failliet willen laten gaan, terwijl de Europese beleidsmakers ons willen voorbereiden op nog meer kostbare steunmaatregelen.

Feit is dat de Grieken er in geslaagd het begrotingstekort aanzienlijk te laten dalen van 15.4 procent van het BNP in 2009 tot 10.5 procent in 2010 (Bron: Eurostat). Dit is de grootste reductie van het begrotingstekort in een jaar tijd binnen de EU. Als de Grieken dit tempo volhouden hebben ze over twee jaar mogelijk zelfs een klein surplus.

Tegelijkertijd hebben de Grieken nog de mogelijkheid om door middel van grootschalige privatiseringen hun schuld verder te reduceren. Zelf als de Grieken dit huzarenstukje zouden realiseren, dan zijn ze nog wel geruime tijd bezig om hun schuld te reduceren naar een acceptabel niveau.

Het is de vraag of dit haalbaar is aangezien dit beleid enorme sociale kosten met zich meebrengt in de vorm van onder meer een hogere werkeloosheid. Bovendien zal nog een aanzienlijk deel van de schuld moeten worden geherfinancierd tegen een veel hogere rente, waardoor het begrotingstekort als percentage van het BNP veel hoger uit zou vallen.

Op dit moment betalen de Grieken zo’n 6 procent van het BNP aan rentebetalingen, maar bij een marktconforme rente zou dit gemakkelijk kunnen verdrievoudigen. De Grieken zullen nog vele jaren bezig zijn met het saneren van hun economie, en het is nagenoeg uitgesloten dat dit onder de huidige omstandigheden nog mogelijk is.

Tegelijkertijd kan met zich de vraag stellen of de Grieken alleen verantwoordelijk zijn voor dit probleem. Uiteindelijk zijn de banken, investeerders en overheden die bereid waren de Grieken dit geld te lenen net zo onverantwoordelijk bezig geweest als de Grieken zelf. Een bankroet van Griekenland zou enorme gevolgen hebben voor de veelal Europese banken die als geldschieter zijn opgetreden.

Er zullen dan banken omvallen, en om de schade in de andere landen van Europa te beperken zullen de overheden en daarmee de belastingbetalers in Europa alsnog zwaar in de portemonnee tasten. Ook het uit de Euro zetten van Griekenland is niet echt een serieuze optie.

Griekenland blijft dan wel met een torenhoge schuld in dure euro’s zitten, maar door zichzelf bankroet te verklaren of eenzijdig rentebetalingen en afslossingen op te schorten komt de rekening ook dan weer bij ons terecht. Kortom, het was erg dom om Griekenland zoveel geld te lenen. Faillissement en/of het uit de euro halen van Griekenland zal ons op korte termijn niet helpen. Griekenland heeft gewoonweg niet de middelen om aan de huidige verplichtingen tegen de huidige voorwaarden te voldoen.

Er is geen andere uitweg dan de schuld te herstructureren. Ik stel voor om dat op een intelligente manier te doen. Het eenvoudigweg afstempelen van de schuld is slechts een gedeeltelijke oplossing, aangezien daarmee de Grieken als het ware beloond worden voor hun slechte gedrag en de geldverstrekkers gestraft. In plaats daarvan stel ik voor om de schuld af te stempelen tot een voor de Grieken betaalbaar niveau, bijvoorbeeld 50 procent.

Daarnaast zou vanaf dat moment de schuld en de rentebetalingen gekoppeld moeten worden aan de groei van het BNP in Griekenland. Dus als de Griekse economie met 5 procent groeit, wordt de schuld herzien tot 50 procent*1.05= 52.5 procent van het oorspronkelijke niveau.

Als het dan goed gaat me de Grieken wordt de schuld weer opgehoogd, echter wel in verhouding tot de Griekse economie zodat de Grieken structureel aan hun verplichtingen kunnen blijven voldoen. Dit geeft de Europese banken een aandeel in het herstel van de Griekse economie, en zou er theoretisch toe kunnen leiden dat de banken zelfs meer terug krijgen dan oorspronkelijk afgesproken.

Een dergelijk mechanisme kan tevens dienen als een standaardclausule voor alle overheidsobligaties uitgegeven door Eurolanden. Wanneer het begrotingstekort in combinatie met de schuldenlast te groot wordt, dan treedt automatisch dit mechanisme in werking.

Beleggers en banken kunnen dit dan zelf aan zien komen, en de waardering van de obligatie wordt hierop dan in de markt aangepast. Hiermee wordt de extra onzekerheid rondom de wijze waarop schuld in geval van dreigende insolventie weggenomen.

Beleggers en banken zullen nog steeds verliezen leiden, maar ze weten eerder waar ze aan toe zijn. Zodra echter het omzetten van de schuld naar GDP-linked debt in werking treedt is het van belang om de toegang tot de kapitaalmarkt onder curatele te stellen. Een land mag dan niet langer zelfstandig geld op de kapitaalmarkt lenen.

Het grootste voordeel van het herstructuren door middel van GDP-linked debt is dat de schuldeisers nog uitzicht hebben op het herwinnen van hun verliezen. Daarnaast biedt het aan het schuldenland een reëel perspectief om uit de problemen te groeien. Het is in de geschiedenis nagenoeg onmogelijk gebleken om probleemlanden te dwingen hun schulden terug te betalen.

De geschiedenis kent talloze voorbeelden van landen die hun schulden deels of geheel niet terug hebben betaald, en waarmee we toch gewoon zaken blijven doen.

Men kan hierbij denken aan Rusland dat in 1998 aflossingen en rentebetalingen op haar schulden staakte. Eén van de weinige serieuze pogingen om een land te dwingen haar verplichtingen te voldoen betrof Duitsland met de herstelbetalingen na de eerste wereldoorlog. Dit heeft Europa weinig goeds gebracht.

Een herstructurering heeft geen succes zonder aanvullende maatregelen. Nog steeds is het nodig om het resterende begrotingstekort snel weg te werken, bijvoorbeeld in twee jaar. Daarnaast zal Griekenland een aantal jaren alleen onder curatele van de EU toegang mogen hebben tot de internationale kapitaalmarkt totdat de schulden tot een aanvaardbaar niveau zijn teruggebracht.

Auke Plantinga is hoofddocent aan de faculteit bedrijfskunde en economie van de Rijksuniversiteit Groningen.

Author(s)
Categories
Access
Limited
Article type
Column
FD Article
No