Ondanks het tumult rond de schuldenlanden en de aanhoudende onrust over het Europese bankenstelsel, is 2010 eigenlijk een behoorlijk goed jaar geweest voor de Europese Unie.
Was er in 2009 nog sprake van een forse krimp van bijna 4 procent, 2010 liet in de unie een gemiddelde groei zien van bijna 2 procent.
Dat is veel beter dan de kenners aan het begin van dat jaar hebben voorzien en het mag niemand verbazen als in 2011 de groei in de Europese economie voortgaat op een tempo van iets meer dan 2 procent.
Daarmee is de economie van de Europese Unie terug op het oude vertrouwde niveau van 2 tot 2,5 procent.
Een belangrijke impuls voor die groei komt van buitenaf. De wereldeconomie zal dit en volgend jaar een sterke groei laten zien van misschien wel 5 procent.
Opkomende markten
De opkomende markten blijven in 2011 sterk groeien. Het zijn niet alleen de BRIC’s die sterk blijven groeien, maar ook de zogeheten N-11 landen hebben definitief het groeipad omhoog gevonden.
De verrassing van 2011 komt met een beetje geluk vanaf de andere kant van de oceaan. Daar kan de groei wel eens fors uitstijgen boven 3 procent in de richting van 4 procent.
Die opvallende prestatie zal te danken zijn aan een combinatie van hogere particuliere bestedingen, aantrekkende investeringen, overvloedige liquiditeiten en een herstel van de export.
Het kan bijna niet anders of het ‘oude Europa’ zal profiteren van de dynamiek van overzee.
Een deel van de groei komt echter van binnen uit, maar zal anders van karakter zijn dan in 2010. In het afgelopen jaar kwam de economische stimulering vooral van de zijde van overheden.
Private sector
In 2011 zal het initiatief liggen bij de private sector. Evenals in de VS, zal de consument na enkele jaren van spaarzaamheid een grotere bereidheid aan de dag leggen om de portemonnee te trekken.
En hetzelfde geldt voor het bedrijfsleven. Dat zal na enkele jaren van terughoudendheid en herstructureringen meer gaan investeren.
Voor wie denkt, dat is allemaal wel heel erg veel zonneschijn, u hebt gelijk. Er zijn beslist enkele beren op de weg.
De belangrijkste is misschien wel de overheid. In hun streven het nationaal huishoudboekje op orde te krijgen, gaan overheden Europa breed bezuinigen of de belastingen verhogen.
Het gaat er om de juiste balans te vinden. Zo niet dan kan het overheidsbeleid veel kwaad aanrichten en het economisch herstel smoren.
Duitsland
Goed beschouwd staat en valt elke prognose over het Europese reilen en zeilen echter bij de gratie van Duitsland. De sterke exportprestaties van het land zijn in 2010 van doorslaand belang geweest om de Europese groei uit het moeras te tillen.
Tot voor kort bestond er vrees dat de Duitse opleving van tijdelijke aard zou zijn. Nu echter de wereldeconomie boven verwachting blijft presteren, ligt het in de lijn van de verwachtingen dat de Duitse exportmotor op volle toeren blijft draaien.
Binnenlandse vraag
Maar er is meer goed nieuws. Het herstel in Duitsland steunt niet langer op de exportsector. Het heeft zich verspreid naar bijna alle andere sectoren. In 2011 mogen we een sterk herstel van de binnenlandse vraag tegemoet zien.
Niet alleen de Duitse burger is in betere doen, ook het bedrijfsleven is financieel gezond en sterk. De investeringen zullen in 2011 en 2012 daarom een gezonde stijging laten zien.
Dat kan er in resulteren dat de groei in Duitsland in 2011 en misschien ook in 2012 royaal boven 2,5 procent uitkomt.
Als het in Duitsland voor de wind gaat, dan ligt het voor de hand dat buurlanden als Nederland hiervan zullen profiteren. Waarom zou de Nederlandse groei niet kunnen uitkomen in de buurt van 2 procent?
Schuldencrisis
Tenslotte kan natuurlijk ook de schuldencrisis een sta-in-de-weg zijn. Dat zal zeker het geval zijn als Spanje definitief door het schuldenvirus aangetast wordt.
Zolang dat niet het geval is en de EU straalt wat meer eensgezindheid en daadkracht uit, dan is er niet veel reden tot grote of overdreven bezorgdheid.
Cor Wijtvliet is partner bij De Weygerbergen; Bureau voor performancemeting en vermogensbegeleiding en tevens werkzaam bij Wijtvliet Research.