In Japan dreigt een recessie, in Europa stagneert de groei, maar de Amerikaanse economie blijkt in het tweede kwartaal van dit jaar de sterkste vooruitgang te hebben geboekt in 2,5 jaar. De ECB zou ondertussen een valutaoorlog hebben ontketend door de euro te verzwakken.
Dat is gunstig voor de Europese export en Amerikaanse import. De Europese economie krijgt hierdoor de kans om op te krabbelen, terwijl in de VS de Federal Reserve geen haast hoeft te maken met het verhogen van de rente om de inflatierisico’s te beteugelen. Tot zover in een notendop een samenvatting van de fundamentele achtergronden om de sterke stijging van de Amerikaanse dollar te verklaren.
De technisch analyse is echter meer geïnteresseerd in de duurzaamheid van de ingezette trend.
De vraag naar Amerikaanse dollars wordt onder andere weerspiegelt in het koersverloop van de US Dollar Index (tickersymbool DXY). Deze index liet in het afgelopen kwartaal de grootste stijging zien sinds 2008. De US Dollar index steeg met 7,7 procent van 79.775 naar 85.936, het hoogste niveau in vier jaar.
In mei 2010 bleek de stijging in een vergelijkbaar tijdbestek even groot, waarna de dollarindex weer in een rap tempo onderuit ging. Een herhaling van dit scenario kan niet worden uitgesloten. De uitstaande netto futures-posities die hedgefunds eind september aanhielden, anticiperend op een verdere stijging van de ‘greenback’, benadert het record uit 2010. En als iedereen dezelfde kant uit redeneert en handelt, dan kunnen heftige reacties optreden als de fundamenten voor de VS opeens toch zwakker blijken en/of voor Europa plotseling sterker dan verwacht.
De langetermijn grafiek van de US Dollar index is voorzien van rode pijlen boven driemaands perioden, waarin sprake was van een stijging groter dan 7,7 procent. Op basis van koersperformance is het niet eenvoudig om de toekomstige trend te voorspellen. Twee perspectieven wekken evenwel de indruk dat de Amerikaanse dollar in de komende jaren verder in waarde kan stijgen.
Het eerste perspectief wordt ingegeven door het historisch koersverloop in de periode tussen 1985 en begin 1997 (het jaar van de valutacrisis in Aziatische landen). Na 11 jaar kwam er destijds een einde aan de koersdaling van de Amerikaanse munt. Op een bijna identieke weg legt de US Dollar een glijvlucht af sinds de top in februari 2002.
De trendvolgende indicator die positieve en negatieve krachten meet en de trendvastheid probeert vast te stellen is de zogenaamde ‘Directional Movement Indicator’ (afgekort DMI). De vraagkrachten zijn groen gekleurd, de aanbodkrachten kleuren rood, terwijl de trendvastheid via de blauwe ‘ADX’-lijn bij een stijging aangeeft, welke van de twee krachten het meest dominant is.
Op basis van de technische analyse vuistregel dat de geschiedenis zich neigt te herhalen, lijkt de maandgrafiek van de US Dollar index nog het meest op die van begin 1997. Beleggingen luidende in US dollars ogen dan aantrekkelijk, terwijl de risico’s ten aanzien van een valuta-oorlog mogelijk zullen toenemen.
Edward Loef is een onafhankelijk technisch analist en in de VS geregistreerd als Certified Financial Technician bij de International Federation of Technical Analysts (IFTA).