loef.jpg

‘Iedere keer weer blijken golven van emoties door de markt heen te stromen, die de koersen soms behoorlijk kunnen beïnvloeden’, schreef Corné van Zeijl in het voorwoord van een boekje getiteld ‘Centen & Sentiment’, in 2001 gepubliceerd door Het Financieele Dagblad.

Een observatie die menig analist en belegger vast wel herkent. De verwijzing naar de uitspraak van Benjamin Graham dat het grootste probleem van een belegger – en zelfs zijn grootste vijand – waarschijnlijk de belegger zelf is, kan voor 100 procent worden beaamd.

In een researchrapport over het serieus nemen van technische analyse uitgegeven in 2007 door private bank Theodoor Gilissen Bankiers werd ingegaan op mechanische tradingsystemen. Vasant Dhar, een expert op dit gebied en grondlegger van ‘The Data Mining Group’, probeerde een antwoord te formuleren op de vraag hoe om te gaan met uitgesproken verwachtingen voor de koersvorming op Wall Street.

Om te beoordelen of zijn intuïtie juist is, screende Dhar op basis een select aantal volatility-indicatoren naar patronen die de toets des tijds hebben doorstaan met het doel hierop zijn transacties te baseren. ‘You have to be in tune with the market and be able to say, I’m smelling something here that’s worth learning about.’ 

Krantenkoppenratio 

In het hoofdstuk ‘Emoties meten’ uit ‘Centen & Sentiment’ komt onder andere de krantenkoppenratio ter sprake. Indien het financiële nieuws wordt gedomineerd door positieve uitingen op de landelijke voorpagina’s van de kranten of opiniebladen, dan is dit een eenvoudige barometer om te weten hoe goed of slecht het gaat op de beurs.

Niet zelden zijn dikke chocoladeletters op de voorpagina over de de meest actuele trend een contra-indicator. Achteraf weten we wat er is gebeurd in de aandelen-markt na 31 december 1999 toen op de voorpagina van De Telegraaf ‘Het kan niet op’ werd vermeld of de omslag van The Economist van 3 februari 2007 over de Britse economie die vermeldde ‘You’ve never had it so good’.  Maar hoe objectief zijn deze voorbeelden? 

Het antwoord ligt besloten in het adagium meten is weten. Interviews met asset managers zijn heel nuttig, want indien men massaal positief is dan mag worden verondersteld dat men hiernaar heeft gehandeld en gepositioneerd is.

Op 27 februari dit jaar berichtte NRC Handelsblad op de voorpagina over de beursrecords waarbij de vraag werd gesteld of er echt sprake is van een economisch herstel of toch weer een nieuwe zeepbel? De Telegraaf berichtte een dag later over banen voor het oprapen. Dit laatste is het spiegelbeeld van het omslagartikel van het weekblad Elsevier van 21 februari 2009. Illustratief werd een man afgebeeld die om hulp vroeg naar werk onverschillig wat. 

Intuïtief voelt de actuele situatie in de wereldaandelenmarkten aan als een nieuwe zeepbel. Een simpele objectieve technische indicator is de MACD (= afkorting voor ‘moving average convergence divergence’). De trendvolgende MACD afgeleid van de maandelijkse koersdata van de MSCI World Index wekt de indruk dat het actuele optimisme kenmerken van lucht bevat. 

MSCI World vs MACD

Edward Loef is een onafhankelijk technisch analist en in de VS geregistreerd als Certified Financial Technician bij de International Federation of Technical Analysts (IFTA).​

 

Author(s)
Categories
Access
Limited
Article type
Column
FD Article
No