gast.png

Het is al bijna weer vergeten: maar achttien jaar geleden woedde er een andere valutaoorlog, die van het Europese Monetaire Stelsel (EMS). Ik volgde die ‘oorlog’ vanuit Duitsland, waar ik correspondent was - ondermeer voor Het Financieele Dagblad.

Het was een periode waarin ook met miljarden werd gesmeten om de Europese broeders en zusters binnenboord te houden. Niet alleen de miljarden, ook de verwijten vlogen toen al over en weer over de tafel.

De Britse boulevardpers sprak over de Duitse Bundesbank als ‘Bundesbunker’, een smakeloze verwijzing naar de Führerbunker van waaruit Adolf Hitler in de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog de strijd tegen de geallieerden had gevoerd.

Bloedspoor
De Britten waren witheet, want Bundesbankpresident Helmut Schlesinger had na de devaluatie van de Italiaanse lire gezegd ‘dat nog niet alle problemen waren opgelost’.

Dat was als een bloedspoor voor de financiële markten, die de achtervolging inzetten op het Britse pond. De munt werd aan flarden gescheurd en Groot-Brittannië moest uit het EMS. George Soros die hierop speculeerde, werd een miljard dollar rijker.

Slangakkoord
Het pond werd woensdag 16 september 1992 uit het EMS gedrukt. Het staat in de Britse annalen als ‘Black Wednesday’, een gebeurtenis waarvoor Duitsland alle verwijten kreeg, maar dat was terug te voeren op het feit dat de Britse regering het pond tegen een (te) hoge koers in het slangakkoord had gebracht (1 pond = 2,95 D-mark).

Prestige en misplaatste zelfoverschatting zijn van alle tijden - ook nu moet Europa weer diep in de buidel tasten voor lidstaten en regeringspolitici die de kracht van hun economieën zwaar hebben overschat.

Te grote voet
Veel van de Europese lidstaten zijn tegen een te gunstige koers in de eurozone gekomen en sommigen hebben dat zelfs met list en bedrog gedaan. Jarenlang ging dat goed, dankzij een voorspoedige economische ontwikkeling. Maar met de kredietcrisis zijn vastgoedbubbels gebarsten en blijken overheden en burgers op veel te grote voet te hebben geleefd.

Ook nu worden de Duitsers weer bittere verwijten gemaakt: ze blazen de eurozone op met hun waarschuwingen aan het adres van lidstaten, regeringen en beleggers.

Vergeten wordt dat Duitsland een tienjarige periode van harde aanpassingen achter de rug heeft en dankzij forse loonmatiging zijn concurrentiepositie heeft versterkt. Het gevolg van deze aanpassingen in Standort Deutschland is dat economie en bedrijfslenven nu op grote schaal profiteren van de groei in Azië en de vraag naar kapitaalgoederen.

Crisis van epische omvang
De kracht van de Duitsers, is de zwakte van de andere eurolanden. Werden in het verleden de krachtsverschillen weggemasseerd in een aanpassing van de onderlinge valutaverhoudingen, nu eisen beleggers een risicopremie op de staatsobligaties. Dat doet pijn als staten schuldenproblemen hebben die van epische omvang zijn.

De Duitsers plaatst de huidige crisis voor een prisoner’s dilemma: ze profiteren van de zwakke euro, omdat het ze een sterke concurrentiepositie in Azië geeft, maar in Duitsland zelf ligt de zwakte van de euro zéér gevoelig.

Hyperinflatie
De hyperinflatie van de jaren twintig is er in het collectieve geheugen gebrand. Indertijd hebben de Duitsers de D-mark weggegeven, omdat hen een sterke euro in het vooruitzicht werd gesteld.

Nu de euro iedere dag aan kracht en prestige verliest, neemt de steun voor die gemeenschappelijke munt in Duitsland af.  Het risico van ‘tot hier en niet verder’ is reëel. De uitkomst van het eurospel wordt uiteindelijk aan de Duitse Stammtisch en het kieshokje bepaald.

Cees van Lotringen in hoofdredacteur van Fondsnieuws. 

Categories
Access
Limited
Article type
Column
FD Article
No