Resultaten uit het verleden vormen geen garantie voor de toekomst. Maar ze zetten wel de toon bij voorspellingen. Een jaar geleden waren de prognoses voor de koersontwikkeling van aandelen in 2012 voorzichtig, mede omdat voorspellers het flauwe beursklimaat van 2011 extrapoleerden.
2012 is echter een goed jaar gebleken, en de consensus over 2013 is dus positief. Is dat gerechtvaardigd?
Voor beleggers in aandelen zijn de afgelopen vijf jaar allesbehalve saai geweest. In 2008 kregen ze de Grote Crisis en in 2009/2010 het Grote Herstel. Daarna, vanaf medio 2010, veranderde de beleggingsomgeving. In een traag groeiende wereldeconomie werden besluiten van centrale banken de belangrijkste bepalende factor voor het beleggerssentiment, meer nog dan bedrijfswinsten.
Liquiditeitsinjecties
De rente daalde en de economische cyclus begon het ritme van de liquiditeitsinjecties door centrale banken te volgen. De op- en neergang duurde doorgaans niet langer dan zo’n zes maanden.
Als gevolg hiervan is de invloed van liquiditeit op de aandelenmarkten groter geworden dan die van bedrijfswinsten. In 2011 verrasten winstcijfers in positieve zin, maar desondanks daalden de aandelenkoersen, omdat de ECB te weinig daadkracht toonde. In 2012 gebeurde precies het tegenovergestelde. Winstcijfers stelden teleur, maar centrale banken niet.
Riskante vermogenssoorten
Het lijdt geen twijfel dat een zeer lage rente in combinatie met een verminderd systeemrisico positief werkt voor relatief hoogrenderende, riskante vermogenssoorten, zoals aandelen, vastgoed, schuldbewijzen van opkomende markten en high yield obligaties. En hoewel veel brokers nog steeds te optimistisch zijn over de winstgroei in 2013 (we verwachten slechts een paar procent groei), zijn de over het algemeen positieve prognoses voor deze vermogenssoorten dus wel begrijpelijk.
Desalniettemin blijven er belangrijke risicofactoren: de angst voor beleidsfouten door centrale banken is weliswaar afgenomen, maar datzelfde kan (nog) niet worden gezegd over het beleid van regeringen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de ‘fiscal cliff’ discussie en de aankomende verkiezingen in Italië en Duitsland. Hoewel we nu een opleving van de economische cyclus in de VS en Azië zien, is het nog steeds twijfelachtig of dit méér zal blijken te zijn dan een van die uitslagen van de zesmaandelijkse ‘slinger’.
Herstel
Als we de stabielere beleidsomgeving in aanmerking nemen, denken we dat de kans dat de huidige opleving van de wereldeconomie langer duurt dan de vorige iets groter is geworden. Maar zelfs dan kunnen beleggers in aandelen maar beter niet hopen dat er binnenkort een substantieel economisch herstel optreedt, want daarmee zou de vrees ontstaan dat er in 2014 een einde komt aan het soepele monetaire beleid.
Die vrees zou het positieve effect van hogere bedrijfswinsten waarschijnlijk teniet doen. In de huidige door liquiditeit gedreven financiële markten hebben aandelen de beste vooruitzichten als de wereldeconomie rustig voortstrompelt, zonder grote verstoringen.
Saai is soms zo gek nog niet.
Ad van Tiggelen is senior strateeg van ING Investment Management.
De informatie in deze column dient niet te worden opgevat als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling, aanbod of uitnodiging om effecten te kopen, te verkopen of anderszins te verhandelen.