slijkerman.png

De crisis heeft aangetoond dat banken onvoldoende reserves hadden om een periode van turbulentie te weerstaan. Nieuwe kapitaaleisen zorgen voor een betere risicobestendigheid.

Meer eigen vermogen verhoogt echter de financieringslasten van banken.Door strengere eisen worden leningen die banken aan bedrijven verstekken duurder. Toch is die strengheid nodig.

Een versimpelde balans van een bank bestaat uit drie onderdelen: de bezittingen (de leningen aan consumenten en bedrijven) en twee soorten verplichtingen: aangetrokken geld (uw en mijn spaargeld) en het eigen vermogen van aandeelhouders.

Kosten eigen vermogen
De kosten van dat eigen vermogen zijn hoger dan de kosten van het spaargeld omdat de aandeelhouders risico lopen en daarvoor betaald willen worden.

Spaargeld is goedkoper want bovenop de lage rente betaalt de bank nauwelijks een risicopremie: de staat garandeert tegenwoordig immers de eerste 100.000 euro spaargeld.

Enkele banken financieren hun uitstaande leningen met relatief veel spaargeld en weinig eigen vermogen: dat zorgt voor een hoge ‘hefboom’. De verhouding tussen spaargeld en vermogen kan flink oplopen.

Neem bijvoorbeeld een bestaande Duitse bank die actief is in de financiering van schepen en vastgoed. Deze bank had in 2008 ongeveer 200 miljard euro aan uitstaande leningen en een eigen vermogen van 4 miljard euro: een hefboom van 50.

Wanneer deze bank 0,2 procent opslag rekent op de leningen aan klanten, betekent dit een winst voor de aandeelhouder van ongeveer 10 procent (50x0,2 procent).

Kredietportefeuille
Bij verliezen in de kredietportefeuille werkt de hefboom uiteraard de andere kant op. Als de bank een verlies leidt op de leningen van 0,5 procent (1 procent van de klanten betaalt de helft van de lening terug), dan is dat gelijk aan 1 miljard euro, ofwel 25 procent van het eigen vermogen van de Duitse bank!

Tijdens een crisis zal dit vermogen moeilijk opnieuw kunnen worden aangevuld, zodat de bank niet meer aan de solvabiliteitseisen voldoet.

Is zo’n verlies van 0,5 procent hoog? Gezien de waardedalingen tijdens crises van zowel vastgoed als schepen is dit niet onwaarschijnlijk. Bij een verlies van 2 procent is het eigen vermogen zelfs verdwenen. Het is daarom noodzakelijk dat banken met een grote hefboom deze verkleinen.

Profiteren van hefboom
Als toezichthouders de hefboom halveren van 50 naar 25 om banken veiliger te maken, betekent dit wel dat de renteopslag voor klanten verdubbelt naar 0,4 procent om nog een rendement van 10 procent voor de aandeelhouder te behalen. Een noodzakelijk kwaad wat mij betreft.

Voor aandeelhouders is een kleinere hefboom minder prettig nieuws. Met een grote hefboom hadden zij een grote kans op een mooi rendement en een kleine kans alles te verliezen.

Er zijn weinig crises, dus in de meeste jaren kan men profiteren van de hefboom. Al met al is goed dat het financiële systeem beter wordt, ook al betalen bedrijven straks iets meer voor hun bankschuld.

J.F. Slijkerman is belegger high yield obligaties bij Aegon Asset Management.

De informatie in deze column dient niet te worden opgevat als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling, aanbod of uitnodiging om effecten te kopen, te verkopen of anderszins te verhandelen.

 

Categories
Access
Limited
Article type
Column
FD Article
No