Onlangs sprak ik op F&C’s jaarlijkse macro-economische seminar in Amsterdam. Mijn toespraak ging over pensioenregelgeving, het Financiële Toetsingskader en het gebruik van marktwaarderingen en renteswaps voor pensioenfondsen.
De overige sprekers waren macro-economen en strategen. Iedereen uitte zijn bezorgdheid over de huidige renteniveaus en was het eens over de toekomstige verwachtingen van financiële markten dat rentes en inflatie waarschijnlijk zouden stijgen in de nabije toekomst.
Ook zelf uitte ik mijn verwachting dat rentes wellicht zouden gaan stijgen.
Renteverwachting: belangrijk voor tijdswaarde
Waar die bezorgdheid vandaan kwam en waarom die verwachtingen zo belangrijk zijn is niet moeilijk. Omdat pensioenverplichtingen gezien worden als toekomstige kasstromen wordt aan deze verplichtingen een tijdswaarde toebedeeld.
Dit is niets bijzonders; mijn zoontje van acht begrijpt ook al tijdswaarde. Een fiets voor Kerst of zijn verjaardag is minder waard dan een fiets vandaag.
Hoeveel die pensioenverplichtingen waard zijn, is vastgelegd in het Financiële Toetsingskader (FTK) van De Nederlandsche Bank. Gaan swaprentes omhoog, dan is het pensioenfonds beter af, gaan ze omlaag, dan daalt de dekkingsgraad.
Reduceren
Tijdens mijn presentatie heb ik mij uitgesproken voor het verder reduceren van renterisico. Dit betekent ook dat verdere rentestijgingen de positie van pensioenfondsen niet verder verbetert.
Aan het eind van mijn betoog hadden vele aanwezigen dezelfde vraag: hoe kon ik het verder verminderen van het renterisico rechtvaardigen in het licht van een stijgende rente?
Praktijkvoorbeeld
Ter illustratie van mijn betoog heb ik gebruik gemaakt van een voorbeeld uit mijn verleden als bankier:
Aan het begin van deze eeuw was mijn toenmalige werkgever uitgegroeid tot één van de grootste handelshuizen in de wereld, met balansposities (en dus risicoposities) over de hele wereld in alle soorten financiële instrumenten en financiële markten.
Al deze posities werden genomen met een bepaalde rendementsvisie en werden individueel, maar ook op balansniveau in de gaten gehouden. Op elk moment kon berekend worden hoeveel de onderneming in een dag zou kunnen verliezen.
‘worst-case’ scenariosysteem
Wat men had ontwikkeld in de jaren negentig, was een ‘worst-case’ scenariosysteem, dat niet alleen risico’s in de gaten hield onder normale omstandigheden, maar die ook gevallen in ogenschouw neemt waarin de veronderstellingen onjuist bleken te zijn.
Dit risicomanagementsysteem berekende driemaal per etmaal hoe de bank zou varen in een groot aantal extreme scenario’s. Deze scenario’s omvatten crises (zoals de Mexicaanse Peso crisis en LTCM) en werden voortdurend bijgewerkt met nieuwe scenario’s.
Dit systeem toonde aan wat er zou gebeuren als alles mis ging. Hierdoor was het management van deze bank voortdurend ‘in control’ en ongewenste of onbeheersbare risico’s werden zo onmiddellijk teruggebracht. Ik denk persoonlijk nog steeds dat indien Lehman een soortgelijk systeem voor risicobeheer had gehad, ze wellicht nu nog steeds bestonden.
Bepaal een beleid en wees voorbereid
Dus zelfs met een sterke overtuiging moet een pensioenfonds er ook voor zorgen dat het zich kan veroorloven om er naast te zitten. Laten we eerlijk zijn: iedereen had het mis in de aandelenmarkt en rendement op aandelen is nog steeds nul sinds begin deze eeuw. Kunnen we het ons veroorloven als we de rentevisie ook fout hebben de komende tien jaar?
Mochten mijn kinderen ooit zelf een gezin hebben, dan hoop ik dat ik als grootvader die fiets voor Kerst kan kopen omdat mijn pensioenfonds ondanks de verwachtingen, toch gedekt was tegen een ‘Japanse’ recessie.
Jeroen Wilbrink is Investment Director European LDI & Fiduciary bij F&C Groep.
De informatie in deze column dient niet te worden opgevat als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling, aanbod of uitnodiging effecten te kopen, te verkopen of anderszins te verhandelen.