degraaf.png

Mike Mayo is één van de bekendste bankanalisten op Wall Street. Dit is zowel het gevolg van zijn lange staat van dienst - hij is al sinds begin jaren negentig actief - als van zijn soms controversiële voorspellingen over de sector.

In zijn boek Exile on Wall Street; One Analyst’s Fight to Save the Big Banks from Themselves bespreekt hij het verloop van zijn carriëre en de gevechten die hij heeft moeten leveren om zo onafhankelijk mogelijk zijn mening te kunnen geven over de banken die hij volgt. Gevechten, niet alleen met banken die het niet eens waren met zijn verkoopadviezen, maar vooral met zijn (voormalige) werkgevers die bang waren lucratieve investment banking-opdrachten van diezelfde banken mis te lopen door de duidelijke taal van Mayo.

Outsider status
Mike Mayo heeft initieel veel moeite om überhaupt een baan te krijgen op Wall Street. Zijn familie is niet rijk en heeft geen connecties. Ook zijn bachelorstudie aan de University of Maryland en zijn MBA aan de George Washington University zijn niet de standaard vooropleidingen voor een baan op Wall Street.

Vele brieven, interviews en vijf jaar als banktoezichthouder bij de Federal Reserve in Washington later krijgt hij eindelijk een baan aangeboden als junior analist bij UBS.

Na twee jaar UBS besluit Mayo over te stappen naar het grotere Lehman Brothers. Hier krijgt hij voor het eerst echt te maken met de macht van investment bankers. Die zijn niet gediend van zijn kritische visie ten aanzien van hun klanten en daarom zorgen ze ervoor dat hij intern slechte beoordelingen krijgt.

Een overstap naar Credit Suisse lijkt in eerste instantie een goede zet te zijn, maar nadat Mayo in mei 1999 de hele bankensector op een ‘sell’ zet, beginnen ook hier allerlei partijen aan zijn stoelpoten te zagen. Ondanks zijn toprating in de Institutional Investor-verkiezing is hij de enige managing director die na de overname van concurrent Donaldson, Lufkin & Jenrette (DLJ) zijn biezen moet pakken.

Citigroup
Mayo vindt Citigroup de bank waar alles wat mis is met het Amerikaanse bankensysteem samen komt. Keer op keer brengt Citigroup zichzelf in de problemen door slecht risicobeheer, agressieve groei en agressieve accounting, terwijl het topmanagement zichzelf rijkelijk beloont. Tot Mayo’s afgrijzen lijkt Citigroup niets geleerd te hebben van de recente crisis.

De groei-ambities zijn ouderwets hoog (5 procent balansgroei per jaar) en het nieuwe beloningsbeleid zorgt ervoor dat het management zeer riante bonussen krijgt, zelfs bij het matig presteren van de bank.

Oplossingen
Ondanks zijn achtergrond als toezichthouder en zijn diverse ervaringen denkt Mayo niet dat meer toezicht bankencrises kan voorkomen.

Hij gelooft meer in de tucht van de markt, geholpen door meer transparantie en betere boekhoudregels. Ook moeten slechte banken failliet kunnen gaan; in zijn ogen werkt dit disciplinerend ten opzichte van andere banken. Ten slotte moeten raden van commissarissen beter toezicht houden dan ze nu doen.

Het is een vlot geschreven boek waar je in minder dan een weekend doorheen leest. Het is door de opzet een wat eenzijdig, maar naar mijn inschatting grotendeels accuraat, beeld van hoe het eraan toeging binnen investment banks in de jaren negentig en aan het begin van deze eeuw.

Ook de hoofdstukken over Citigroup zijn zeer leerzaam, Maar ik had al met al gehoopt op een duidelijkere en uitgebreidere visie ten aanzien van het voorkomen van toekomstige bankencrises. Aan deze discussie voegt Mayo helaas niet veel nieuws toe.

Joost de Graaf is senior portfolio manager van het hoogdividendaandelenteam van Kempen Capital Management.

De Graaf schrijft op persoonlijke titel recensies over een voor professionele beleggers relevant boek.

De informatie in deze book review dient niet te worden opgevat als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling, aanbod of uitnodiging om effecten te kopen, te verkopen of anderszins te verhandelen.

 

 

Author(s)
Categories
Access
Limited
Article type
Column
FD Article
No