Als Nederland niet fors hervormt en alleen het staatshoofd van persoon verandert, markeert de aanstaande troonwisseling het moment vanaf wanneer de rente flink gaat stijgen.
Op 30 april komt een einde aan de drieëndertig jaar durende regeerperiode van koningin Beatrix. Destijds, in 1980, was de hoofdstad in oorlog met krakers, de economie in recessie met torenhoge inflatie en beleefden obligatiemarkten de hoogste rentes in vredestijd.
Daaraan werd een einde gemaakt, en niet alleen in Nederland. In de VS greep de voorzitter van de centrale bank Paul Volcker hard in om de inflatie in het gareel te krijgen. In Nederland volgde in 1982 het akkoord van Wassenaar met het beleid van loonmatiging.
Bullmarkt voor obligaties
Tientallen jaren was Nederland bezig om de economische crisis van de jaren ’70 de baas te worden. Een tijd van zuinigheid en soberheid. Beatrix, in alles de serieuze professional, was de belichaming van deze zakelijke aanpak. Niet geheel toevallig valt haar koningschap samen met een lange periode van sanering van de overheidsfinanciën, van dalende inflatie en rentes, en daarmee van een uitzonderlijke bullmarkt voor obligaties.
De eerste staatslening onder Beatrix kende een rente van maar liefst 12,75%. De tienjaars rente is geslonken tot 1,75 % bij het aantreden van Willem-Alexander.
Volgens een aantal historici zal de regeerstijl van de nieuwe koning meer op die van zijn oma gaan lijken dan op die van zijn moeder. Zo zegt hij geen ‘protocol-fetisjist’ te zijn; mensen mogen hem aanspreken zoals ze willen. Dat doet meer denken aan het ‘mevrouw’ waarmee koningin Juliana zich liet aanspreken dan het ‘majesteit’ waar zijn moeder aan hechtte.
Juliana stond niet alleen voor een lossere stijl, haar tijdperk werd ook gekenmerkt door lossere financieel-economische omstandigheden. Daar waar onder Beatrix een ongekende rentedaling plaatsvond, was diezelfde rente onder haar moeder flink opgelopen.
Draai op de rentemarkten?
Staan wij nu weer aan de vooravond van een draai op de rentemarkten? Feit is dat centrale banken weer massaal zijn uitgerukt, maar nu precies het tegenovergestelde doen van de vroege jaren ’80. Niet de teugels aantrekken, maar juist een minder strenge discipline. Terwijl de Amerikaanse Fed volop het beleid van monetaire verruiming inzet om de economie te steunen, proberen ook de Europese en Japanse centrale banken de inflatie en groei aan te jagen. Inzet is om zowel groei als inflatie op een structureel hoger niveau te brengen om de te hoge schulden de baas te worden.
Met het vertrek van Beatrix komt de komende jaren een einde aan een tijd waarin staatsobligaties een goed renderende beleggingscategorie waren. De vraag is niet of de rente gaat stijgen maar hoe sterk? Dit hangt niet alleen af van het beleid van de centrale banken maar ook van het succes van structurele hervormingen.
Op het gebied van de arbeidsmarkt, woningmarkt en pensioenen dient het concurrentievermogen van onze economie structureel te verbeteren. Als deze hervormingen niet van de grond komen, dan normaliseren de rentes niet naar 3 tot 4 procent maar schieten ze onvermijdelijk door naar veel hogere niveaus. Daarmee zou Willem-Alexander zich in zijn regeerperiode wel van zijn moeder onderscheiden, maar meer op zijn oma lijken dan Nederland lief is.
Lars Dijkstra is chief investment officer bij Kempen Capital Management