maarten_jan_bakkum_0.jpg

Het blijft een prima jaar voor opkomende markten. De groei trekt duidelijk aan in de meeste landen, inflatie is nog nooit zo laag geweest, rentes dalen en aandelen presteren duidelijk beter dan in ontwikkelde markten.

Het verschil in aandelenperformance ten opzichte van ontwikkelde markten is dit jaar inmiddels opgelopen tot boven de 10 procentpunten. Veel van dit succes kan herleid worden naar twee factoren: de perceptie van lager systeemrisico in China en de aanhoudend lage rentes in de VS en Europa.

Het grootste probleem voor opkomende markten in de voorgaande jaren lag in China: een versnellende groeivertraging in combinatie met kapitaalvlucht en een snel oplopende schuldquote. In 2015 en begin 2016 bereikte de angst voor een potentiële systeemcrisis in China dusdanig hoge niveaus dat financiële markten wereldwijd er last van kregen. Met name opkomende markten werden hard geraakt via kapitaaluitstroom en scherpe valutadepreciaties.

Sindsdien zijn de autoriteiten in Beijing erin geslaagd de ergste zorgen weg te nemen. Via verregaande kapitaalrestricties werd de uitstroom van kapitaal ingedamd en via gericht stimuleringsbeleid werd de economische groeidaling gestopt. Met name de aantrekkende huizenmarkt heeft een belangrijke rol in het vertrouwensherstel gespeeld. En sinds het eind van 2016 heeft de strakkere regulering van de zogenaamde schaduwbanken, die verantwoordelijk zijn voor de meeste kredietgroei van de laatste jaren, zeker ook geholpen.

Van latere zorg

Al met al is de perceptie onder beleggers van het Chinese systeemrisico enorm verbeterd. Dit is goed te zien aan de Chinese CDS (credit default swaps) spreads, die sinds februari 2016 sterk gedaald zijn en inmiddels weer terug zijn op de lage niveaus van voor 2014. Desondanks blijven er veel vragen over de houdbaarheid van het door krediet gedreven Chinese groeimodel. Maar dat is van latere zorg. Zolang er nog steeds Chinees risico uitgeprijsd wordt, hebben opkomende markten het tij mee.

En dan de andere factor die het herstel van opkomende markten de afgelopen tijd mogelijk heeft gemaakt: het alsmaar durende soepele monetaire beleid in de VS en Europa. In de loop van dit jaar is geleidelijk aan de eerder verwachte verkrapping van beleid weer uit zicht geraakt. Dit betekent dat rentes in de VS en Europa niet of nauwelijks stijgen en dat de risicobereidheid onder beleggers om rendement te zoeken in opkomende markten onveranderd hoog blijft.

Het gevolg: sterke kapitaalinstroom met appreciërende munten en dalende rentes.

Gunstige omgeving

Het effect hiervan begint duidelijk zichtbaar te worden in hogere kredietgroei en een snellere toename van zowel consumptie als investeringen. De laatste inflatiecijfers in de VS en Europa en de geluiden vanuit de Fed en ECB lijken er niet op te wijzen dat deze gunstige omgeving voor opkomende markten op korte termijn veel zal veranderen.

Met de perceptie in de markt dat de Chinese economie haar hoge groeiniveaus voorlopig vast kan houden en met weinig reden tot zorg over de rentes in ontwikkelde markten, houden opkomende markten de wind in de rug.

Maarten-Jan Bakkum is senior strateeg opkomende markten bij NN Investment Partners. 

De informatie in deze column dient niet te worden opgevat als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling, aanbod of uitnodiging om effecten te kopen, te verkopen of anderszins te verhandelen.

 

Author(s)
Categories
Access
Limited
Article type
Column
FD Article
No