Een volledige generatie Chinezen heeft nooit een economische crisis meegemaakt. Sinds Deng Xiaoping in 1979 de economie begon te liberaliseren, heeft de overheid een fantastisch track record gehad.
Praktisch alle economische beslissingen pakten goed uit en als het even tegenzat, kon de regering meestal snel voor een oplossing zorgen. Alles was gericht op groeimaximalisatie. De concentratie van de macht maakte het mogelijk voor beleidsmakers om te allen tijde daadkrachtig en effectief te zijn. Dit verklaart waarom zoveel Chinezen een blind vertrouwen hebben in de overheid.
Nu de economie alweer vijf jaar aan het vertragen is, wordt het moeilijk voor de Chinese autoriteiten hun goede track record te bewaren. Groeimaximalisatie is niet langer het hoogste doel. Door excessieve kredietverlening en investeringsgroei is het financiële systeem kwetsbaar geworden. De focus is meer komen te liggen op efficiëntere en evenwichtigere groei, althans dat is de partijlijn. De vergrijzing en de krimp van het werkende deel van de bevolking maken het huidige groeimodel onhoudbaar. Snelle urbanisatie en industrialisatie hebben gezorgd voor een ongekende welvaartssprong, maar hebben tegelijkertijd het leefmilieu dramatisch aangetast. Dit zijn problemen die een andere aanpak vereisen. De beleidsoplossingen uit het verleden zijn niet langer bruikbaar.
Paniek is een groot woord, maar soms lijkt het erop dat de Chinese overheid niet goed weet hoe ze de economische groeivertraging moet managen. Het risico is groot dat er verkeerde keuzes gemaakt worden, bijvoorbeeld dat de krediet- en investeringsgroei langdurig te hoog wordt gehouden, zodat de druk op het financiële systeem blijft toenemen. Of dat de verliesgevende staal-, ijzererts- of steenkoolindustrieën, die met enorme overcapaciteit kampen, te lang in stand worden gehouden, zodat de financiële risico’s voor de banken en lokale overheden onhoudbaar worden en de luchtvervuiling nog erger wordt dan ze al is.
De Chinese economie en haar beleidsmakers hebben een kritiek punt bereikt. Alleen met draconische stimuleringsmaatregelen kan de vertraging gestopt worden. De rekening van nog meer kredietgedreven groei zal uiteindelijk hoog zijn en betaald worden via faillissementen en mogelijk een bankencrisis. Toch lijkt het er nu op dat de regering dit onzekere pad prefereert boven wat meer pijn op de korte termijn.
Uit de sterke stijging van de Chinese aandelenmarkten de laatste maanden blijkt dat de Chinese burger nog steeds een grenzeloos vertrouwen in de Chinese overheid heeft. De koersen schieten omhoog bij elke indicatie dat er meer stimuleringsmaatregelen in het vat zitten. Terwijl buitenlanders de markt verlaten, lijken de Chinese beleggers volledig voorbij te gaan aan de risico’s, die met de dag groter worden. Maar ja, een regering die de controle verliest over de economie en grote beleidsfouten maakt, is geen onderdeel van het Chinese collectieve geheugen.
Maarten-Jan Bakkum is beleggingsstrateeg opkomende markten bij ING Investment Management.
De informatie in deze column dient niet te worden opgevat als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling, aanbod of uitnodiging om effecten te kopen, te verkopen of anderszins te verhandelen.