maarten_jan_bakkum_0.jpg

Tussen de Azië-crisis en de kredietcrisis van 2008 groeide China gemiddeld met 10 procent per jaar. Inmiddels is de integratie van China in de wereldeconomie vergevorderd en komen er per saldo geen nieuwe mensen meer bij op de Chinese arbeidsmarkt.

Ook is er een ongekende slag gemaakt qua infrastructuur en is er een overschot aan nieuwe woningen.

Bovendien is het financiële systeem flink opgerekt door de explosieve kredietgroei van de laatste jaren, waardoor de ruimte voor nieuw krediet beperkt is. In een positief scenario van geleidelijk afzwakkende groei, zonder kredietcrisis, zou China met hooguit 5 procent op jaarbasis kunnen groeien de komende tien jaar.

Schimmig

Echt controversieel is deze analyse niet meer. Lastiger is het om uit te vinden wat de huidige staat van de Chinese economie is, waar de prioriteiten van de beleidsmakers liggen en hoe dus de groeivooruitzichten van de komende kwartalen zijn.

Nadat de economische groei in het eerste kwartaal 6 procent bereikt had en het China-sentiment onder beleggers tot een veeljarig dieptepunt was gedaald, begon in april de lucht wat op te klaren. De eerste tekenen van nieuwe stimuleringsmaatregelen kwamen door en enkele vroeg-cyclische indicatoren begonnen te stijgen. In mei ging de Chinese aandelenmarkt duidelijk beter presteren dan andere opkomende markten. En toen in juli bleek dat de kredietgroei in juni sterk gestegen was, zagen beleggers het definitieve bewijs van een nieuwe groei-acceleratie.

De zorgen over de kwetsbaarheid van het financiële systeem konden in de ijskast. En daarmee ook veel van de groeizorgen voor de hele opkomende wereld.

Ommekeer

Weer een maand later bleek opeens dat de kredietgroei weer sterk gedaald was. Juli’s groeivertraging was net zo groot als de groeiversnelling in juni. Op zichzelf prima natuurlijk. Want had de excessieve kredietgroei van de afgelopen jaren niet voor een groter systeemrisico gezorgd? Maar wat blijft er nu nog over van de overtuiging in de markt dat de Chinese economische groei weer aan het aantrekken was? En dat er een eind was gekomen aan de groeivertraging in de hele opkomende wereld?

Normaal gesproken niet veel. Want behalve de kredietgroei was ook de importgroei een stuk lager. Investeringsgroei, in China de grootste component van het BBP, daalde zelfs met twee procentpunten in juli.

Onontkoombaar

De structurele groeivertraging in China is onontkoombaar. Hier zijn goede en logische argumenten voor. Nieuwe stimuleringspakketten zullen komen en gaan. Elke keer met minder impact. Voor de opkomende wereld blijft de Chinese vertraging het grootste risico.

In een scenario van een geleidelijke vertraging betekent het dat de Chinese vraag naar grondstoffen elk jaar langzamer zal toenemen. In een kredietcrisisscenario zal die vraag flink dalen. De betere Chinese cijfers tussen april en juni waren niet meer dan een schijnbeweging.

Maarten-Jan Bakkum is beleggingsstrateeg opkomende markten bij ING Investment Management.

De informatie in deze column dient niet te worden opgevat als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling, aanbod of uitnodiging om effecten te kopen, te verkopen of anderszins te verhandelen.

Author(s)
Categories
Access
Limited
Article type
Column
FD Article
No