Stibbe_S. Buijn_028.jpg

De discussie is bijna zo oud als het beleggen zelf: wat geeft een beter rendement, een actief of een passief beheerd beleggingsfonds?

Een passief beheerd fonds belegt doorgaans in trackers. Dat zijn fondsen die een index of benchmark volgen, doorgaans door in die effecten te beleggen waaraan die index of benchmark is gerelateerd. Automatisch vermogensbeheer als het ware.

De beheerskosten van zo’n fonds zijn minimaal en de kosten voor de belegger dus doorgaans ook. Nadeel is dat het domweg volgen van de koersontwikkeling van een vooraf gekozen groep effecten ongelukkig kan uitpakken als er geen enkele beoordeling van die koersontwikkeling plaatsvindt.

Betere resultaten?
Er zijn hele studies van Nobelprijswinnaars over dit onderwerp verschenen, maar de uitkomst blijft onbeslist. In het algemeen valt niet te zeggen of actief dan wel passief beheer tot betere resultaten leidt.

Des te opvallender dat de AFM nu weet hoe het zit. In de door haar op 20 oktober 2011 gepubliceerde Leidraad actief en passief beleggen in het belang van de klant wordt subtiel maar onmiskenbaar een voorkeur uitgesproken voor passief beheerde fondsen.

Bevoegdheid AFM?
Allereerst rijst de vraag waar AFM de bevoegdheid tot deze aanbeveling vandaan haalt. Niet uit de wet of andere regelgeving in ieder geval. De AFM rekent het blijkbaar zelf tot haar taak dit soort aanbevelingen te doen. En dat is minder onschuldig dan het misschien lijkt.

Daarbij is de aanbeveling ook onnodig, nu de Wet op het financieel toezicht al met zoveel woorden het met onnodig hoge frequentie uitvoeren van transacties, het zogenaamde ‘churning’, niet toestaat. Ook het in rekening brengen van onevenredig hoge commissies of andere kosten is niet geoorloofd.

 
De kop van het AFM-bericht dat de Leidraad toelicht is neutraal: ‘AFM roept financiële ondernemers op bewuster om te gaan met actief en passief beleggen’. Daar kun je weinig tegenin brengen.

Bijzonder moeilijk
Maar wie verder leest komt zinnen tegen als ‘Wetenschappelijk onderzoek is kritisch over de prestaties van actieve fondsen’. En: ‘De financiële onderneming dient zich te realiseren dat het bijzonder moeilijk is vooraf de actieve fondsen te selecteren die, na aftrek van kosten, een hoger rendement van de index zullen halen.’

De AFM verwacht blijkbaar meer netto rendement van passief dan van actief beheerde fondsen. De tegenstelling die zij daarmee aanbrengt, is overigens verrassend simpel: je hebt passief en je hebt actief, en daartussen moet je kiezen.

 
De werkelijkheid is - zoals vaak - iets complexer. Zo is intelligent passief beleggen altijd ook actief, in die zin dat wordt ingegrepen als de index een al te grote daling vertoont.

Niet bij voorbaat verstandig
En actief beleggen gebeurt bijna altijd deels in passief beheerde fondsen. Daarbij is in een tijd waarin koersontwikkelingen grillig en emotiegedreven zijn, de ‘automatische belegging’ niet bij voorbaat de verstandige keuze.

 
De AFM gaat met de aanbeveling niet alleen buiten haar boekje, zij beïnvloedt ook het gedrag van beleggers en fondsbeheerders. De aanbeveling, hoe ongefundeerd ook, zal gaan meewegen in de beleggingsbeslissingen van de beheerder. Ook kan het AFM-advies een rol gaan spelen in de beoordeling of er sprake is van prudent beheer. De teleurgestelde belegger krijgt een stok om zijn niet louter passief acterende vermogensbeheerder te slaan. De toezichthouder als stoorzender.
 
Geen Nobelprijs voor de AFM dit jaar.

Paul Quist is notaris en lid van de Investment Management Group van Stibbe Amsterdam.

Author(s)
Categories
Access
Limited
Article type
Column
FD Article
No