Three is a crowd? Niet als het aan ondernemers ligt die aan ‘crowdfunding’ doen. Dergelijke ondernemers gaan niet naar een bank om hun startkapitaal te vergaren, maar doen rechtstreeks een beroep op het brede publiek om hun initiatief financieel te ondersteunen.
Deelnemen kan vaak al voor kleine bedragen, bijvoorbeeld 5 of 10 euro. Hoe meer investeerders – of in crowdfundingterminologie: believers – deelnemen, hoe groter het bijeengebrachte kapitaal.
Hoe meer zielen hoe meer vreugd dus. Voorbeelden zijn Tenpages (boeken), Sellaband (muziek, inmiddels ter ziele), Kiva (microfinanciering aan ondernemers in ontwikkelingslanden), spot.us (financiering van onderzoeksjournalistiek) en Kickstarter (allerlei projecten, variërend van film en software tot de ontwikkeling van een nieuw soort thermosfles).
Al deze initiatieven hebben gemeen dat traditionele tussenpersonen worden uitgeschakeld. Tenpages elimineert de uitgeverij, Sellaband de platenmaatschappij.
Geen bank meer nodig
Ook een bank is niet meer nodig. Een traditionele bank haalt spaargeld op een leent dat vervolgens weer uit. Crowdfunding biedt de spaarder en de kredietnemer de mogelijkheid om rechtstreeks met elkaar te handelen, zonder tussenkomst van een bank.
Internet speelt daarbij een grote rol. Dankzij Internet kunnen vragers en aanbieders van kapitaal elkaar veel beter vinden.
Crowdfunding vult het gat tussen de bedragen die ‘familie en vrienden’ nog kunnen en willen ophoesten om een startende ondernemer in het zadel te helpen, en de veel grotere bedragen waar professionele investeerders of kredietverstrekkers pas hun bed voor uitkomen.
In de praktijk wordt crowdfunding vooral toegepast voor het ophalen van bedragen variërend van – zeg – tienduizend tot honderd- à honderdvijftigduizend euro.
Crowdfunding staat in allerlei opzichten haaks op het traditionele denken over de relatie investeerder-onderneming. Traditionele ondernemingen die een beroep doen op het brede beleggend publiek door middel van een beursgang of andere grote transactie zijn doorgaans grote ondernemingen.
De belegger heeft minder kennis en informatie dan de onderneming en heeft ook niet veel te vertellen. De informatieachterstand moet worden goedgemaakt door prospectussen en jaarrekeningen.
Andere invloed van investeerders
Bij crowdfunding is de invloed van de investeerder een hele andere. Door het gebruik van blogs of het inzetten van social media kan het collectief van de investeerders de ondernemer bijsturen en verdere bekendheid voor de ondernemer genereren als zij het idee van de ondernemer zien zitten. Of juist niet. Dit mechanisme wordt ook wel de wisdom of the crowd genoemd.
Toezichtswetgeving kan echter roet in het eten gooien. Vragen die kunnen spelen zijn: is een investeerder die tien projecten steunt een professionele kredietverschaffer? Of honderd projecten? De vraag is relevant omdat professionele kredietverschaffers een vergunning nodig hebben.
En hoe zit het met de beleggersbescherming? Wat voor risico loopt de investeerder eigenlijk? Hoe wordt hij gewaarschuwd voor die risico’s? Welke informatie moet een ondernemer aan een investeerder verschaffen? Hoe moet de financiering worden vormgegeven om aan de vereisten van de toezichtswetten te voldoen?
Het overtreden van dergelijke regels is niet goedkoop. Het negeren van de vele voorschriften kan tegenwoordig al snel een boete opleveren van 500.000 euro of meer. Geen aantrekkelijk vooruitzicht, en lastig door een crowd te financieren.
Rogier Raas is advocaat bij Stibbe en maakt deel uit van de Investment Management Group. Hij is tevens hoogleraar bank- en effectenrecht aan de Universiteit Leiden.