Zat de Russische aanval op Oekraïne in uw risicomodel? Vast niet. Maar het geeft wel te denken. Als Amerikaans minister van buitenlandse zaken was Donald Rumsfeld medeverantwoordelijk voor de slecht onderbouwde Amerikaanse inval in Irak. Naar aanleiding van die ervaring deed hij in 2012 interessante uitspraken over onzekerheid:
“Reports that say that something hasn’t happened are always interesting to me, because as we know, there are known knowns; there are things we know we know. We also know there are known unknowns; that is to say we know there are some things we do not know. But there are also unknown unknowns—the ones we don’t know we don’t know. And if one looks throughout the history of our country and other free countries, it is the latter category that tends to be the difficult ones.”
Ofwel, het gaat niet alleen om de zaken waarvan we weten dat we ze niet weten. Nee, het belangrijkste zijn vaak de zaken waarvan we niet eens weten dat we ze niet weten. En daarvoor zou je een antenne moeten ontwikkelen. Dit is een heel andere kijk op risicomanagement dan die van de meeste financiële instellingen. Daar staan immers procedures en historische statistische relaties centraal - die weliswaar ook belangrijk zijn, maar niet het hele verhaal vertellen.
Natuurlijk, zal men tegenwerpen, dat is logisch, want risico is ook iets anders dan onzekerheid. Risico veronderstelt een kenbare kansverdeling en is dus een beperkter begrip. Maar dat is precies het probleem. De blik is te beperkt als men alleen naar traditionele maatstaven kijkt. Gelukkig is er al meer aandacht dan voorheen voor de aannames aangaande kansverdelingen, zoals Taleb’s dikke staarten. Maar idealiter komt er ook meer aandacht voor onzekerheid in bredere zin. Bijvoorbeeld: welke gevolgen kunnen klimaatverandering en transities hebben voor de portefeuille? Maar denk ook aan andere vormen van ontwrichting, zoals afkalvende instituties, de invloed van kunstmatige intelligentie en robotisering, etc. (known unknowns). En dan zijn er dus nog die waarvan we zelfs nog geen vermoeden hebben (unknown unknowns): welke zouden dat kunnen zijn?
En hoe vertaal je dat naar financieel risico? Hoe kan zo’n andere visie op risico en onzekerheid eruit zien? In zijn boek ‘The most important thing’ schrijft investeerder Howard Marks: “Er zijn veel soorten risico. Maar volatiliteit is wellicht de minst relevante van allemaal.” Dat volatiliteit niettemin veel gebruikt wordt, verklaart Marks met het gebruiksgemak van volatiliteit: het is makkelijk meetbaar. Maar niet alles wat meetbaar is, is belangrijk en niet alles wat belangrijk is, is meetbaar. Marks definieert financieel risico veel simpeler, namelijk als de kans om je geld te verliezen, ‘the possibility of permanent financial loss’. En hij onderscheidt dat financiële risico scherp van andere risico’s, zoals het niet halen van je doelen; underperformance; carrière risico; onconventionaliteit; en illiquiditeit. Enkele van die vormen van risico zijn eveneens moeilijk te kwantificeren. Marks’ aanpak is dan ook niet puur kwantitatief, maar hybride: hij gebruikt kwantitatieve data en methoden waar relevant, maar doorslaggevend is de kwalitatieve oordeelsslag die er overheen komt.
Schijnzekerheid en onaangename verrassingen
Dat geldt des te sterker voor transitierisico’s die nog niet in de modellen zitten. Transities zijn maatschappelijke processen die niet-lineair verlopen, met asymmetrische uitkomsten (zie mijn eerdere column). En hier is tot dusver het omgekeerde het geval: geavanceerde vermogensbeheerders maken al wel een kwalitatieve inschatting van transitie-kansen en -risico’s, maar de kwantitatieve aanpak ontbreekt. Ze brengen transitie-scenario’s in kaart, maar worstelen met de vraag wat voor data daarvoor nodig zijn: welke data brengen de transitie-risico’s van investeringen in kaart, zowel qua blootstelling, als qua aanpassingsvermogen en bijdrage aan transities? Als je die data hebt, kun je serieus op artikel 9 niveau rapporteren, maar belangrijker: je kunt transitie-risico’s op portefeuilleniveau in kaart brengen.
Donald Rumsfeld is vorig jaar overleden, dus we kunnen hem niet vragen wat hij van risico management in vermogensbeheer vindt. Maar ik vermoed dat hij zou zeggen dat het incompleet is zonder een grondige blik op alternatieve bronnen van onzekerheid. Je kunt onzekerheden weliswaar buiten je analyse laten, maar daarmee gaan ze niet weg. Die aanpak geeft ten beste schijnzekerheid en ten slechtste onaangename verrassingen. Dat doet me denken aan een poster die bij een voormalige werkgever op de gang hing: “Geen risico nemen is ook een risico.” Durf de onzekerheids-olifant in de risicokamer te benoemen.
Willem Schramade is oprichter en eigenaar van Sustainable Finance Factory. Hij is auteur van het boek ‘Duurzaam kapitalisme’ en verbonden als onderzoeker aan de Erasmus University.