wallstreet_floor2_6.jpg

De opmars van indexproducten, zoals Exchange Traded Funds (ETF’s), gaat onverminderd door. De passieve beleggingsproducten staan te boek als goedkoop, eenvoudig en transparant. Toch wordt de euforie nu getemperd door kritische geluiden, ook uit het eigen kamp. Fondsnieuws bericht.

‘Het huidige multiple choice-niveau waarop de ETF-industrie zaken openbaar maakt, is simpelweg niet acceptabel’, stelt Deutsche Bank in een rapport. De bank is met db x-trackers zelf producent van synthetische ETF’s. De oplaaiende scepsis en kritiek kreeg vorige week een nieuwe impuls met UBS-handelaar Kweku Adoboli die met ETF-transacties 2 miljard dollar blijkt te hebben verspeeld.

Derivatenconstructies
Tot dusver was er vooral aandacht voor de kritiek van het IMF en de Bank voor Internationale Betalingen op synthetische ETF’s. Deze trackers hebben niet werkelijk de stukken uit de index in handen, maar werken met derivatenconstructies, zogenoemde swaps.

In ruil voor de inleg van beleggers, betaalt een zakenbank hierbij het rendement van de index uit. De ETF krijgt hiervoor wel stukken of cash als onderpand, maar dit kunnen andere effecten zijn dan die uit de index.

Als de bank omvalt, blijft de houder van de ETF met deze stukken zitten — dat is het zogenoemde tegenpartijrisico.

Fysieke ETF´s
Fysieke ETF’s hebben in principe de effecten uit de index wél zelf in handen. Zij kunnen deze stukken, net als traditionele beleggingsfondsen, uitlenen — en dat doen ze soms tot wel meer dan 90 procent van de onderliggende stukken.

Het risico van het uitlenen werd duidelijk na het omvallen van Lehman Brothers in 2008. Partijen die aan deze zakenbank aandelen hadden uitgeleend, waren hun stukken kwijt en bleven zitten met een onderpand dat niet altijd waard bleek te zijn van wat men eerder dacht.

Dat tegenpartijrisico staat nu weer in de belangstelling, omdat financiële experts niet uitsluiten dat banken wederom kunnen omvallen. Dit keer door de eurocrisis.


Veel pensioenfondsen hebben eerder al maatregelen genomen. Ze grepen het faillissement van Lehman aan om te stoppen met het uitlenen van effecten.

Leenprogramma’s
Volgens Kas Bank, die voor klanten leenprogramma’s uitvoert, zijn ook sommige traditionele beleggingsfondsen daar toen mee gestopt, maar sommigen ook niet. Dat geldt ook voor ETF-aanbieders.

Volgens Morningstar doen alle aanbieders van fysieke ETF’s in Europa, met uitzondering van het Nederlandse Think Capital, dit. De mate waarin ze dat doen, verschilt echter.

Sommige partijen lenen tot 100 procent van hun vermogen uit, anderen maar een paar procent. ‘Het hangt af van de vraag naar stukken en de vergoeding die ze ervoor krijgen’, stelt Morningstar.

Niet bewust van de risico´s
De dataleverancier is op zich niet tegen deze manier van het genereren van inkomsten, maar vindt het problematisch dat veel beleggers zich niet bewust zijn van de risico’s die daarmee gepaard gaan. ‘We betreuren het gebrek aan transparantie hierover’, stelt Morningstar.

Toezichthouder AFM constateerde eerder al dat de consument in de informatieverstrekking over ‘een aantal ETF’s’ niet duidelijk geïnformeerd wordt over het mogelijke tegenpartijrisico dat het gevolg kan zijn van het gebruik van swaps of het uitlenen van effecten.

Informatieverstrekking
‘Naast het noemen van deze kenmerken in het volledige prospectus, is de AFM van oordeel dat het vermelden van deze kenmerken op meer prominente plaatsten in de informatieverstrekking bijdraagt aan de duidelijkheid voor consumenten’, schrijft de toezichthouder in een rapport.

De AFM zegt destijds ‘enkele individuele aanbieders’ te hebben aangesproken op hun informatievoorziening. Zij hebben dat toen aangepast.

Dit jaar vindt er nieuw onderzoek plaats. ‘Waar onjuistheden worden aangetroffen, zal worden opgetreden’, zegt de AFM. ‘Daarnaast bekijken we of aanpassing van regelgeving gewenst is.’


Momenteel geldt dat fondsbeheerders correcte, duidelijke en niet misleidende informatie moeten verstrekken en alle relevante kenmerken van het product moeten weergeven om een adequate beoordeling mogelijk te maken.

Verkort prospectus
Specifiek moeten ETF’s onder meer een verkort prospectus opstellen waarin de algemene risico’s en de specifieke risico’s zijn opgenomen. Over tegenpartijrisico en de kwaliteit van het onderpand gelden op dit moment nog geen specifieke regels.

iShares
Roel Thijssen, hoofd iShares Benelux, dat de grootste ETF-aanbieder ter wereld is, zegt dat iShares inderdaad onderliggende stukken van ETF’s uitleent, maar dat er altijd een hoger onderpand voor de effecten gevraagd wordt dan ze waard zijn.

Ook wijst hij erop dat er nog nooit een tegenpartij van iShares is omgevallen en dat het ook niet de praktijk is dat een iShares-ETF voor 100 procent de assets uitleent, hoewel dat wel mag. Thijssen: ‘Eind juni was per iShares-ETF gemiddeld 15 procent uitgeleend.’

Hierover is niets te vinden in de factsheet of het verkorte prospectus van de fondsen, maar sinds dit jaar publiceert iShares op kwartaalbasis hier wel over in een apart document op de site. Thijssen: ‘We werken aan publicatie op dagbasis.’

Uit dit document blijkt dat sommige ETF’s meer dan 90 procent van hun effecten hebben uitgeleend of dit op enig moment het afgelopen jaar hebben gedaan.

Het document bevat ook een lijst met als onderpand ontvangen assets, al staat er niet bij welke ETF het betreffende stuk als onderpand heeft gekregen en wat hiervoor is uitgeleend.


De ontvangen vergoedingen komen voor 60 procent toe aan de ETF, en daarmee aan de beleggers, en voor 40 procent aan iShares. Dit staat echter niet in het document, maar in de financiële verklaring waar het volledige prospectus naar verwijst, aldus Thijssen.

Later meldt iShares dat het ook in een document staat dat alleen beschikbaar is voor professionele beleggers.

Retailbeleggers
In het document voor retailbeleggers staat wel per fonds wat de ETF netto verdiend heeft aan het uitlenen van de onderliggende stukken. Dat hier al 40 procent voor iShares vanaf is, staat er niet bij.

Het meest aan het uitlenen werd afgelopen jaar verdiend met de iShares S&P Global Clean Energy: 86,2 basispunten. Dit is overigens niet de ETF die de meeste stukken uitleent. Dat is de iShares FTSE 250, die het afgelopen jaar gemiddeld 92 procent uitleende.

Smeerolie
iShares en Kas Bank benadrukken dat er niets mis is met het uitlenen van stukken, mits het goed en transparant gebeurt. ‘Het is de smeerolie van de handel. Het zorgt voor liquiditeit op de markt waardoor de markt efficiënter wordt’, zegt Thijssen.

Bijkomend punt bij ETF’s is dat zij anders dan traditionele beleggingsfondsen zelf ook aandelen zijn, met als gevolg dat naast de onderliggende effecten, de ETF zelf ook kan worden uitgeleend.

Opkomende markten
Vooral ETF’s die zich richten op indices van opkomende markten leveren veel op — ongeveer 2 procent. Dat komt omdat er geen futures bestaan op de opkomende landen en partijen ETF’s gebruiken om hun risico’ s af te dekken.

Wie wil inspelen op een daling van de markt, kan short gaan in deze ETF. Om dit te kunnen doen moet je de ETF wel eerst lenen.

Dit artikel heeft op maandag 19 september op de beleggingsfondsenpagina in het Financieele Dagblad gestaan.

 

Categories
Access
Limited
Article type
Article
FD Article
No