Donald Trump, president van de VS
i-kBbCH5N-L.jpg

Slechts 100 dagen had president Trump nodig om de VS op zijn kop te zetten, stelde hij in zijn ‘Contract with the American Voter’. Maar de wittebroodsweken zijn voorbij, de populariteit op een dieptepunt. Trump’s meest urgente uitdaging? Sluiting van de overheid voorkomen.

Wie van Amerikaanse televisieseries houdt als Homeland en House of Cards, ontdekt dat de werkelijkheid nog absurder is dan ‘s werelds beste scenarioschrijvers hebben kunnen bedenken. Donald Trump zou het ‘moeras van Washington’ wel even droog komen leggen, zo beloofde hij zijn aanhangers bij de inauguratie op 20 januari. 

Maar het lijkt erop dat wat ‘The Deep State’ wordt genoemd - een losvast verbond van topambtenaren, geheime diensten, leger en bedrijfsbelangen - bezig is om juist deze New Yorkse outsider droog te leggen. De in de ‘Contract with the American Voter’ beloofde afschaffing van de vermaledijde Obamacare kwam niet eens in stemming in het Congres, omdat zowel Democraten als een minderheid van Republikeinen het alternatief niet lust.

Schuldenplafond overheid in aantocht

De volgende crisis van Washington-makelij is al weer in aantocht: op Memorial Day (maandag 29 mei) kan de regering-Trump op een nieuwe ijsberg varen. Op die dag wordt namelijk het vastgelegde schuldenplafond voor de federale overheid bereikt. David Stockman,  directeur begrotingszaken onder president Reagan, heeft al enige weken geleden gewaarschuwd voor een nieuwe politieke en constitutionele crisis in Washington, net zoals in 2011 het geval was.

Hij denkt dat vanwege het zeer diepe wantrouwen tussen Republikeinen en Democraten van de laatsten geen enkele medewerking te verwachten is, maar in het Congres zou volgens de jongste mediaberichten aan een concrete oplossing worden gewerkt.

Los van het schuldenplafond ziet het ernaar uit dat president Trump niet tot investeren, maar tot desinvesteren gedwongen zal zijn. De contouren van dat mogelijke scenario worden nu al zichtbaar: zo ziet het er naar uit dat de bijdrage van de regering-Trump aan verbetering van de Amerikaanse infrastructuur beperkt blijft tot 200 miljard dollar en dat de rest van het bedrijfsleven moet komen.

Op zich is dat geen bezwaar. Het betekent namelijk ook dat de opbrengsten van de modernisering aan (tol)wegen, bruggen, viaducten, openbare gebouwen en ziekenhuizen ten goede kunnen komen aan het bedrijfsleven, wat in een tijd van lage rentes en lage rendementen een aantrekkelijk vooruitzicht kan zijn - ook voor beleggers.

Daarnaast maakt het gebrek aan beschikbare middelen dat ook een ander voornemen van president Trump dreigt te verzanden: verlaging van de vennootschapsbelasting van 35 naar maar liefst 15 procent. Ook die wens kan waarschijnlijk - in het Congres - maar ten dele gerealiseerd worden, hoewel de regering-Trump er vooralsnog aan vasthoudt.

Zij zegt dat de belastingverlaging uiteindelijk gefinancierd kan worden door hogere economische groei (doelstelling: 3 procent) te realiseren - een hypotheek op de toekomst die in het Amerikaanse Congres zeer omstreden is. Democraten zijn tegen een stijging van het begrotingstekort en tegen belastingverlagingen voor het bedrijfsleven als die ten koste gaan van overheidsuitgaven op sociale uitkeringen etc.

Verlaging vennootschapsbelasting

De verwachting is dat president Trump - na het echec rond de hervorming van het gezondheidsstelsel - er alles aan gelegen is om deze verkiezingsbelofte van een forse verlaging van de vennootschapsbelasting waar te maken. De markt houdt daar ook nog altijd rekening mee, wat mogelijk de verklaring is voor het feit dat het nog niet tot een correctie op de Amerikaanse aandelenmarkten is gekomen.

Mede vanwege de hoge verwachtingen die Trump met zijn infrastructuurplan van 1.000 miljard dollar en zijn drastische verlaging van de vennootschapsbelasting in de markt heeft gewekt, heeft de S&P sinds zijn verkiezing in november 10 procent gewonnen, waarvan 5 procent in de eerste 100 dagen van zijn presidentschap. Daarmee heeft hij het veel beter gedaan dan het gemiddelde van Republikeinse presidenten (+0,3 procent). Uitzondering op de regel was vader George H.W. Bush met een winst voor de S&P van 7,7 procent. Democratische presidenten zetten de hoofdgraadmeter in hun eerste 100 dagen gemiddeld 0,9 procent hoger.

Zwakke beursperiode in aantocht: mei - oktober

Interessant is wat de S&P doet in de periode die nu aanbreekt: van mei tot en met oktober, wat de zwakste periode van het beursjaar is met een gemiddelde winst sinds de Tweede Wereldoorlog van 1,6 procent, terwijl de S&P tussen november en april gemiddeld 6,7 procent doet.

Daarnaast geldt dat Democraten het als president - waar het om de index gaat - beter doen dan Republikeinen. Dat verschil is tussen de twee partijen het grootst als het om presidenten gaat die aan hun eerste termijn bezig zijn: 6,1 procent gemiddeld voor Democraten en -4 procent voor Republikeinen.

Sam Stovall, beleggingsstrateeg van CFRA, verklaarde tegenover de Amerikaanse zender CNBC dat voor Trump geldt dat na een periode van 14 tot 15 maanden van koerswinsten de kans groot is dat de aandelenmarkt vanaf mei zal verzwakken en dat de periode mei-oktober een uitdagende voor hem en Amerikaanse beleggers wordt.

Tabel

Ook hier biedt alleen het verleden enige houvast: Democraten als Kennedy, Clinton en Obama deden het goed. De laatste zag in de zes maanden tot en met oktober de S&P in 2009 stijgen met 18,7 procent - maar dat had ook sterk te maken met het herstel na de zware beurscrisis van 2008. Obama’s voorganger, de Republikein George W. Bush, zag in 2001 in deze zes maanden de S&P met 15,2 procent dalen. Dat was een gevolg van het uiteenspatten van de techbubbel. Voor Reagan, aan wie Trump zich spiegelt, was het verlies tussen mei en oktober 8,2 procent.

Het belang van de Franse presidentsverkiezingen

Of de koersen net als in het verleden op korte termijn gaan dalen, is ongewis. Veel professionals wijzen erop dat al lang over een correctie wordt gesproken, maar deze niet komt. De regering-Trump wordt ‘geholpen’ door een robuuste economie, sterke winstcijfers van het bedrijfsleven, en door de sterke salespitch van de hoofdrolspeler zelf. Zo tweette hij vorige week: ‘A massive tax package that will deliver cuts bigger than any tax cut ever!’ - dat zijn krachtwoorden waarmee je de aandacht (nog wel even) vasthoudt.

Maar toch is er op de markten sprake van toenemende onzekerheid, waarschuwt Deutsche Bank volgens wie het effect van de ‘Trump trades’ aan het vervagen is. Het blijkt ook uit de richting die de S&P zoekt: in februari werd het hoogste punt bereikt, daalde daarna en klimt nu weer in de verwachting van een revolutionaire belastingverlaging die Trump mogelijk vandaag zal aankondigen. Deze verlaging moet echter wel de goedkeuring krijgen van een tegendraads Congres.

Onzekerheid blijkt ook uit het herstel van de euro tegenover de dollar. De winst van de euromunt bedraagt sinds eind vorig jaar meer dan 4 cent.

Deze ontwikkelingen zijn belangrijk in het licht van de discussie in de markt over de waardering van Amerikaanse aandelen. Strategen twijfelen over de het huidige accent op de VS in de regio-allocatie. Als de Franse presidentskandidaat en eurofiel Emmanuel Macron op 7 mei de tweede ronde van de verkiezingen wint, dan kan dat voor asset allocatiespecialisten een krachtige “trigger” zijn om de steven te wenden van de Amerikaanse naar de Europese aandelenmarkt.

Meer geopolitieke analyses en de gevolgen voor beleggingen:

Hoofdredacteur Cees van Lotringen schrijft op Fondsnieuws tweewekelijks een analyse over geopolitiek en de invloed op financiële markten en beleggingscategorieën.

Author(s)
Categories
Access
Limited
Article type
Article
FD Article
No