Kommer van Trigt, DNB
i-BbVhTkn-M.jpg

De man van 19 miljard euro — dat is Kommer van Trigt, ex-obligatiebelegger van Robeco die nu chief investment officer van DNB is. Hij runt een uitdagende portefeuille, omdat deze uit de aard van de rol van DNB aan veel restricties gebonden is.

Het geld dat Kommer van Trigt namens De Nederlandsche Bank (DNB) beheert, behoort tot het reservebeheer. Een deel van deze 19 miljard euro moet in het geval van crises in het financiële stelsel snel ten behoeve van interventies kunnen worden aangesproken. Dat stelt eisen én beperkingen aan het beheer en de beleggingskeuzes die van Trigt met zijn team kan maken. ‘Het gaat bij het intern beheerde gedeelte van de portefeuille dan ook om kortlopende obligaties’, vertelt de CIO in een streng ingerichte spreekkamer op het hoofdkantoor van de Bank. 

Van deze portefeuille wordt pakweg 2,6 miljard euro aan aandelen en bedrijfsobligaties beheerd door externe beheerders, de rest valt onder het interne beheer van de bank zelf. Daarbij gaat het om schuldpapier in euro en dollar. Daar bovenop beheert het team van Van Trigt nog ECB-reserves, zoals een yen-portefeuille. Van actieve posities in het kader van tactische assetallocatie is geen sprake. 

Jaarverslag

Het kortlopende karakter van het opgenomen schuldpapier heeft een prijs, zoals blijkt uit het jaarverslag. Zo werd verlies geleden op de staats- en bedrijfsobligaties, terwijl op aandelenbeleggingen een licht positief resultaat werd behaald van 3 miljoen euro, tegenover 37 miljoen euro in 2017. Het verlies op de dollarbeleggingen werd licht verbeterd.

DNB schrijft in het jaarverslag: ‘In 2018 waren de resultaten op alle activaklassen van de eigen beleggingen negatief. Vanwege de negatieve obligatierentes en korte looptijden zijn de vastrentende portefeuilles verlieslatend, evenals in 2017. Wel hebben de vermogensbeheerders dat verlies enigszins weten te beperken door beter te presteren dan de benchmark. In de eerste drie kwartalen van het jaar werd het verlies op de vastrentende portefeuilles nog gecompenseerd door een positief resultaat op de aandelenportefeuilles. In het laatste kwartaal werd de aandelenportefeuille echter hard geraakt door de wereldwijde prijscorrectie.’ 

Een deel van de reserves moet bij interventies meteen kunnen worden aangesproken, waardoor het gaat om ‘zeer kredietwaardige obligaties van bijvoorbeeld Franse, Duitse en Amerikaanse overheden en semioverheden met een korte looptijd. Dergelijke kortlopende obligaties kennen in de huidige marktomstandigheden veelal negatieve rentes’, meldt het jaarverslag.

Van Trigt vult aan: ‘Want centrale banken moeten water kunnen leveren als er brand uitbreekt.’ Hoe dit beleid en zijn obligatiestrategie zich verhoudt met zijn rentevisie, wil hij niet zeggen. ‘Gelet op de vele rollen van de bank, doe ik daar publiekelijk geen uitspraak over.’ Van Trigt en zijn team opereren echter wel gescheiden van de monetaire beleidsadviseurs, achter zogenaamde ‘Chinese walls’. 

Deel ETF’s vervangen

Feit is dat het risicoprofiel van de obligatieportefeuille laag wordt gehouden, terwijl het valutarisico wordt afgedekt via valutatermijntransacties. ‘De blootstelling aan bedrijfsobligaties met een hoge kredietwaardigheid is in 2017 opgebouwd via op de beurs verhandelde ETF’s. Dit jaar is een deel van de ETF‘’s verkocht en vervangen door participaties in een fonds met een hoge kredietwaardigheid dat beter past bij de duurzame doelstellingen van DNB.’ 

Door de lage renteomgeving, zo erkent de CIO, hebben ‘rendementsoverwegingen’ wel aan belang gewonnen. Van Trigt bevestigt dat beleggingen in andere, meer hoogrenderende activa nu ook worden onderzocht. Daarbij sluit hij bijvoorbeeld private debt niet uit. 

Verantwoord beleggen

Tegelijkertijd wordt vanwege de DNB-Visie van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) ook voor de reserves gekeken naar maatschappelijk verantwoord beleggen. In de recente Visie zijn in dat kader twee doelstellingen verwoord: ‘bijdragen aan een houdbare economische groei zonder schadelijke effecten voor de leefomgeving’ en ‘een inclusief financieel en economisch systeem’. Aan deze doelstellingen wil DNB invulling geven vanuit zijn rol als centrale bank, toezichthouder en resolutieautoriteit. 

Dit betekent voor de reserves van de bank dat men de ESG-risico’s van de beleggingsportefeuille wil beheersen. Daarbij wordt aansluiting gezocht bij de PRI-verklaring van de Verenigde Naties, die DNB dit jaar heeft getekend. In dat kader, vertelt van Trigt, wordt ESG-integratie toegepast in de beleggingsportefeuille. Tegelijkertijd wil men de C02-voetafdruk in kaart brengen en kijkt men of de klimaatstresstest op de portefeuille kan worden toegepast.

Van Trigt: ‘Vanuit onze missie van maatschappelijk verantwoord beleggen kijken we ook naar impactbeleggen. Een van de vier SDG-doelstellingen die DNB heeft geadopteerd betreft nummer 13: ‘climate action’. ‘We kijken nu hoe we die binnen het reservebeheer concreet kunnen maken en denken daarbij bijvoorbeeld aan private- en infrastructure debt.’ DNB belegt al in groene obligaties.

Dit artikel staat ook in Fondsnieuws-magazine, dat 2 oktober verschijnt. 

Author(s)
Categories
Target Audiences
Access
Limited
Article type
Article
FD Article
No