Vincent Juvyns
i-9tkQhQj-L.jpg

De verrassende devaluatie van de Chinese munt getuigde van ‘goede timing’ en was in strategisch opzicht een ‘geweldige move’ van de beleidsmakers bij de Peoples Bank of China (PBOC), zegt marktstrateeg Vincent Juvyns van J.P. Morgan Asset Management.

In een interview met Fondsnieuws somt Juvyns drie argumenten op die zijn stelling onderbouwen. Al blijft hij over het algemeen terughoudend ten opzichte van aandelen in opkomende markten, in China ziet hij - na de recente correctie - weer koopkansen. 

Macro-zwakte

De ontwikkeling van de inkoopmanagersindices in de wereld beschouwend, lijkt de macro-economische trend af te zwakken. Vooral in opkomende landen dalen de indicatoren. Onder de ontwikkelde landen is het aantrekken van de activiteit in eurolanden als Italië, Spanje en Ierland opvallend, aldus de strateeg van J.P. Morgan. 

Met deze zwakte op de achtergrond, was het niet vreemd dat beleggers met zorgen naar China keken. De aandelenbeurzen van Hong Kong en op het Chinese vasteland gingen onderuit. Naast de inkoopmanagersindex zakten ook andere indicatoren, zoals die voor de export en de autoverkopen in de volksrepubliek. 

Daarom was dit volgens Juvyns precies het moment waarop een stimulans in de vorm van een wisselkoersverlaging goed uitpakt. De Chinese exportproducten worden immers aantrekkelijker met een goedkopere yuan, ofwel renminbi (letterlijk: volksmunt). 

Een tweede omstandigheid die het moment ideaal maakt, is de aanstaande renteverhoging van de Federal Reserve. De Amerikaanse tegenhanger van de PBOC is bezig zijn monetaire beleid te normaliseren, wat een sterke(re) dollar in de hand werkt.

Als derde en laatste argument noemt de strateeg het vooruitzicht voor de renminbi om een reservevaluta in de wereld te worden. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) kan steeds moeilijker om de voorname positie van de Chinese munt in de wereldhandel heen.

Reserve valuta

‘China heeft veel te winnen met [de status van] een reserve currency’, stelt Juvyns. Hij ziet het daarom als onwaarschijnlijk dat de recente devaluatie zal leiden tot een ‘devaluatiecyclus’.

Logischer is dat de wisselkoers geleidelijk verder wordt vrijgegeven. Vervolgens zal de munt juist aansterken, denkt hij. ‘Op basis van koopkrachtpariteit, waarvan de Big Mac-index van The Economist een indicatie geeft, is de munt zo’n 40 procent ondergewaardeerd.’ 

Als de Chinese munt uiteindelijk wordt opgenomen in het mandje van het IMF, dan zullen centrale banken over de hele wereld een deel van hun valutareserves in renminbi gaan aanhouden. Zelf heeft hij vanuit zijn standplaats Brussel privé al een renminbi-rekening geopend. 

Hiermee geeft hij blijk van zijn vertrouwen dat de Chinese economie geen harde landing tegemoet gaat. ‘Ieder jaar komt er wel iets over China naar boven, maar telkens wordt er ook weer iets op de problemen gevonden.’ 

 

Na de bliksemstart aan het begin van het jaar, zijn de financiële markten in ruiger vaarwater gekomen. Voor Juvyns is dit echter geen aanleiding om forse wijzigingen aan te brengen in de beleggingsstrategie. 

Toenemende volatiliteit

‘We gaan een periode van hogere volatiliteit tegemoet, waarbij de opbrengsten beperkt zullen zijn’, zegt hij. ‘Maar een alternatief voor risicovolle assets is er niet.’ 

De waarderingen voor aandelen zien er intussen niet meer goedkoop uit. De Amerikaanse blue chips uit de S&P 500 hebben een gemiddelde koerswinstverhouding van 16,4. Dit is boven hun historisch gemiddelde, maar ‘er zijn geen ingrediënten voor een crash’, voegt de strateeg toe. 

Terwijl de economie redelijk draait, hebben Amerikaanse bedrijven vanuit historisch perspectief uitzonderlijk sterke balansen. Dit geldt ook voor de financiële sector, één van Juvyns favorieten. 

Europa en Japan

In Europa, waar de economie ten minste weer groei vertoont, zijn de waarderingen aantrekkelijker. ‘Financials hebben hier dus twee keer de wind mee’, aldus de J.P. Morgan-strateeg. 

Voor Japan zijn twee rugwinden verdwenen; aan het positieve effect van yen-verzwakking en aandelenaankopen door staatspensioenfondsen is een eind gekomen. Dit wordt volgens Juvyns echter gecompenseerd door verbeteringen in de corporate governance. 

Aandelen in opkomende landen zijn relatief het goedkoopst, maar niet zonder reden, waarschuwt Juvyns. China is hier, zoals hij zei, de uitzondering.

Het geleidelijk openen van de beurzen op het vasteland voor buitenlandse beleggers zal er volgens hem toe leiden dat het land een grotere weging in de indices van MSCI krijgt, wat op zijn beurt weer beleggers zal trekken. 

Wat betreft obligaties raadt de strateeg langlopende Amerikaanse obligaties en high yield bonds aan. In Europa ziet hij het meest in de euro-periferie.

Juvyns is neutraal over duratie, maar zo kan een belegger profiteren van vervlakking van de rentecurve en inkomende spreads.

 

Author(s)
Categories
Access
Limited
Article type
Article
FD Article
No