barclays_fuhr_deborah_8.jpg

Fundamental indexing worden door ETF-beleggers niet op grote schaal omarmd. ‘Er is geen sprake van een grootschalige groei van ETF’s die zijn gebaseerd op dergelijke indices.’

Dat zegt Deborah Fuhr in een gesprek met Fondsnieuws. Zij is hoofd van BlackRock’s ETF Research en verantwoordelijk voor de implementatie van de strategie.

Donderdag verschijnt bij het FD een nieuwe special van Fondsnieuws, waarin in het themagedeelte aandacht wordt besteed aan indexbeleggen.

Fuhr reageert op het feit dat steeds meer actieve fondsmanagers zeggen naar een benchmark te zoeken die niet kapitaalgewogen is, maar op andere fundamentele criteria is gebaseerd.

Als argument wordt daarbij vaak genoemd dat een belegger met – bij voorbeeld – een kapitaalgewogen obligatieindex vooral exposure krijgt naar de zwaarst verschuldigde landen in een index. Doorgaans wil een institutionele belegger die beta-risico juist vermijden.

Kostbare aanpassingen
Dat de fundamenteel gewogen index geen alternatief is voor ETF-beleggers, heeft volgens Fuhr vooral ook een praktische reden: een aanpassing doen in de benchmark is voor een fondsmanager of een institutionele belegger zeer kostbaar en tijdrovend, omdat de meeste asset managers werken met marktkapitalisatie-benchmarks.

‘Pensioenfondsen werken vaak met externe mandaten, die zijn gebaseerd op een dergelijke benchmark. Ik zie dat niet veranderen op de korte termijn.’

Fuhr, die een van de meest gezaghebbende professionals op het terrein van ETF-research is, zegt dat fudamenteel gewogen indices een optie kunnen zijn voor aanbieders van actief beheerde ETF’s.

Dergelijke producten, die een grijs gebied vormen tussen actief en passief management, vindt wel enige vraag in de VS, maar niet of nauwelijks in Europa.

Revolutionaire groei
In de VS is op dit terrein vooral Powershares actief. Maar de instroom is gering. De meest succesvolle, op een fundamentele index gebaseerde ETF’s hebben amper 1 miljard dollar onder beheer, terwijl recentelijk 27 producten bij gebrek aan belangstelling zijn geliquideerd.

Volgens Fuhr is de groei van ETF’s thans revolutionair: was het wereldwijd beheerde vermogen eind 2009 nog 1.000 miljard dollar, nu komt eind dit jaar de 2.000 miljard dollar in zicht.

De groei komt vooral uit Europa, waar ETF’s steeds vaker worden gebruikt door institutionele beleggers en banken om de portfolio’s mee (op) te bouwen.

Keuzestress
De grootste uitdaging ziet Fuhr in het managen van de groei.

‘De proliferatie van producten en noteringen is een zorg, evenals het feit dat de producten niet altijd onder de juiste naam of categorie op de markt komen. Dat stelt hoge eisen aan educatie en toezicht.’

Als voorbeeld van de proliferatie noemt Fuhr de 34 ETF’s die de Eurostoxx 50 repliceren, 160 beursnoteringen hebben en bijna 30 miljard euro onder beheer. Dat veroorzaakt keuzestress, stelt Fuhr.

Consolidatie
Toch verwacht zij een consolidatie onder de huidige 142 aanbieders en hun 4.000 producten. De omvang van het fonds, alsmede de liquiditeit en de beschikbaarheid, zijn essentieel.

Nu al nemen de drie grootste aanbieders – iShares, State Street, Vanguard – ongeveer 70 procent in de VS voor hun rekening.

‘Fondsen en ETF’s hebben meer dan 100 miljoen euro nodig om break even te draaien. Indexproducten worden toenemend gebruikt als bouwstenen van de asset allocatie. Daarom zijn permanente liquiditeit en verhandelbaarheid essentieel.’

Asset-allocatie fondsen
Fuhr denkt dat de opmars van indexproducten niet meer te stuiten is. Afgezien van het feit dat banken overal in Europa aan het nadenken zijn hoe ze ETF’s een plaats kunnen geven in hun portfolio’s en modelportefeuilles, zal nieuwe Euro producten, zoals ETF’s, investeren.

Ook tekent zich een ontwikkeling af in de VS, die ook een voorland voor Europa kan zijn: asset allocatie-fondsen die volledig worden ingericht met passieve producten. In de VS was in 2008 5 miljard dollar in dergelijke producten belegd, in 2010 was dat al gestegen tot  28 miljard dollar.

Afschaffing kickback
Fuhr denkt dat als de distributievergoeding (kickback) verboden wordt in Europa en er een adviesfeemodel komt, adviseurs steeds meer asset allocatie-producten zullen aanbieden, waarbij sterk wordt gekeken naar de risicotolerantie.

Actieve fondshuizen denken dat als de kickback wordt afgeschaft en vervangen door een adviesfeemodel bij de banken zij de concurrentie beter aankunnen met de ETF-aanbieders. Maar Deborah Fuhr bestrijdt dat.

‘Natuurlijk zijn klanten bereid te betalen voor actieve managers die alpha genereren. Maar praktijk is dat van de Amerikaanse aandelenfondsen 67 procent de S&P 500 na aftrek van kosten niet weet te verslaan.’

‘Nu kosten die fondsen gemiddeld 180 basispunten, tegen 32 basispunten voor ETF’s. Ook als de distributievergoeding vervalt, wordt dat verschil niet goed gemaakt.’

Dit artikel is opgenomen in de Fondsnieuws-special, waarvan de printversie donderdag bij het FD verschijnt. De special bevat een themagedeelte over indexbeleggen.

Verder zijn artikelen, analyses en interviews opgenomen met ondermeer de voormalige IMF-chefeconoom Kenneth Rogoff over het wezen van crises, social media en beleggingsadviseurs, historische rendementen versus risico, nieuwe EU-regelgeving die op asset managers afkomt en de best presterende asset classes van het tweede kwartaal.

 

Categories
Access
Limited
Article type
Article
FD Article
No