Beleggers worden geconfronteerd met een omgeving die net zo onvoorspelbaar is als in 2009. De gevolgen van de overgang naar een nieuw liquiditeitsregime zijn alles behalve duidelijk, en het evenwicht tussen vraag en aanbod op de obligatiemarkten zal verstoord worden.
Het is Didier Saint-Georges die de vergelijking maakt met 2009, in een marktvisie. Saint-Georges is managing director en lid van het investeringscomité bij Carmignac.
Terugblikkend op 2009: ‘Toen de centrale banken van de ontwikkelde landen zich halsoverkop in een extreem expansief monetair beleid stortten, rees de vraag waarop dat zou uitdraaien.’
‘Nu, begin 2018, krijgen we dan eindelijk de a priori positieve ontknoping: Dankzij de jarenlange monetaire vastberadenheid van de centrale bankiers zijn zowel de economische groei als de inflatie fors opgeveerd waardoor het beleid een periode van normalisatie staat te wachten.’
Volgens de managing director is een periode van instabiliteit onvermijdelijk. ‘Wat betekent deze afloop voor de verscheidene activaklassen?’
Nieuw liquiditeitsregime
Saint-Georges laat het beleggers om nu te bepalen welke gevolgen het begin van het nieuwe liquiditeitsregime zal hebben. Wat het geval was bij het in werking stellen van het centralebankenbeleid, is vandaag de dag wederom het geval, schetst hij. ‘Ook nu begeven we ons op onbekend terrein.’
Voor Carmignac is het reden om ‘een zeer actief beheer’ voor te zetten van de rentegevoeligheid en van de blootstelling aan de aandelenmarkten.
Op sectorniveau handhaaft Carmignac haar overwogen positie in technologische aandelen. Het gaat hierbij om ‘waarden met een grote voorspelbaarheid’, aldus het fondshuis in de marktvisie.
Obligatiemarkten
Obligatiemarkten beschrijft Saint-Georges als blijvende bron van instabiliteit, vanwege de verstoring van het evenwicht tussen vraag en aanbod die zal ontstaan als de financieringsbehoefte van de Amerikaanse overheid zal toenemen, terwijl de Fed haar verruimingsbeleid zal terugschroeven.
‘Vooralsnog hopen de markten op de wijsheid van de centrale banken en dus op een handhaving van de lage tot negatieve rente, en zijn bereid daar desnoods wat inflatiestijging voor in te leveren om te voorkomend at de obligatiemarkt instort. Het lijkt ons een verstandige gok.’
Carmignac houdt vast aan haar posities in obligaties van perifere eurolanden en opkomende landen.