De markt voor bedrijfsobligaties is duur, zo schrijft het IMF in zijn halfjaarlijkse rapport. Volgens het Fonds is er sprake van een toenemend inflatiegevaar en van dreigend protectionisme die de wereldwijde groei kan frustreren.
Volgens het IMF zijn de kortetermijnrisico’s toegenomen, maar belangrijker is volgens het in Washington gevestigde wereldwijde internationaal monetaire fonds dat de middellange risico’s toenemen. Daarbij heeft men vooral het oog gericht op de wereldwijd oplopende schulden.
Deze bedroegen voor bedrijven, huishoudens en overheden in 2017 237.000 miljard dollar, dat is 3,2 keer zoveel als de welvaart die in dat jaar wereldwijd werd voortgebracht. In 2007, het jaar vóór de crisis, bedroeg de schuldgraad nog 2,7 keer het wereldwijde bbp.
De financiële kwetsbaarheid is toegenomen tijdens de jaren van lage rente. Het IMF schrijft dat de groei bedreigd kan worden door een hobbelig rentepad. Als de economische groei terugvalt door een einde van de cyclus of door de gevolgen van protectionisme, dan kan in een negatief scenario de economische groei over drie jaar negatief zijn.
Zorgwekkend is ook de hoge waardering van Amerikaanse aandelen. Zo is de beurswaarde van de beursgenoteerde bedrijven gestegen van 95 procent van het bruto binnenlands product in 2011 naar 155 procent van het bbp in maart 2018.
Het IMF stelt dat ‘klassieke maatstaven als de koers-winstverhouding en de verhouding tussen de beurskoers en de boekwaarde in de meeste regio’s hoog blijven’. Dat geldt bij voorbeeld ook voor de VS,waar de maatstaven hoog zijn in vergelijking met historische niveaus en de waarderingen in andere landen.
Ook maakt men zich zorgen over bedrijfsobligaties. ‘Het renteverschil tussen bedrijfsobligaties en staatsobligaties blijft zeer laag, zelfs voor de obligaties met het hoogste risico. De uitgifte van obligaties met het hoogste risico is fors toegenomen’, schrijft het IMF in zijn jaalrijkse doorlichting van de overheidsfinanciën en de financiële markten.
Verder wijst het IMF erop dat het een ‘oude ziekte’ terugkeert: beleggers hebben meer dan 580 miljard aan leningen gebruikt om te beleggen op de aandelenmarkten.