Beleggers in infrastructuur missen een goede graadmeter om de prestaties van hun beleggingen te kunnen meten. Driekwart van de beleggers in deze alternatieve categorie zouden een infrastructuur-benchmark gebruiken als die er was.
Dat blijkt uit onderzoek van Edhec Business School, waarover de Financial Times schrijft.
Al langer is duidelijk dat de prestaties van beleggingen in infrastructuur lastig te meten zijn. De ene regio is de andere niet, en industrieën zijn zomaar naast elkaar te leggen.
20 procent van de 200 deelnemers aan het onderzoek - die samen meer dan 10 procent van het beheerde vermogen in de sector in handen hebben - zeggen dat ze een dergelijke graadmeter ook zouden gebruiken voor asset allocaties.
Wat nog mist…
Dat zegt ook co-head private markets Richard Jacobs van Kempen in een schriftelijke reactie richting Fondsnieuws. ‘Meer transparantie over de prestaties en waardering van investeringen in directe infrastructuur zou welkom zijn.’ Volgens Jacobs mist een ‘dominant, geharmoniseerd platform’ waar gegevens en informatie gedeeld kunnen worden.
Hij vergelijkt infrastructuur met een andere alternatieve beleggingscategorie, vastgoed. Dat is volgens hem al wel geëvolueerd naar een volwassen fase, waardoor er bertrouwbare informatie is over activa per regio, sector, categorie en/of risicocategorie. Voor infrastructuur is dat nog niet het geval.
Pensioenfondsen
Beleggen in alternatieve categorieën als infrastructuur wint aan populariteit. Fondshuizen Deutsche Asset Management en M&G merkten eind vorig jaar tegenover Fondsnieuws op meer vraag te bemerken naar Europese infrastructuur, vooral vanuit pensioenfondsen en verzekeraars.
Infrastructuurbeleggingen hebben de naam een stabiele, continue kasstroom op te leveren. Bovendien correleren ze slechts beperkt met andere beleggingscategorieën, wat hen een defensief karakter geeft.
Volgens FT is het aantal institutionele partijen dat in alternatieve categorieën belegt, tussen 2016 en 2017 gestegen van 2.844 naar 3.216.
Transparantie
Toby Pittaway van consultant Oliver Wyman wijst tegenover de krant wel op de risico’s. Voornamelijk een gebrek aan transparantie, waardoor veel beleggers soms geen weet hebben van waar ze eigenlijk hun vermogen in steken - en hoeveel risico ze lopen.
De vraag is of zo’n graadmeter voor infrastructuurbeleggingen dat verhelpt. En: of die echt nodig is.
Volgens dataverzamelaar Preqin geven beleggers de voorkeur aan absolute rendementen, in plaats van relatieve. Een zegsman van het bedrijf meldt bovendien dat de meerderheid van de infrabeleggers verklaart dat de prestaties van hun beleggingen rond of boven verwachting zijn.