Aegon HQ
i-s8RhjN6-L.jpg

Altice, Aegon en Unilever zijn de Nederlandse beursfondsen die het meest te vrezen hebben van MSCI. Die invloedrijke indexbouwer kondigde vorige week aan van plan te zijn ongelijke stemverhoudingen binnen ondernemingen aan te pakken. Bedrijven waarbij sommige typen aandelen meer stemrecht geven dan andere, kunnen dan rekenen op een lagere weging in de index.

De indexbouwer startte vorige week een consultatieronde over de nieuwe plannen. Het bedrijf heeft voor zijn klanten een lijst opgesteld met ondernemingen die door het nieuwe voornemen kunnen worden getroffen. De genoemde drie ondernemingen staan erop, maar vreemd genoeg niet chemiebedrijf DSM. Dat roept vragen op over hoe de indexbouwer naar Nederlandse beschermingsconstructies kijkt. 

Gids voor de beleggingsportefeuille

De plannen van MSCI zijn van belang omdat het bedrijf de veelgebruikte MSCI Wereldindex samenstelt. Die wordt door veel grote beleggers en indexfondsen gebruikt als gids voor de beleggingsportefeuille: neemt de weging van een bedrijf in die index af, dan moeten de beleggers een deel van hun aandelen in dat bedrijf van de hand doen.

Voor Unilever zijn de gevolgen in theorie het grootst. De onderneming heeft cumulatief preferente aandelen (‘cumprefs’) uitstaan die veel meer stemrecht bieden dan gewone aandelen, zonder dat daar een evenredig groter economisch belang tegenover staat. MSCI stelt daarom een korting van 10% op de weging in de index voor. Maar omdat de indexbouwer een overgangsregeling tot 2021 voorstelt, zal het zover waarschijnlijk niet komen. Unilever heeft al cumprefs ingekocht en is van plan de aandelenstructuur te versimpelen.

Altice geen verrassing

De vermelding van Altice is geen verrassing. Oprichter Patrick Drahi heeft er de touwtjes stevig in handen door de creatie van twee aandelenklassen: de gewone A-aandelen geven één stem, terwijl de B-aandelen, waarvan Drahi er veel heeft, goed zijn voor 25 stemmen. MSCI stelt een afslag van 10% voor op de A-aandelen en 8,6% op de B-aandelen.

Verrassender is de vermelding van Aegon. Onder normale omstandigheden is er bij de verzekeraar namelijk helemaal geen sprake van ongelijk stemrecht. De Vereniging Aegon bezit weliswaar speciale aandelen, waarbij het stemrecht veel hoger is dan de kapitaalinbreng op die aandelen. Maar onder normale omstandigheden wordt dat hoge stemrecht tenietgedaan door een automatische korting van 97,5% op het stemrecht. Alleen in oorlogstijd, zoals ter verdediging tegen een vijandelijke overname, geldt het hoge stemrecht.

‘Straf Aegon opmerkelijk’

‘Ik vind het opmerkelijk dat Aegon gestraft wordt voor de speciale aandelen waarop ze keurig een afslag toepassen’, zegt Rients Abma van beleggerskoepel Eumedion. ‘Aegons handelswijze in oorlogstijd is min of meer identiek aan het gebruik van beschermingspreferente aandelen door veel andere AEX-ondernemingen.’

Een verschil is dat veel bedrijven hun beschermingsconstructie pas activeren als er een vijandelijke overnamepoging is. Die van Aegon is altijd actief, maar wordt via de korting gedeactiveerd. De selectie van MSCI is verder opmerkelijk omdat DSM ontbreekt. Het chemiebedrijf heeft met NN Group, ASR en Rabobank drie aandeelhouders die in 1996 voor een prikkie bijna 20% van het stemrecht opkochten. ‘Het lijkt een ongelijke behandeling’, zegt Abma. ‘Daar moeten we met MSCI over praten.’

Passief beleggen

Aandelenstructuren met ongelijk stemrecht hebben recent veel kritiek gekregen, mede door de opkomst van passief beleggen. Omdat zulke indexvolgers hun aandelen niet kunnen verkopen, is hun stemrecht hun enige pressiemiddel. Tegelijkertijd willen de oprichters van met name techbedrijven die naar de beurs komen graag de touwtjes in handen houden. Zo koos Snap vorig jaar nog voor aandelen zonder stemrecht.

Author(s)
Categories
Access
Limited
Article type
Article
FD Article
Yes