Gespecialiseerde opkoopfondsen bereiden zich erop voor dat bedrijven in financiële problemen raken als de rentes weer oplopen. Deze fondsen halen momenteel veel geld op bij beleggers om schuldpapier van noodlijdende bedrijven tegen forse kortingen op te kopen.
Zij speculeren erop dat bedrijven zich de afgelopen jaren (te veel) in de schulden hebben gestoken omdat geld spotgoedkoop was door het monetaire verruimingsbeleid van de centrale banken. Dat wordt beëindigd.
Uit cijfers van dataverzamelaar Preqin blijkt dat in 2018 wereldwijd al 16,3 miljard euro opzij is gezet voor beleggingen in deze zogenoemde ‘distressed debt’ of probleemschuld. Het bedrag uit recordjaar 2008 (44,7 miljard dollar) wordt waarschijnlijk niet overtroffen, maar de potten van de opkoopfondsen zijn sinds de crisis niet zo groot geweest. Ook zijn de individuele fondsen van deze investeerders dit jaar groter dan ooit: gemiddeld 2,3 miljard euro.
‘Schuldfondsen bereiden zich voor op een correctie,’ zegt Jeroen Regeur van de Zweedse investeringsmaatschappij EQT. De afgelopen maanden hebben diverse gespecialiseerde partijen daarop voorgesorteerd door geld op te halen. Vorige week meldde de Financial Times dat het Amerikaanse Mudrick Capital de achtste schuldspecialist is die dit jaar een nieuw fonds vult.
Penarie-investeerders
Deze penarie-investeerders kunnen op verschillende manieren geld verdienen aan de ellende van bedrijven. Ze kopen schulden tegen forse kortingen. Dat kunnen obligaties zijn, maar bijvoorbeeld ook onderhandse leningen, vastgoedfinancieringen en portefeuilles met oninbare mkb-leningen.
Soms wordt voor een vordering of claim van 100 euro maar een paar euro neergelegd. Stijgt die weer in waarde omdat het bedrijf in kwestie beter gaat presteren, al dan niet met hulp van buitenaf, dan boekt de belegger forse winst. Gaat de debiteur failliet, dan rolt er mogelijk nog wat uit het faillissement. Of niet – dat is het risico van deze vorm van investeren.
APG in distressed
Niet iedereen kan evenveel sympathie opbrengen voor deze investeerders. Aasgieren worden ze genoemd. Maar voor APG, dat de ambtenarenpensioenen van het ABP belegt, is distressed debt een ‘klein, maar nuttig’ deel van de bedrijfsobligatieportefeuille, zegt hoofd alternatieve schuldbeleggingen Menno van den Elsaker.
Van de €65 mrd die APG in bedrijfsschuld heeft zitten (op een beheerd vermogen van 470 miljard euro), is doorgaans tussen de 500 miljoen euro en 1 miljard euro gereserveerd voor getroebleerd schuldpapier. Het verwachte rendement van dit deel van de portefeuille is 10 procent tot 15 procent. Daar staat een hoog risico tegenover.
Reputatie
Er is voor spelers als APG nog een andere reden om bescheiden te investeren in deze gespecialiseerde fondsen: het reputatierisico. ‘Wij kijken daar heel kritisch naar,’ zegt Van den Elsaker. ‘Het oplossen van een distressed-situatie hoeft niet slecht te zijn. Op heel agressieve partijen die erop uit zijn een bedrijf over te nemen, zitten we doorgaans niet te wachten.’
Een andere reden daarvoor is dat een schuldbelegger in zo’n geval met aandelen komt te zitten. APG belegt ook in hedgefondsen, waar meer ruimte is voor een opportunistische aanpak. Details over deze strategieën geeft de pensioenbelegger niet.
Weinig kansen, nieuwe strategieën
De afgelopen jaren zijn lastig geweest voor deze opkoopfondsen. Economische groei en het monetaire stimuleringsbeleid van centrale banken maakten het voor bedrijven gemakkelijk zich goedkoop te financieren. Oaktree, de grootste speler in de markt, heeft om die reden 20 miljard dollar aan ‘dry powder’ (toegezegd maar ongebruikt geld) op de plank liggen.
‘Je ziet in Engeland door de brexit wat meer mogelijkheden, en in de oliesector misschien,’ zegt distressed-belegger Najib Nakad van Hof Hoorneman (foto). ‘Maar vijf jaar geleden was ik vol belegd, en als er wat cash beschikbaar was, wist ik meteen wat ik er mee wilde doen. Nu is het schrapen.’
Het is een beeld dat doet denken aan de private-equitymarkt. Daar zijn de prijzen hoog, waardoor het lastig rendabel investeren is. Volgens Regeur van EQT zoeken schuldfondsen het daarom ook in andere investeringsstrategieën, zoals het direct lenen aan bedrijven die er met de bank niet (snel genoeg) uitkomen.
Amerika regeert
De markt voor probleemschuld heeft zijn zwaartepunt in de Angelsaksische wereld. Zo’n driekwart van het opgehaalde geld is gereserveerd voor beleggingen in de VS, en van de twintig meest actieve spelers in de afgelopen tien jaar zijn er achttien Amerikaans, naast Alchemy uit het Verenigd Koninkrijk en EQT uit Zweden.
Een niche in Nederland
In Nederland is distressed-beleggen een niche-aangelegenheid. Nakad beheert het enige gespecialiseerde fonds, het Phoenix Fund, dat zo’n 125 miljoen euro groot is. Inclusief ‘aanpalende assets’ heeft de vermogensbeheerder een kleine 200 miljoen euro in probleemkrediet zitten. Daarnaast zijn er een paar privébeleggers en ‘family offices’ die zich direct op dit terrein wagen.
In de nog lopende schadeprocedure rond de nationalisatie van SNS Reaal zijn niet alleen Nederlandse beleggers partij, maar bijvoorbeeld ook het Amerikaanse hedgefonds Brigade. Obligaties van de bank-verzekeraar werden na de nationalisatie voor minder dan 2 cent op de euro verhandeld.
Toen duidelijk werd dat de door de Amsterdamse Ondernemingskamer aangestelde deskundigen wel degelijk waarde toekenden aan de onteigende effecten, stokte de handel op een prijs van 40 cent. Beleggers verwachten dat er toch nog waarde zit in het schuldpapier van SNS Reaal.
Ook in het faillissement van DSB Bank werden obligaties met forse kortingen verhandeld. Inmiddels is duidelijk dat iedereen zijn geld terugkrijgt.
Copyright: Het Financieele Dagblad, 25 juni 2018