S&P heeft besloten haar BBB-oordeel over de kredietstatus van Italiaanse staatsschuld te handhaven, maar de outlook wél neerwaarts bij te stellen. Maandag lijkt er sprake van enige opluchting onder beleggers, al worden nog altijd ‘aanzienlijke risico’s’ waargenomen.
De Italiaanse tienjaarsrente staat maandagochtend 8 basispunten lager, op 3,36 procent, en de spread met de Duitse Bund is onder de 300 basispunten gezakt.
Hoewel dat een stuk minder is dan het niveau van 342 basispunten, is Julius Baer er niet gerust op. Fixed Income analist Eirini Tsekeridou van het fondshuis wijst er in een geschreven commentaar op dat een spread van 300 basispunten nog altijd duidt op ‘aanzienlijke risico’s die door de markt worden waargenomen’.
‘We beschouwen de huidige renteniveaus niet als aantrekkelijk genoeg om exposure toe te voegen’, aldus Tsekeridou. De analist adviseert beleggers liever te wachten tot Italië een overeenkomst met de Europese Commissie heeft gesloten. Het land heeft tot 13 november om te komen met een herziening van een begrotingsplan voor 2018.
BBB
S&P maakte vrijdag bekend de eerdere rating van BBB te handhaven wat betreft Italiaanse staatsschuld, terwijl Moody’s - eveneens een ratingbureau - eerder deze maand wél voor een verlaging koos.
Dat wil niet zeggen dat S&P geen wolken aan de lucht ziet. Het bureau verlaagde haar outlook van ‘stabiel’ naar ‘negatief’. ‘S&P blijft bezorgd over de invloed die het begrotingsplan van de regering op de groei en de overheidsschuld heeft’, analyseert Tsekeridou van Julius Baer. ‘Bovendien ziet het de geplande aanpassing van eerdere hervormingsplannen als negatief, terwijl het waarschuwt voor het afgenomen vertrouwen van beleggers: dat zou de marktbereidbaarheid van banken die de Italiaanse economie financieren, kunnen verminderen.’