‘De transactiekosten zijn de belangrijkste bron van performance. Als je dat goed doet en stukken niet te duur inkoopt ten opzichte van de indexprijs, dan kan dat 15 tot 20 basispunten per jaar schelen.’
Dat zegt Alex Claringbull, fondsmanager van iShares Markit iBoxxEuro Corporate Bond - de grootste obligatietracker van Europa - in een gesprek met Fondsnieuws.
Hij wijst erop dat het kopen en verkopen van onderliggende stukken niet gemakkelijk is, omdat het om een Over-the-Counter markt gaat en er niet één prijs is.
Prijsvorming
‘De prijsvorming is een subjectief proces, omdat er geen beurs is. Daarom treden we heel pragmatisch op en stellen eventueel aan- en verkopen uit als we er de gewenste prijs mee kunnen krijgen.’
Claringbull: ‘We proberen zowel een under- als een outperformance van onze indextrackers te voorkomen, omdat onze beleggers zowel long als short gaan.’
iShares Markit iBoxxEuro Corporate Bond volgt de Markit iBoxx Euro Liquid Corporate Bond Index, die posities biedt in de 40 grootste en meest liquide bedrijfsobligaties in euro en die een investment grade rating hebben.
Om deze index zo goed mogelijk te repliceren, probeert Claringbull de onderliggende stukken zo goedkoop mogelijk in te kopen.
De iShares Markit iBoxxEuro Corporate Bond ETF brengt een beheervergoeding van 20 basispunten in rekening.
Grote vraag
In de index zijn bedrijfsobligaties opgenomen van Roche, Rabobank Nederland, BNP Pariba,s maar ook France Telecom en BMW. Van de index bestaat ruim 48 procent uit financiële instellingen, 40 procent industrieel en ruim 9,5 procent uit nutsbedrijven.
Claringbull erkent dat door de schuldencrisis rond Europese lidstaten de vraag naar bedrijfsobligaties hoog is. Dat maakt wel eens dat het lastig is om de onderliggende obligaties te bemachtigen.
Hij probeert dat probleem te omzeilen door van BMW obligaties van verschillende looptijden te bemachtigen. Soms levert dat wel enig verschil op met de index.
Lagere spread
Claringbull stelt dat er veel bedrijfsobligaties in 2011 worden uitgeschreven, wat tot een lagere spread leidt. Ook speelt volgens hem de onzekerheid over de ontwikkelingen in het Midden-Oosten mee, waardoor beleggers posities hebben verminderd.
Op dit moment staat de ETF op een YtD van -0,32 procent, tegen -0,27 procent voor de index. In 2010 bedroeg het rendement 3,7 procent, waarmee het 0,6 procent acherbleef bij de index.
Sinds de introductie in 2003 heeft het fonds een rendement geboekt van 41,88 procent, tegen 43,80 procent voor de index.