Leerboeken
i-5jQk4nJ-M.jpg

Economen en hoogleraren zoals Robert Shiller en Mark Kritzman schreven in de jaren nadat de Grote Financiële Crisis haar hoogtepunt bereikte, de lessen die we konden trekken uit 2008. Ook al bevinden we ons nu in een ander type crisis, hun lessen zijn nog net zo leerzaam als toen.

Dat blijkt uit een greep van de rapporten die vooraanstaande economen en hoogleraren schreven tussen 2009 en 2011. Daarin geven ze hun adviezen, over manieren waarop ‘we’ sterker uit de crisis kunnen komen.

De Amerikaanse econoom Robert Shiller schreef in de zomer van 2010 in zijn artikel Crisis and Innovation dat een financiële en economische crisis een kans kan zijn om te innoveren binnen economische en financiële instellingen óf een tijd van tegenslag kan betekenen als innovatie wordt vertraagd of afgewend. ‘We moeten het eerste laten gebeuren, er ís nog tijd’, adviseerde de econoom destijds. 

Hij verwees naar de welbekende uitspraak “necessity is the mother of invention” - noodzaak is de bron van uitvinding - die zijn oorsprong vindt in een boek van Plato uit 360 voor Christus. ‘Maar’, merkte Shiller op, ‘alleen als we de noodzakelijke actie ondernemen om er doorheen te komen’. ‘Als we accepteren dat we een missie hebben die om uitvinding vraagt, dat we met veel nieuwe ideeën oeten experimenteren en dat we de financiële theorie moeten bekijken als basis voor de ontwikkeling van nieuwe financiële apparaten, dan kunnen we aanzienlije vooruitgang verwachten die zorgt dat we er beter voorstaan dan vóór de crisis.’

Absorptie-ratio

Mark Kritzman, docent financiën en ceo van Windham Capital Management, verdiepte zich na de crisis samen met Yuanzhen Li, Sébastien Page en Roberto Rigobon in de ontwikkeling van systemen die systeemrisico’s kunnen monitoren. Dat resulteerde in de introductie van ‘the absorption ratio’, die weerspiegelt in hoeverre markten met elkaar zijn verenigd of nauw aan elkaar zijn gekoppeld. Als markten namelijk nauw met elkaar verbonden zijn, zo luidde hun conclusie, zijn ze kwetsbaarder omdat negatieve schokken zich dan sneller en breder verspreiden dan wanneer markten slechts losjes met elkaar verbonden zijn.

Aandelenrendementen lagen na pieken in de absorptie-ratio gemiddeld veel lager dan na aanzienlijke dalingen in de absorptieratio, bleek uit onderzoek van het viertal. ‘Beleggers hadden kunnen profiteren door de blootstelling aan aandelen te variëren na significante veranderingen in de absorptieratio’, schreven ze in de zomer van 2011 in het artikel Principal Components as a Measure of Systematic Risk.

Institutionele beleggers

Michael G. Papaioannou, Joonkyu Park, Jukka Pihlman en Han van der Hoorn blikten wat recenter terug op het gedrag van institutionele beleggers tijdens de financiële crisis. In het artikel uit 2015 concludeerden de onderzoekers dat grote institutionele beleggers destijds procyclisch gedrag vertoonden. Hoewel dat vanuit het perspectief van de individuele instellingen als rationeel kon worden beschouwd, was een langetermijnbeleggingsaanpak beter geweest volgens de onderzoekers. 

Overheidsbeleggers moeten landspecifieke risicofactoren grondig analyseren bij het inschatten van potentiële financiële kosten, evenals bij het ontwerpen van een soevereine SAA. Het op deze manier zorgen voor meer financiële stabiliteit, kan op lange termijn bijdragen tot het behalen van een hoger voor risico gecorrigeerd rendement, omdat beleggers in een stabiele markt het risico op abrupte terugbetalingsverzoeken van vermogensbezitters kunnen minimaliseren en daardoor hun oorspronkelijke langetermijninvestering kunnen behouden. Dit zou hen uiteindelijk helpen een hoger risicogecorrigeerd rendement te behalen waartoe kortetermijnbeleggers doorgaans geen toegang hebben.’

Author(s)
Categories
Target Audiences
Access
Limited
Article type
Article
FD Article
No