Het aantal posities in een beleggingsportefeuille sterk uitdunnen, zoals het Robeco-fonds onlangs aankondigde, vergroot niet per se de kans op betere resultaten, stelt Bosten Partners in een nieuwe white paper.
Met een aangescherpt beleggingsbeleid (en nieuwe naam) haakt het Robeco-fonds in op de belangrijke trend onder actief beheerde fondsen van ‘less is more’: minder posities in het fonds door te beleggen met meer overtuiging (high conviction).
Het 83-jarige wereldaandelenfonds van Robeco volgt daarmee onder meer BNP Paribas OBAM, nog zo’n roemrijk fonds dat onder manager Sander Zondag de afgelopen drie jaar het aantal posities meer dan halveerde tot 57 eind november 2016.
Indexbeleggen
Dat actieve fondshuizen overgaan op meer geconcentreerde portefeuilles is het gevolg van twee ontwikkelingen die met elkaar samenhangen. De groei van index- en factorbeleggen, en de kritiek van onder meer toezichthouders op zogenoemde indexhuggers.
Dat laatste zijn fondsen die nauwelijks afwijken van de index, maar wel de kosten van actief beheer in rekening brengen. Veel actief beheerde fondsen blijven mede om die reden achter bij hun benchmark.
Om de kans op een outperformance te vergroten, schaalt een toenemend aantal fondsen het aantal posities terug, vaak tot onder de 50. Alleen in de beste beleggingsideeën wordt nog belegd.
Ze volgen daarmee iconische beleggers als Warren Buffett (foto), Bill Ackman en Seth Klarman. Zo zei Buffett al eens: ‘Brede spreiding is alleen vereist voor beleggers die niet begrijpen wat ze doen.’
Topposities
Een in 2012 gepubliceerde paper van The Paul Woolley Centre ondersteunt dat idee. Daarin wordt gesteld dat breed gediversifieerde Amerikaanse aandelenfondsen in de tien jaar tot en met 2009 een hoger rendement zouden hebben behaald als ze zich hadden beperkt tot de topposities in het fonds.
Maar de praktijk wijst anders uit en fondsen met een geconcentreerde portefeuille zijn vaak geen lang leven beschoren. Dit komt volgens Boston Partners onder meer door de continue dreiging van onttrekkingen die leidt tot een kortetermijnfocus van de beheerder welke niet strookt met de filosofie achter geconcentreerde portefeuilles.
Of ze maken kostbare fouten die te verklaren zijn vanuit de wetenschap die behavioral finance wordt genoemd. Het verliefd worden op een aandeel en er daardoor te laat afscheid van nemen als het mis gaat, is een voorbeeld daarvan.
Slecht omen
Recent onderzoek door Trapezoid naar 70 fondsen die een meer geconcentreerde versie zijn van breed gediversifieerde fondsen is nog zo’n slecht omen voor het Robeco-fonds. De geconcentreerde alternatieven bleken namelijk in de meeste gevallen slechter te presteren.
Dat gold vooral voor de ‘focused’ en ‘select opportunities’ fondsen met meer dan 1 miljard dollar onder beheer.
Het 2,8 miljard euro grote Robeco-fonds kan vooralsnog echter leunen op het sterke track record van het Robeco Global Stars Equities fonds dat de nieuwe strategie al voerde, en het de afgelopen jaren ook daadwerkelijk beter deed.
Het punt dat Boston Partners echter wil maken is dat de kwestie concentratie versus diversificatie, in tegenstelling tot de consensus, nog helemaal geen uitgemaakte zaak is en met meer nuance bekeken moet worden. Zo kan met een portefeuille van 80 tot 100 posities evenveel alpha worden gegenereerd als met een portefeuille van slechts 25 tot 40 namen terwijl het risico en volatiliteit lager zijn.
In de bijlage de paper van Boston Partners.