Alles en iedereen is in rep en roer. De olie- en gasprijzen zijn de pan uit gerezen. Regeringen komen verbruikers tegemoet, o.a. door accijnsverlagingen. Hoewel de benzineprijs veel aandacht trekt, is het spektakel bij gas veel groter. In de laatste tien jaar lag de gasprijs in Europa bijna altijd onder 25 euro MWH. Vlak voor de pandemie was het zelfs beneden 15 euro. Door de pandemie daalde de prijs in eerste instantie tot iets boven 5 euro.
Toen de economie zich herstelde, steeg de gasprijs weer. In de loop van 2021 werd een ongekend stevige opmars ingezet. In december vorig jaar steeg de prijs kortstondig naar 175 euro, maar bedroeg aan het einde van het jaar rond EUR 75. Door de oorlog is de gasprijs extreem volatiel geworden. Onlangs kostte gas eventjes 300 euro MWH.
Afgelopen vrijdag waren we terug bij 130 euro MWH. Dat is nog altijd ruim zes keer zo duur als voor de pandemie. De gasrekening van gezinnen bestaat voor ongeveer de helft uit de gasprijs, de rest is vastrecht, levering, heffingen en belastingen. Als dat niet-gasdeel constant blijft, dan verdrievoudigt de gasrekening voor de consument bij een verzesvoudiging van de gasprijs.
Bron: Trading Economics
De Amerikaanse gasprijs is per saldo ook gestegen, maar veel minder dan die bij ons. De markt voor gas is niet een echte wereldmarkt zoals bij olie doordat het vervoer veel moeilijker is, waardoor arbitrage van prijsverschillen veel lastiger is.
Bron: Trading Economics
Om na te gaan waarom de gasprijs bij ons zo gestegen is en die in de VS niet of veel minder, moeten we kijken naar vraag- en aanbodfactoren. Ik heb daarom op basis van cijfers van het Internationaal Energie Agentschap enkele grafieken gemaakt.
In de EU is het gasverbruik (of wat het IEA ‘final consumption’ noemt) tot 2005 gestegen maar de laatste tien jaar geleidelijk verminderd, in totaal met ruim 10 procent. Het IEA publiceert nog geen cijfers over 2021. Mogelijk is het verbruik dat jaar gestegen omdat het zo weinig waaide, waardoor windmolens weinig energie opwekten en elektriciteitscentrales meer gas nodig hadden.
We moeten de verklaring voor de spectaculaire prijsontwikkeling mijns inziens volledig aan de aanbodkant zoeken. De gasproductie in de EU is sinds 2000 fors gedaald. Exclusief Nederland daalde de productie vanaf 2000 met ruim 60 procent! Bedroeg de eigen productie van de Europese Unie in 1990 nog zo’n driekwart van de ‘final consumption’, in 2020 was het minder dan 30 procent.
Bron: IEA
In Nederland is de daling pas vanaf 2014 ingezet om bekende redenen. Momenteel overtreft onze export de productie zelfs: we moeten gas invoeren om aan contractuele exportverplichtingen te voldoen.
Bron: IEA
Aangezien de productie in de EU veel meer is gedaald dan het verbruik is de import uiteraard toegenomen.
Bron: IEA
Noorwegen heeft voor een deel in die toegenomen importvraag voorzien, maar daar stabiliseren de productie en de export ook al enige tijd. Bovendien is de Noorse productie slechts een fractie van de importvraag uit de EU.
Bron: IEA
De productie in de EU plus die van Noorwegen is vanaf 2004 met zo’n 30 procent gedaald.
Hoe anders is het beeld elders. Rusland heeft de productie van gas juist geleidelijk vergroot. Dat ziet er in het volgende plaatje misschien niet zo spectaculair uit, maar tussen 2000 en 2019 steeg de productie met ruim 35 procent. Het stelde Rusland in staat om meer te exporteren.
De VS zijn uiteraard kampioen gasproductie. Die hebben de eigen productie de laatste 15 jaar met zo’n 85 procent verhoogd.
Bron: IEA
Ik constateer dat:…
• …de Europese gasprijs is ontkoppeld van de Amerikaanse;
• …de Europese gasprijs vanaf medio 2021 spectaculair is gestegen, terwijl de Amerikaanse relatief bescheiden is gestegen;
• …de Europese gasproductie de laatste 15 jaar spectaculair is gedaald, de Amerikaanse productie juist spectaculair is gestegen terwijl de Russische productie in bescheiden mate is gestegen;
Dit dringt de volgende conclusie op: We hebben de huidige problemen aan onszelf te danken. Wie de productie van fossiele brandstoffen op peil wil houden, moet investeren in exploratie. Door het verzet daartegen is er in Europa zo weinig geëxploreerd dat de productie fors is gedaald, los van de Groningse problemen. De versnelde afschrijving van kolencentrales werkt daarbij nog een hoger gasverbruik in de hand.
Kernenergie had in de ontstane energiebehoefte kunnen voorzien, maar ook daartegen is verzet. Zo hebben we ons willens en wetens steeds afhankelijker van de Russen gemaakt. De nood is inmiddels aan de man. Ik val van mijn stoel van verbazing nu ik zie dat groeperingen die medeverantwoordelijk zijn voor dit debacle, door zich zowel tegen exploratie als tegen kernenergie te verzetten, het hoogste woord hebben over wat er nu moet gebeuren.
Han de Jong is voormalig hoofdeconoom van ABN Amro. Hij schrijft wekelijks voor Fondsnieuws over economie en markten. Meer informatie over zijn visie kunt u lezen op Crystal Clear Economics.









