Een van de belangrijkste redenen dat asset manager Candriam nog geen greenbondsfonds heeft, is dat uitgevende bedrijven van dit soort obligaties niet altijd harde juridische garanties geven dat ze het opgehaalde geld daadwerkelijk steken in groene projecten.
Dat zegt Koen Van de Maele, Global Head of Investment Solutions van Candriam, in gesprek met Fondsnieuws. ‘Er is zeker geen sprake van grootschalige manipulatie, maar in de meeste gevallen moet je als belegger maar op goed geloof vertrouwen dat een partij het opgehaalde geld inderdaad gebruikt voor bijvoorbeeld hernieuwbare energie.’
Het fondshuis dat ruim twintig jaar actief is in duurzaam beleggen heeft om die reden slechts enkele greenbonds in portefeuille. En kiest daarbij uitsluitend voor obligaties van moederpartijen die al eerder door de SRI-screening van Candriam zijn gekomen, of van partijen die wél harde garanties geven - wat niet altijd het geval is volgens Van de Maele.
Een gespecialiseerd greenbondsfonds heeft het fondshuis niet, in tegenstelling tot sommige andere aanbieders. ‘Met een fonds zouden we veel meer greenbonds in portefeuille moeten nemen, zonder dat we in alle gevallen kunnen nagaan of het naar onze maatstaven wel écht om groene producten gaat, of dat het slechts cosmetisch groene producten zijn.’
Greenwashing
Van de Maele ziet green bonds daarmee in sommige gevallen als vorm van greenwashing, waarbij een uitgevend bedrijf of fondshuis een financieel product de titel “green” geeft, terwijl de duurzame impact van het product niet altijd even groot is. ‘Door iets “green” te noemen, kun je het aan een breed publiek verkopen. Maar er is geen unieke definitie van dat label, waardoor iedereen de markt in kan met een green bond of ander groen product.’
‘Natuurlijk is het goed dat er een onomkeerbare trend gaande is naar duurzaam beleggen’, benadrukt de Belg. ‘Maar de keerzijde van de medaille is dat waar succes speelt, mensen proberen te surfen op dat succes.’
Daarbij wijst hij op het probleem dat de analyse van het groenheidsgehalte van een product moeilijk en tijdrovend is. Candriam kijkt met een team van 13 analisten naar de mate waarin het businessmodel van een bedrijf aansluit op de maatschappelijke trends in de wereld en naar de daadwerkelijke duurzame impact van een bedrijf.
Duurzaamheidhokjes
Van de Maele: ‘Wat veel beleggers doen, is duurzaamheidshokjes aanvinken: is er een policy over CO2-uitstoot, over gelijke rechten, etcetera. Een bedrijf als McDonalds zal relatief hoog scoren op dat soort thema’s en duurzaam ogen, maar als je kijkt naar het businessmodel van dat bedrijf, de gezondheidstrend en de langetermijnuitdagingen van Amerika en de rest van de wereld, is McDonalds misschien toch niet zo duurzaam.’
Behalve de ongrijpbaarheid rond greenbonds is er binnen het duurzaam beleggen nog iets wat Van de Maele de laatste maanden opvalt: de toename van het aantal beleggers - retail en institutioneel - dat de CO2-footprint van zijn beleggingsportefeuille wil verlagen. En dan vooral het feit dat dit ten koste lijkt te gaan van de SG in de afkorting ESG waarin E staat voor environmental, S voor social en G voor governance.
‘Beleggers die hun portefeuille willen decarboniseren kiezen vooral bedrijven die goed scoren op CO2-footprint; ze nemen wat voor lief dat een bedrijf minder goed scoort op de twee andere factoren. In totaliteit wordt hun portefeuille daardoor minder duurzaam.’
‘Wat wij doen als een klant dat verzoek neerlegt? Natuurlijk regelen we dat. Wie zijn wij om daar iets tegenin te brengen als een klant dat vraagt? Het is nu eenmaal zo dat overheidsinstellingen en pensioenfondsen meer gefocust zijn op klimaatverandering. Bovendien: het is niet verkeerd hè? Liever dat dan een klant die de nadruk wil leggen op de tabaksindustrie.’
Lowcarbonproducten
Met de populariteit van de decarbonisatie van beleggingsportefeuille voorspelt Van de Maele een toename in producten rond dat thema zoals lowcarbonfondsen, lowcarbon-etf’s en lowcarbonindices. ‘Deze producten bestaan al, maar het zou me verbazen als er niet nog veel meer zouden komen. Ook wij bekijken de mogelijkheid van de lancering van nieuwe producten op dat gebied, omdat er veel vraag naar is. We doen het al voor klanten op maat; voornamelijk voor pensioenfondsen, omdat zij een iets grotere taille hebben. Maar met speciale producten wordt het ook meer toegankelijk voor retailbeleggers.’