Obligaties uit emerging markets (EM Debt) stonden dit jaar onder druk, in het bijzonder die welke geprijsd zijn in lokale valuta. Er lijkt ruimte voor een opwaardering van de beleggingsklasse.
Dit zeggen Eugene Choi (foto), van het emerging market debt team van Pictet Asset Management, en David Furey, specialist passieve vastrentende strategieën van State Street Global Advisors (SSGA), tijdens een door Fondsnieuws georganiseerde Masterclass over beleggen in schuldtitels uit opkomende markten.
Valuta
Choi toont een grafiek waarop de koers van een mandje voorname opkomende markten valuta afgezet is tegen die van ontwikkelde landen. De opkomende valuta staan op het laagste niveau sinds 2009. ‘We staan op drie standaarddeviaties onder wat wij zien als het evenwicht’, licht ze toe.
Dit geeft aanleiding tot de voor de hand liggende vraag uit het publiek: Is dit bij uitstek een moment om te kopen? Choi lacht: ‘Onze sales-afdeling moet nu wel van u houden.’ Maar zelf houdt ze een slag om de arm.
Niet alleen de valuta, maar ook de marktrendementen zijn momenteel zeer aantrekkelijk: rond de 6 procent voor de dollarleningen en 7 procent voor leningen in lokale valuta. Dit terwijl de rentes in het Westen op marginale niveaus bewegen.
‘Toch zijn beleggers nu zeer voorzichtig, meestal zijn ze iets comfortabeler als de markt al een opwaartse beweging heeft gemaakt’, weet ze. Het trauma bij beleggers die de categorie de laatste jaren ontdekten en hun vingers brandden zit diep. De meeste nieuwe instroom ging naar de obligaties luidend in lokale valuta.
Rendement
Op lange termijn zijn er evenwel positieve rendementen te verwachten van de categorie, stelt ze. ‘Verwacht geen 20 procent per jaar, maar een fatsoenlijk rendement vergeleken met andere categorieën.’
Om te beginnen zijn er ‘geen zorgen om defaults’, wijst ze. De meeste landen hebben goede reserves opgebouwd. En daarbij zullen lage wisselkoersen stijgende export tot gevolg hebben, wat de balansen verder versterkt.

SSGA’s Furey ziet dit ook, al is hij van mening dat de export en groei van opkomende landen nog wel even ‘onder druk’ zal staan. Afkoeling in China werkt via de grondstoffenmarkten door op tal van andere opkomende landen.
Toch blijven opkomende markten ook zijn zijn visie een zeer interessante aanvulling in de portefeuille. ‘In de basis is het verhaal: lagere schuld en meer groei dan in ontwikkelde markten.’
Implementatie
De categorie blijft nog maar mondjesmaat vertegenwoordigd in brede portefeuilles. Choi wijst op de statistiek dat pensioenfondsen nog maar zo’n 1 à 3 procent van hun vermogen naar EM-obligaties alloceren. En al doen Nederlandse fondsen misschien iets meer, ten opzichte van het aandeel in de wereldbevolking, landmassa en zelfs bruto binnenlands product is het heel weinig.
Furey voegt eraan toe dat met name in lokale valuta zich ook gestaag een binnenlands beleggerssegment ontwikkelt. ‘Deze beleggers zijn daarbij meer geneigd om tegen stijgende yields in te leunen, in plaats van ervoor weg te rennen’ - zoals de buitenlandse beleggers doen.
Naast de keuze voor lokale of ‘harde’ valuta, moet een belegger ook bedenken op welke wijze hij in opkomende landen wil beleggen. Onderzoek van SSGA laat zien dat actieve managers over het algemeen geen al te best track record hebben.
‘Het kan heel goed dat je met drie man in Moskou de lokale markt weet te verslaan, maar het gaat om de afweging van landen tegen elkaar’, zegt hij. De groep landen is enorm ‘heterogeen’, wat het ‘timen’ van in- en uitstappen een hachelijke zaak maakt.
Een passief product als dat van SSGA maakt deze ‘call’ niet en belegt op kostenefficiënte wijze in de index. Liquiditeit was ook met de uitstroom uit de strategie deze zomer geen probleem, vervolgt hij.
Pictet zag tegelijkertijd tot eigen verbazing geen grote uitstroom uit de categorie. Choi zegt dat van eerdere crises is geleerd en dat scherper op liquiditeit wordt gelet en voor het afdekken van valutarisico’s gebruik wordt gemaakt van de zeer liquide markt voor forwards (derivaten).