Mirova - Philippe Zaouati
Mirova - Philippe Zaouati

Tien jaar na het Akkoord van Parijs is duurzame financiering uitgegroeid tot een bepalende factor op de markten – én in de geopolitiek. Philippe Zaouati, oprichter en CEO van Mirova, ziet hoe de transitie nieuwe beleggingskansen creëert, maar ook spanningen aanwakkert en ESG-strategieën onder druk zet.

Hoe hebben duurzaamheidsvraagstukken sinds het Akkoord van Parijs hun intrede gedaan in de financiële wereld?
‘Waar duurzaamheidskwesties vandaag de dag centraal staan, waren ze tien jaar geleden vrijwel onzichtbaar in de financiële sector. Vóór het Akkoord van Parijs was de dynamiek rond deze thema’s beperkt. Tussen het Akkoord van Parijs en de oorlog in Oekraïne werd duurzaamheid een onderwerp van de eerste orde. Het jaar 2020 markeerde een keerpunt, met een groeiende belangstelling voor het thema binnen de financiële wereld. Covid-19 werkte als katalysator en versterkte de aandacht voor milieukwesties en sociale vraagstukken. Sinds 2022 zijn we een fase van grotere stabiliteit ingegaan.’

‘Bij Mirova hebben wij de cycli van duurzame financiering in de afgelopen tien jaar gevolgd, die uiteindelijk gewoon de bredere marktbewegingen weerspiegelen. We zijn momenteel goed gepositioneerd en hebben sinds 2022 ons beheerd vermogen verder zien groeien, met 700 miljoen euro aan instroom in het afgelopen jaar.’

Hoe heeft duurzaamheid de strategische assetallocatie in het afgelopen decennium veranderd?
‘Duurzaamheidsvraagstukken hebben de opkomst van nieuwe instrumenten bevorderd, zoals groene obligaties, die inmiddels een significante rol spelen in de wereldwijde obligatiemarkt. In private assets zijn eveneens duidelijke veranderingen zichtbaar, met name in de infrastructuursector. Hernieuwbare-energieprojecten en decarbonisatieprojecten nemen daar nu een centrale plaats in, terwijl de sector tien jaar geleden vooral werd gedomineerd door activa als snelwegen of luchthavens.’

‘Hoewel deze ontwikkelingen in sommige beleggingscategorieën relatief duidelijk zichtbaar zijn, zijn ze moeilijker waarneembaar op de aandelenmarkten, waar de dominantie van technologieaandelen deze dynamiek vaak maskeert. De cycli zijn daar uitgesprokener, waardoor de trend minder zichtbaar is dan in andere segmenten. Toch zijn duurzaamheidsvraagstukken ook daar bepalend geworden, vooral doordat beleggers steeds nadrukkelijker kijken naar de transitieplannen van ondernemingen. Die plannen zijn inmiddels een doorslaggevend criterium in veel beleggingsbeslissingen.’

Welke verwachtingen zijn sinds het Akkoord van Parijs onjuist gebleken en welke risico’s zijn onderschat?
‘We hebben waarschijnlijk het vermogen tot consensus en de slagkracht van het multilateralisme om op staatsniveau beslissingen te nemen overschat. Ook hebben we het conflictpotentieel van de transitie onderschat. De klimaatschok en de impact ervan op de economie leiden tot conflictstrategieën die we niet hadden voorzien.’

‘Sommige spelers in de fossiele energiesector verzetten zich tegen de energietransitie. Anderen voeren juist een offensief om de strijd te versnellen, bijvoorbeeld op technologisch vlak. Ook het veiligstellen van de aanvoer van bijvoorbeeld zeldzame aardmetalen leidt wereldwijd tot spanningen. De transitie is daarmee een van de belangrijkste drijvende krachten achter de huidige geopolitieke conflicten.’

We zien een beweging van verzet rond ESG, soms aangeduid als een ‘backlash’. Hoe analyseert u dit fenomeen?
‘Spreken over een ‘ESG-backlash’ is reductief. We worden geconfronteerd met een ecologische, democratische en geopolitieke backlash. Vergeleken met veiligheidskwesties, defensie, economische oorlogvoering of invoertarieven lijkt de terugval van ESG bijna anekdotisch. We zijn getuige van een ontwrichting van de internationale betrekkingen en van de geo-economie in het algemeen.’

‘Aan de kant van de beleggingen varieert het fenomeen naargelang het type belegger. Institutionele beleggers hebben hun strategieën bijvoorbeeld nauwelijks aangepast. Voor ons is de echte uitdaging niet de ESG-backlash, maar de evolutie van de prijszetting van de transitie op de markten, waardoor bepaalde ESG-strategieën sinds enkele jaren mogelijk of effectief ondermaats presteren.’

Hoe zouden vermogensbeheerders duurzaamheid vandaag moeten benaderen in relatie tot langetermijnrisico?
‘Ik denk dat het een essentiële expertise is, die nuttig is geweest om de grote economische ontwikkelingen van de afgelopen tien jaar te begrijpen. Als we willen dat dit een voordeel en een troef blijft, moeten we dit perspectief combineren met de twee andere grote krachten die onze samenlevingen transformeren: de technologische revolutie en de vraagstukken rond herlokalisatie en soevereiniteit. Als we de transitie niet benaderen met integratie van deze twee aspecten, vrees ik dat dit geen troef zal zijn, maar juist een verwijdering van de realiteit.’

‘We moeten erin slagen deze drie dimensies te combineren om er een solide narratief van te maken. We kunnen er niet mee volstaan Europese spaarders uit te leggen dat beleggen in Europa neerkomt op de Green Deal. We moeten een verhaal brengen dat onze wil bevestigt om de capaciteiten van Europa fundamenteel te versterken, in een logica van strategische autonomie. Het gebruik van Europese spaarmiddelen is waarschijnlijk een van onze belangrijkste en minst gebruikte instrumenten voor strategische weerbaarheid vandaag. Een groot deel van deze Europese spaarmiddelen vloeit immers naar de Verenigde Staten en financiert Amerikaanse technologie. Als we dat willen herbalanceren, moeten we Europeanen ervan overtuigen opnieuw in Europa te investeren.’

Hoe zal de integratie van duurzaamheid zich volgens u in het komende decennium ontwikkelen?
‘In de komende tien jaar zullen we niet kunnen rekenen op multilateralisme en grote internationale akkoorden. Er is ook een rem op het vlak van regelgeving, met name in Europa. De enige betrouwbare drijfveer van de transitie vandaag zijn de ondernemingen en de economische wereld. Ik denk dat we daarop moeten steunen en moeten kijken waar de transitie al is gestart en onomkeerbaar is. Neem het voorbeeld van de elektrische wagen. Hoewel het traject tijdelijke vertragingen kan kennen, is de transitie ingezet en moeilijk omkeerbaar. Hetzelfde geldt voor hernieuwbare energie: de beweging is structureel. Ze kan per regio verschillen, soms vertragen of versnellen, maar de onderliggende trend blijft stevig. Andere thema’s zijn daarentegen kwetsbaarder. Vraagstukken rond natuur en biodiversiteit genieten nog niet van een voldoende sterke impuls om onontkoombaar te worden, wat het risico van een terugval in de dynamiek met zich meebrengt.’

‘Daarnaast denk ik dat we te weinig spreken over investeringen in opkomende en ontwikkelingslanden. Voor het eerst dit jaar lag het groeipercentage van Afrika hoger dan dat van Azië. Dat is een belangrijk feit. De grote uitdagingen zullen zich bevinden in deze snelgroeiende regio’s, met name demografisch. Bij Mirova volgen we opkomende en ontwikkelingslanden daarom van nabij, hoewel het moeilijk is beleggers uit het Noorden te overtuigen om in het Zuiden te investeren. We weten dat de uitdagingen daar groot zijn, vooral op het vlak van infrastructuur. Toch zal deelname aan hun ontwikkeling cruciaal zijn om het slagen van de transitie in deze regio’s, en elders, te waarborgen.’

Philippe Zaouati (1966) schreef mee aan het eerste beleidsprogramma van Emmanuel Macron. Op zijn zeventiende eindigde hij als tweede in de prestigieuze nationale studentenwedstrijd Concours Générale. Hij begon zijn carrière als kwantitatief portfoliomanager. Hij is medeoprichter van Finance for Tomorrow en voorzitter van de Mirova Foundation.

Categories
Access
Members
Article type
Article
FD Article
No