Onderzoek van Vanguard wijst uit dat de prestaties van actieve managers vaak kunnen worden verklaard door ‘tilts’, waarvan de meest uitgesproken de nadruk op opkomende markten is.
Het Amerikaanse fondshuis, dat vooral groot is in passief beleggen, ziet dit als bewijs dat actief management over het algemeen weinig toevoegt.
Risicofactoren
‘Beleggers moeten zich ervan bewust zijn dat als de prestaties worden afgezet tegen een aangepaste index, de resultaten van de fondsen de kosten van actief management niet rechtvaardigen’, concluderen onderzoekers Joshua Hirt, Ravi Tolani en Christopher Philips van Vanguard in een rapport met als titel ‘Zijn prospectus-benchmarks de juiste barometer?’
‘Passieve (index) blootstellingen gericht op de specifieke risicofactoren of markten zijn ruim voorhanden tegen over het algemeen veel lagere kosten’, voegen ze eraan toe.
Regressie
In hun onderzoek richtten de analisten zich op aanbieders van actieve aandelenfondsen uit de Verenigde Staten, Canada, het Verenigd Koninkrijk, Australië en Hongkong. Door middel van regressie-analyse filterden de onderzoekers de tilts naar een aantal factoren uit de rendementsreeksen.
Ze keken onder meer naar regionale exposures aan een aantal ontwikkelde markten en opkomende markten en aan factoren, zoals smallcap. Hieruit bleek dat de benchmarks waartegen de fondsen zich afzetten vaak niet overeenkomt met hun daadwerkelijke risicoprofiel en dat de performance van managers vaak het resultaat is van blootstelling aan bepaalde risicofactoren in plaats van superieure aandelenselectie.
Replicatie
De meest uitgesproken tilt die naar voren kwam, was naar opkomende markten. Volgens de onderzoekers kan een dergelijke overweging makkelijk worden gerepliceerd met passieve beleggingen, tegen veel lagere kosten.