Photo courtesy of UBS.
Photo courtesy of UBS.

De Amerikaanse aandelenmarkt is geconcentreerder dan ooit in de afgelopen 92 jaar. Slechts tien aandelen vertegenwoordigen inmiddels 35 procent van de totale marktkapitalisatie in de VS. Dit roept fundamentele vragen op over portefeuillerisico’s, hersteltijden na een crisis en de dynamiek van marktleiderschap.

Er is maar weinig leesvoer dat écht verplichte kost is in de beleggingswereld, maar het Global Investment Returns Yearbook van UBS hoort daar zeker bij. Het jaarlijkse rapport, samengesteld door academici van de London Business School en Cambridge University, duikt diep in langetermijntrends en schroomt niet om vraagtekens te plaatsen bij gangbare beleggingsopvattingen.

De 2025-editie, die dinsdag werd gepubliceerd, werpt nieuw licht op een van de grootste risico’s in de markten van vandaag: peak concentration: geen verkoopsignaal, maar een waarschuwing.

‘Er is geen betrouwbare manier om vast te stellen of een piek is bereikt,’ zegt Elroy Dimson, hoogleraar financiën aan de Universiteit van Cambridge, in een gesprek met Investment Officer. ‘Peak concentration is niet noodzakelijk een verkoopsignaal. Maar het is interessant om te kijken naar hersteltijden na een piek in de aandelenmarkt.’
Zijn opmerking onderstreept een kernpunt uit het jaarboek: wanneer marktdalingen gepaard gaan met extreme concentratie, kunnen de herstelperiodes langdurig en pijnlijk zijn.

Herstel na crash in de Amerikaanse aandelen

grafiek1
Bron: UBS Investment Returns Yearbook 2025

De dot-com crash van 2000 en de Japanse marktinzinking in 1989 zijn sprekende voorbeelden. Beide gebeurtenissen leidden tot decennialange stagnatie, niet vanwege een cyclische correctie, maar omdat ze het einde van een tijdperk markeerden. Met de huidige ongekende dominantie van megacap technologieaandelen is het risico op een vergelijkbare structurele omslag reëel.

Groeiende risico’s van eenzijdige blootstelling

Naast historische parallellen zijn er specifieke marktrisico’s die de impact van een neergang kunnen versterken. Waarderingsrisico staat bovenaan. Techreuzen als de Magnificent Seven noteren tegen extreem hoge multiples, waardoor ze extra kwetsbaar zijn voor verschuivingen in sentiment.

Daarnaast is er beleidsrisico. Met de terugkeer van Donald Trump in het Witte Huis lijkt het Amerikaanse techbeleid een meer bedrijfsgerichte koers te varen. Hoewel Trump eerder kritiek had op techbedrijven vanwege vermeende censuur, wordt verwacht dat zijn regering de regelgeving zal versoepelen en antitrustmaatregelen zal afzwakken, waardoor grote technologiebedrijven nog dominanter kunnen worden.

Europa lijkt een andere weg in te slaan. De EU overweegt het versoepelen van de regeldruk, wat zou kunnen leiden tot verzwakking van de Digital Markets Act. Tegelijkertijd groeit de kans op strengere regels voor Amerikaanse techbedrijven in Europa. Een minder strenge VS en een gematigdere EU kunnen de machtspositie van techgiganten verder verstevigen, wat een toekomstige correctie extra pijnlijk zou maken.

Waarom sommige crashes langer duren om te herstellen

Niet elke crisis is hetzelfde. De snelheid van herstel hangt vaak af van het beschikbare beleidsinstrumentarium.

De Great Financial Crisis van 2008 kende een relatief snel herstel, grotendeels dankzij agressieve stimuleringsmaatregelen van centrale banken. Maar als de volgende neergang plaatsvindt in een periode van hoge inflatie en hoge rentes, dan hebben beleidsmakers minder mogelijkheden om de economie te ondersteunen.

Crashes die gedreven worden door bubbelvorming en te hoge waarderingen, zoals in 1929 en 2000, laten historisch gezien veel langere herstelperiodes zien. Beleggers die een snelle opleving verwachten, kunnen in werkelijkheid een verloren decennium tegemoet gaan, omdat markten jaren nodig kunnen hebben om het vertrouwen te herstellen.

Diversificatie blijft de enige gratis lunch

Als er één les te trekken is uit het verleden, dan is het de kracht van diversificatie, zo stelt het jaarboek van UBS. De best presterende aandelen in de ene cyclus zijn zelden de winnaars van de volgende.

Het is inmiddels 25 jaar geleden dat het eerste jaarboek verscheen. Aandelen hebben in de 21e eeuw lagere rendementen behaald dan in de 20e, terwijl obligaties relatief beter presteerden. Toch blijven aandelen op lange termijn inflatie, obligaties en cash verslaan.

‘Wereldwijde aandelen leverden een reëel rendement op jaarbasis van 3,5 procent, met een aandelenpremie van 4,3 procent ten opzichte van cash,’ zegt Paul Marsh, hoogleraar aan de London Business School en co-auteur van het jaarboek. ‘De ‘wet’ van risico en rendement bleef ook in de 21e eeuw overeind.’

De kernboodschap blijft daarmee overeind: peak concentration is geen gegarandeerde crash, maar verhoogt het risico op langdurige correcties. Beleggers die blind vertrouwen op de winnaars van vandaag, kunnen straks vastzitten in een decennialange herstelperiode. Markten komen altijd terug – maar niet alle aandelen keren mee terug.

Gerelateerde artikelen op Investment Officer:

Author(s)
Categories
Tags
Access
Members
Article type
Article
FD Article
No