
Amerikaanse aandelen zijn opgeveerd na een reeks verliezen, maar het vertrouwen is broos. Beleggers houden de adem in voor ‘Liberation Day’, Trumps geplande invoering van nieuwe handelstarieven.
Dit is geen échte rebound, zegt Laura Cooper, beleggingsstrateeg bij Nuveen. ‘We bevinden ons meer in een afwachtende fase.’ Een mogelijke nieuwe richting wordt aangekondigd op zondag. Dan moeten de Verenigde Staten volgens Trump worden ‘bevrijd’ van landen die volgens hem al te lang profiteren van oneerlijke handelsvoordelen.
Aanvankelijk leek het plan om een waaier aan tarieven te richten op de “vuile vijftien”, landen met een fors handelsoverschot ten opzichte van de VS. In een bericht op sociale media schreef Trump maandag echter dat elk land dat olie of gas uit Venezuela afneemt, een tarief van 25 procent tegemoet kan zien bij handel met de Verenigde Staten.
‘Als we brede, verstrekkende tarieven zien, vooral als er sprake is van wederzijdse invoerheffingen, dan zullen beleggers opnieuw risico gaan mijden’, waarschuwt Cooper tegenover Investment Officer. In dat scenario zouden cyclische aandelen de grootste heffingen krijgen.
Nuveen positioneert zich daarom nadrukkelijk in defensieve sectoren, zoals dividenduitkerende bedrijven en middelgrote Amerikaanse ondernemingen met een binnenlandse focus. Volgens Cooper zijn dit segmenten die beter bestand zijn tegen handelsspanningen.
In lijn met eerdere episodes temperde Trump maandag zijn toon. Hij suggereerde dat hij ‘een heleboel landen’ voorlopig zou kunnen uitsluiten van de nieuwe tarieven. Die vriendelijkere insteek gaf aandelen opnieuw lucht. De S&P500 steeg 250 punten ten opzichte van het dieptepunt eerder deze maand, terwijl de Nasdaq de verliezen van dit jaar volledig weg werkte. De rally begon vorige week, na vier opeenvolgende weken van dalingen.
Ook obligatierentes liepen op, de Amerikaanse tienjaarsrente die steeg tot 4,34 procent. De dollar won terrein ten opzichte van andere belangrijke valuta.
Economische cijfers als richtsnoer
De tweede grote test voor de markten komt in de vorm van economische cijfers, zegt Cooper vanuit London. Soft indicators zoals bedrijfsenquêtes wijzen al op afkoeling, maar het echte signaal zal moeten komen uit de harde data over werkgelegenheid en inflatie. ‘Als we een duidelijke verzwakking van de arbeidsmarkt zien, zou de Fed voorzichtigheid moeten betrachten. En inflatie wordt cruciaal, zeker als blijkt dat tarieven prijsdruk veroorzaken.’
Voorlopig zijn er enkele bemoedigende signalen. De samengestelde inkoopmanagersindex (PMI) van S&P Global steeg in maart tot 53,5. Dat is het hoogste niveau in drie maanden tijd, dankzij een sterke dienstensector. Een score boven de 50 duidt op groei in de particuliere sector. Cooper verwacht voor 2025 een Amerikaanse bbp-groei van net onder de 2 procent. Dat is een afkoeling, maar nog altijd passend binnen het scenario van een zachte landing.
Professionele beleggers zijn terughoudend
Ondanks het herstel blijven professionele beleggers terughoudend met hun aandelenposities in de VS. Volgens een recente enquête van Bank of America hebben fondsbeheerders een onderweging van 23 procent als het gaat om Amerikaanse aandelen. Dat is het laagste niveau in bijna twee jaar.
Dat steekt scherp af tegen het gedrag van particuliere beleggers, die juist blijven instappen. Zij hebben dit jaar al bijna 70 miljard dollar in Amerikaanse aandelen en ETF’s gestoken, meldt de Financial Times op basis van data van VandaTrack. Dat is nauwelijks minder dan de 71 miljard dollar in het laatste kwartaal van 2024, toen de beurs in de lift zat.
Die overtuiging is volgens Saira Malik, chief investment officer bij Nuveen, niet onterecht. Ze waarschuwt juist tegen het verlaten van de markt op momenten van onzekerheid. ‘Uitstappen op het hoogtepunt van onzekerheid is onverstandig. Het is beter om koers te houden dan overboord te springen’, schrijft Malik in een rapport.
Ze wijst erop dat Amerikaanse aandelen in meer dan driekwart van de jaren tussen 1937 en 2024 positieve rendementen opleverden, met een gemiddeld jaarrendement van bijna 20 procent. Wie te lang aan de zijlijn blijft staan, loopt het risico de sterkste herstelmomenten te missen. En dat kan flink ten koste gaan van het langetermijnrendement, schrijft ze.
Dividend-aandelen en beursgenoteerde infrastructuurbedrijven bieden volgens haar een aantrekkelijke bescherming tegen inflatie en economische tegenwind. ‘Deze bedrijven hebben sterke balansen, voorspelbare kasstromen en leveren essentiële diensten zoals energie of transport. Daardoor kunnen ze hun prijzen regelmatig verhogen zonder dat de vraag inzakt.’