Paul Samuelson (1915-2009) won in 1970 als eerste Amerikaanse econoom de Nobelprijs voor economische wetenschappen. Foto: Wikimedia.
Paul Samuelson (1915-2009) won in 1970 als eerste Amerikaanse econoom de Nobelprijs voor economie. Foto: Wikimedia.

Donald Trump wil woensdag nieuwe invoerheffingen aankondigen. In Washington wordt dat al ‘Liberation Day’ genoemd — het moment waarop de Verenigde Staten zich losmaken van het mondiale handelsregime.

Voorstanders zien het als een historische correctie; critici vrezen economische schade. In de kern van het debat duikt de Amerikaanse econoom Paul Samuelson op, wiens werk nu door beide kampen wordt gebruikt om tegengestelde opvattingen te onderbouwen.

Niet iedereen wordt rijker

De financiële markten reageren nerveus, zoals te verwachten was. Nieuwe heffingen voeden de vrees voor trager economisch herstel, hogere prijzen en vergeldingsmaatregelen. Maar achter het nieuws schuilt een fundamentelere vraag: kunnen invoerheffingen herstellen wat volgens Trump door decennia van globalisering en offshoring is afgebroken?

‘Invoerheffingen ondermijnen de efficiëntie van de Amerikaanse economie en leggen extra kosten op aan consumenten en producenten. De meest waarschijnlijke uitkomst is dat zowel werknemers als ondernemers verliezen.’

Maurice Obstfeld, Peterson Institute

Maurice Obstfeld, voormalig hoofdeconoom van het Internationaal Monetair Fonds en nu verbonden aan het Peterson Institute for International Economics, verwijst naar het Stolper-Samuelson-theorema uit 1941. Deze economische theorie stelt dat vrijhandel in een kapitaalrijk land zoals de VS de beloning voor kapitaal en hoogopgeleide arbeid verhoogt, terwijl de inkomens van laaggeschoolde arbeiders juist onder druk komen te staan.

Met andere woorden: het land wordt er gemiddeld rijker van, maar niet iedereen profiteert. ‘Bescherming kan bepaalde werknemers op korte termijn helpen, maar dat gaat ten koste van de economische efficiëntie en het nationale inkomen als geheel’, zegt Obstfeld.

Volgens hem kunnen invoerheffingen onmogelijk tegelijk de inkomens van werknemers én de winsten van bedrijven verhogen. ‘Ze ondermijnen de efficiëntie van de Amerikaanse economie en leggen extra kosten op aan consumenten en producenten. De meest waarschijnlijke uitkomst is dat zowel werknemers als ondernemers verliezen.’

De eerste ronde van Trump-heffingen in 2018 en 2019 drukte het Amerikaanse bbp met naar schatting 0,3 procent, aldus het Congressional Budget Office. Tegelijkertijd bleef het beoogde herstel van de maakindustrie uit. Obstfelds conclusie is duidelijk: handelsbarrières verkleinen de economische koek zonder het echte probleem op te lossen.

Industriebeleid zonder strategie

Lori Wallach, directeur van het Rethink Trade-programma bij het American Economic Liberties Project, neemt een ander standpunt in. Zij verwijst naar Samuelsons latere werk, waarin hij waarschuwde dat globalisering en offshoring ook blijvende schade kunnen aanrichten in ontwikkelde economieën.

‘De vraag is niet of heffingen goed of slecht zijn, maar of ze verstandig worden ingezet.’

Lori Wallach, Rethink Trade

In een paper uit 2004 betoogde Samuelson dat als lagelonenlanden toegang krijgen tot de technologie van rijke landen, de voordelen van handel kunnen omslaan in nadelen. Volgens Wallach is dat geen theoretische waarschuwing meer, maar realiteit. Sinds de jaren negentig verloren de VS meer dan 90.000 fabrieken en vijf miljoen banen in de maakindustrie. Het handelstekort bereikte vorig jaar een recordhoogte van 918 miljard dollar.

‘Dit is extreem winstgevend geweest voor de gefinancialiseerde delen van de Amerikaanse economie en voor vermogende beleggers — maar rampzalig voor miljoenen werknemers’, zegt ze.

Volgens Wallach zijn importheffingen, in combinatie met een actief industriebeleid, essentieel om de economie opnieuw in balans te brengen. Toch is ze sceptisch over het succes van Trumps aanpak. 

‘Als je de voordelen van handel wilt benutten, moet je het structurele handelstekort aanpakken’, zegt ze. ‘Trumps fixatie op “wederkerige invoerheffingen” wijst niet op een strategische aanpak. Maar het zou ook fout zijn van de Democraten om heffingen volledig af te schrijven. Onder Biden maakten zij er ook gebruik van. De vraag is niet of heffingen goed of slecht zijn, maar of ze verstandig worden ingezet.’

Opiniepeilingen

De Amerikaanse kiezer lijkt verdeeld. Kort voor de vorige verkiezingen steunde 56 procent van de bevolking een verhoging van invoerheffingen. Onder laagopgeleide kiezers in staten als Michigan, Wisconsin en Ohio liep dat op tot 58 procent. Inmiddels is dat enthousiasme afgezwakt: volgens een peiling van CBS News vindt 55 procent dat Trump te veel nadruk legt op heffingen.

Gerelateerde artikelen op Investment Officer:

Author(s)
Categories
Target Audiences
Access
Members
Article type
Article
FD Article
No