Het Franse fondshuis Natixis is in zijn assetallocatie uitgesproken voorstander van Amerikaanse aandelen. Ondanks de oorlog in Iran en de handelstarieven staan de sterren voor de economie in de VS eigenlijk best goed, argumenteert hoofdstrateeg Mabrouk Chetouane.
‘Misschien heb ik me een beetje té optimistisch uitgedrukt over de Amerikaanse economie’, zegt de spraakwaterval lachend, in een moment van zelfevaluatie na afloop van een persbabbel in Brussel. ‘Maar de economische data geven nu eenmaal een veel positiever beeld dan wat de stroom aan negatieve berichtgeving doet vermoeden.’
Visibiliteit
Vooreerst geven de financiële markten volgens de strateeg indirect aan dat ze denken dat in de oorlog tussen de VS en Israël met Iran het ergste voorbij is.
‘De markten zijn niet geïnteresseerd in wanneer het conflict precies eindigt. Het kan over vier weken zijn, maar evengoed over vier jaar. Donald Trump zegt daar vanalles over en eigenlijk is er niemand meer in de markt die nog naar de Amerikaanse president luistert zoals bij het begin van het conflict. Wat de markten vooral willen weten, is wanneer het conflict op zijn piek is, met maximale intensiteit. En er zijn de voorbije weken toch verscheidene indicaties dat die piek bereikt werd en ondertussen achter ons ligt. Dat is belangrijk, want zo ontstaat er weer visibiliteit voor de markten.’
Nu de beleggers stilaan weer met enig vertrouwen prognoses kunnen maken over de komende zes tot twaalf maanden, wordt het weer min of meer business as usual, denkt de Natixis-econoom. ‘De markten tonen nog maar eens hun cynische kant: niet het einde van de oorlog telt, maar wel visibiliteit hebben.’
Hoezo, stagflatie?
Daarnaast vindt de Fransman de vele alarmkreten over stagflatie - de combinatie van torenhoge inflatie en economische krimp - overdreven, zeker als het om de Verenigde Staten gaat.
‘Fed-voorzitter Jerome Powell heeft recentelijk uitgelegd dat we momenteel helemaal niet in stagflatie zitten. Zij die de term gebruiken, zijn vergeten hoe het er in de stagflatiejaren in de jaren zeventig en tachtig aan toe ging: inflatie in de dubbele cijfers en werkloosheid in de dubbele cijfers. Ja, er komt inflatoire druk, maar die zal helemaal niet vergelijkbaar zijn met toen.’
Het effect van de handelstarieven op de Amerikaanse prijzen zal wellicht kleiner uitvallen dan wat velen een jaar geleden voorspelden. ‘Vergeet niet dat Amerika een gesloten economie is: de Amerikaanse economische vraag kan voor driekwart op de eigen binnenlandse markt terecht. De importtarieven hebben dus slechts impact op hoogstens een kwart van een representatief mandje.’
‘Maar het is nog veel minder’, rekent de Natixis-strateeg verder. ‘De tarieven slaan immers alleen op goederen (en niet op diensten) en dat is slechts 20 procent van dat kwart. De heffingen blijken volgens de douanestatistieken gemiddeld rond iets meer dan 10 procent te liggen, dus niet de 20 procent waar Trump aanvankelijk mee dreigde. Wat is hun uiteindelijke effect op de Amerikaanse inflatie? 0,25 maal 0,2 maal 0,1. Bijna niets, dus.’
Robuuste cyclus
Chetouane verwacht ook geen recessie in de VS. ‘We zien in het huidige resultatenseizoen dat de winsten van de Amerikaanse bedrijven goed meevallen. Zoals zo vaak lijkt de Amerikaanse economische groei te verrassen in de positieve zin. De sterke cijfers van de banken bijvoorbeeld wijzen op een robuuste cyclus.’
‘Er is geen reden om alarmistisch te zijn over de Amerikaanse economie’
‘Wat de problemen rond private credit betreft, is onze inschatting dat dit helemaal niet vergelijkbaar is met de financiële crisis van 2008, zoals sommige doemdenkers beweren. De schaal is veel beperkter. Als ik dan een confrater van een grote bank in zijn presentatie vijftig keer het woord “kredietcrisis” hoor in de mond nemen, dan stel ik mij daar toch vragen bij. Want als er echt een groot probleem was, hadden we dat heus wel moeten zien in de rentespreads, en daar is niets te merken.’
‘Ook de grote Amerikaanse techbedrijven blijven sterk presteren. De koers-winstverhouding van Nvidia is redelijk toegankelijk. ‘Kortom: er is geen reden om alarmistisch te zijn over de VS.’
Nog een argument om in Amerikaanse beleggingen te investeren: volgens Chetouane geeft de Amerikaanse centrale bank aan nog steeds ruimte te zien voor enkele renteverlagingen. ‘Dus het monetaire beleid kan de Amerikaanse economie nog ondersteunen, mocht dat nodig blijken.’
Hij maakt ook brandhout van de analyses die de dominantie van de dollar als wereldmunt in vraag stellen. ‘Kijk naar de data over de kapitaalstromen. Van een de-dollarisering is helemaal geen sprake.’
Amerikaanse collega
De risk-on benadering voor Amerikaanse aandelen is mede ingegeven door de analyses van zijn Natixis-collega in de VS, vertelt Chetouane.
‘Wat leuk is als je strategisch econoom bent in de Verenigde Staten, is dat je maar één gebied hoeft te volgen: de Verenigde Staten. De rest van de wereld telt niet mee. Het kan hen totaal niets schelen. En eigenlijk hebben ze gelijk. Ons economisch team daar analyseert de Amerikaanse conjunctuur tot in de kleinste details en ze blijven zich verbazen over de enorme berg pessimisme vanuit elders in de wereld.’