Grillige politieke keuzes zetten het vertrouwen in Washington steeds verder onder druk, zowel in Amerika als daarbuiten. Toch blijft de economie opvallend veerkrachtig. Volgens grote Amerikaanse fondshuizen als Nuveen, Blackrock en Vanguard liggen er juist nu kansen voor outperformance.
De verkoopgolf die volgde op een stijging van de olieprijzen na verstoringen in de Straat van Hormuz is grotendeels weggeëbd, ook al blijven gesprekken over een staakt-het-vuren onzeker en is een duurzame oplossing nog ver weg. De lange rente op Amerikaanse staatsobligaties is weer gedaald en de S&P 500 heeft vrijwel alle verliezen goedgemaakt en noteert dicht bij recordniveaus.
Dat optimisme is terecht, zegt Saira Malik, chief investment officer bij Amerikaans fondshuis Nuveen. Hoewel zij de groeiverwachting voor de Verenigde Staten in 2026 heeft verlaagd van 2,2 naar 1,8 procent vanwege hogere energieprijzen, blijven ‘de belangrijkste structurele drijfveren van de Amerikaanse economie, waaronder productiviteitsgroei en aanhoudende investeringen in AI, stevig overeind’, schrijft zij in een e-mail aan Investment Officer. Beleggers die hun blootstelling aan de VS afbouwen, zouden volgens haar het grotere plaatje verkeerd lezen.
De Amerikaanse economie groeide in 2025 met 2,2 procent en zal naar verwachting dit jaar een vergelijkbaar tempo aanhouden. Het Internationaal Monetair Fonds rekent zelfs op een versnelling naar 2,4 procent in 2026. De banengroei zwakt af, maar de werkloosheid blijft stabiel rond 4,3 procent. De zogenoemde ‘misery index’, een combinatie van werkloosheid en inflatie, ligt ruim onder de niveaus van eerdere crises.
Opwaarts bijgestelde winstverwachtingen
De investeringsbereidheid blijft bovendien sterk. De verwachtingen voor kapitaaluitgaven liggen op het hoogste niveau sinds medio 2022, gebaseerd op een indicator die gebruikmaakt van regionale enquêtes van de Federal Reserve. Tegelijkertijd laat het Amerikaanse bedrijfsleven veerkracht zien, met stabiele winstgroei ondanks het conflict.
Voor Blackrock was dat reden om deze week opnieuw positiever te worden over Amerikaanse aandelen. Volgens de assetmanager zijn de winstverwachtingen voor 2026 zelfs opwaarts bijgesteld sinds het begin van het conflict, aangevoerd door de technologiesector. Met name halfgeleiderbedrijven springen eruit, met sterke winstgroei die ook bredere opwaartse bijstellingen ondersteunt. Blackrock had de risico’s eerder teruggeschroefd, maar ziet nu signalen dat de macro-economische impact van het conflict waarschijnlijk beperkt blijft.
Niet alle Amerikaanse beleggingsfirma’s zijn positief over de eigen regio. Invesco geeft nog altijd de voorkeur aan markten buiten de VS, vanwege een relatief aantrekkelijk vooruitzicht aldaar en de verwachting van een zwakkere dollar. Tegelijk waarschuwt het fondshuis voor een te defensieve positionering, omdat markten snel kunnen herstellen zodra de omstandigheden stabiliseren.
Inflatie
De recente verstoringen in de Straat van Hormuz blijven voor inflatiedruk zorgen doordat ze de olieprijzen opdrijven. Volgens Nuveen kan dit circa 0,9 procentpunt aan de inflatie toevoegen en de kerninflatie via indirecte effecten met ongeveer 0,4 procentpunt verhogen. De consumentenprijzen stegen in maart al met 0,9 procent op maandbasis tot 3,3 procent, vooral gedreven door een stijging van de benzineprijzen met meer dan 20 procent.
Onderliggend oogt het beeld gunstiger. De producentenprijzen stegen in maart met 0,5 procent, ruim onder de verwachting van 1,1 procent, terwijl de kern-PPI slechts met 0,1 procent toenam. De diensteninflatie, een belangrijke graadmeter voor de Federal Reserve, bleef stabiel. Dat wijst erop dat bedrijven hogere kosten deels zelf opvangen in plaats van deze volledig door te berekenen aan consumenten.
Volgens Adam Schickling, econoom bij Vanguard, beweegt de kerninflatie zich nog altijd in de juiste richting. ‘Dat onderscheid is belangrijk voor de Fed, die zich veel meer richt op hardnekkige prijsdruk zoals loongedreven diensteninflatie dan op kortetermijnschommelingen in olieprijzen’, schrijft hij in een analyse.
Vooruitkijkend blijft het beeld volgens hem dan ook gematigd positief. Naarmate de effecten van importheffingen wegebben en energieprijzen stabiliseren, zal de kerninflatie naar verwachting in de eerste helft van 2027 terugkeren naar de doelstelling van 2 procent van de Federal Reserve, aldus Schickling. ‘Daarmee blijft de drempel voor verdere renteverhogingen hoog, terwijl de kans op renteverlagingen toeneemt, al blijft de centrale bank voorzichtig in haar beleid.’