Wie de geopolitieke spanningen, het rumoer rond China en de onrust uit Washington volgt, zou verwachten dat topbeleggers hun portefeuilles defensief dichttimmeren. Het tegendeel bleek tijdens het cio-panel op de Investment Officer New Year’s Perspectives 2026 in Amsterdam.
Chief investment officers van ING, Van Lanschot Kempen, ABN Amro en Rabobank kiezen niet voor terugtrekken, maar voor gerichte positionering. Hun boodschap: het grootste risico is niet de wereldpolitiek, maar verkeerd beleggen uit angst. Die gedachte liep als een rode draad door het debat.
Die opvatting werd al vroeg in het debat concreet gemaakt door Richard de Groot, chief investment officer bij ABN Amro, die daarbij nadrukkelijk wees op de gebrekkige Europese samenwerking. ‘Europa zelf is het grootste risico voor Europa’, zei hij. Volgens De Groot ligt het probleem niet zozeer bij externe dreiging, maar bij het gebrek aan gezamenlijke slagkracht. ‘In actie komen, dat blijft heel lastig.’
Bob Homan, chief investment officer bij ING Investment Office, sloot zich daar nadrukkelijk bij aan. Europa praat zichzelf te vaak vast in pessimisme, zo stelde hij. Vooruitkijkend naar 2026 typeerde hij het jaar als ‘twijfelachtig, pittig en onzeker’. Juist daarom waarschuwde hij tegen verlamming: stilzitten uit angst is geen strategie.
Ruimte voor rendement
Toch voerde somberheid niet de boventoon in het debat in Amsterdam. Integendeel, de cio’s zien ruimte voor rendement, mits beleggers hun keuzes scherp houden. De Groot wees erop dat de economische uitgangspositie solide is. ‘Economisch gezien staan we er goed voor’, zei hij. Pieter Heijboer, hoofd van het strategisch beleggingsbeleid van Van Lanschot Kempen, deelde die inschatting en benadrukte het belang van discipline. Beleggers moeten volgens hem ‘niet onrustig worden van de headlines’, maar vasthouden aan een consistente allocatie.
Geopolitiek speelt daarbij nadrukkelijk mee, maar vooral als bron van volatiliteit. Taoufik Boussebaa, hoofd beleggingsstrategie bij Rabobank, waarschuwde dat spanningen pas echt tellen als ze economische gevolgen krijgen. ‘Zolang die signalen niet doorsijpelen, zal geopolitiek alleen volatiliteit voeden’, zei hij. Zijn oproep was om niet te snel conclusies te trekken. ‘Onderschat het aanpassingsvermogen van bedrijven en overheden niet.’
China en VS
China werd tijdens het debat opvallend genuanceerd besproken. Boussebaa stelde dat China ‘consistent en voorspelbaar’ handelt en dat de echte onvoorspelbaarheid uit de Verenigde Staten komt. Heijboer zei het oneens te zijn met de stelling dat China het grootste risico vormt. ‘China is niet het grootste gevaar’, zei hij, al wees hij wel op dumping en exportafhankelijkheid. Homan ging nog een stap verder en noemde China expliciet interessant voor beleggers. ‘China interessant om te beleggen? Ik denk het wel’, zei hij, wijzend op lage waarderingen en brede AI-blootstelling.
De geopolitieke context vertaalt zich volgens de cio’s bovendien in een duidelijke strategische keuze: minder afhankelijkheid van een kleine groep Amerikaanse technologiebedrijven. De Groot waarschuwde voor de ‘zware weging in de index’, die hij ‘soms wel zorgwekkend’ noemde. Zijn pleidooi is om verder te kijken dan alleen de magnificent seven en de spreiding binnen aandelen bewust te vergroten.
AI met selectie
Kunstmatige intelligentie blijft in 2026 een dominant beleggingsthema, maar niet zonder risico’s. Homan wees op grote verschillen binnen de markt. ‘De dispersie binnen aandelen is groot, met duidelijke winnaars en verliezers’, zei hij. Volgens hem profiteren vooral bedrijven die met AI kosten kunnen besparen, terwijl andere sectoren structureel onder druk komen te staan. ‘Consultancy, marketing, uitgevers… daar wordt echt je business model door AI bedreigd.’
Heijboer waarschuwde dat sommige AI-bedrijven steeds kapitaalintensiever worden. ‘Ze nemen heel veel schuld op zich’, zei hij. Dat maakt ze ‘minder aantrekkelijk voor beleggers’.
Boussebaa benadrukte dat de kansen rond AI breder zijn dan software alleen. Hij wees op ‘physical AI, robotisering, sovereign AI’ en op signalen van structurele vraag. ‘Het TSMC-bericht is een duidelijk signaal van fundamentele vraag’, zei hij. De grootste chipproducent ter wereld liet donderdag in zijn kwartaalcijfers zien dat de vraag naar geavanceerde chips onverminderd sterk blijft. Tegelijkertijd ziet Boussebaa geen herhaling van de dotcomperiode. ‘Een zeepbel à la jaren 90? Niet.’
Banken en markten
Ook al noemden de cio’s in het debat diverse onzekerheden, toch blijven aandelen de kern van de beleggingsportefeuilles van de banken. Homan noemde rente ‘niet zo’n punt’ en stelde dat winsten en economie ‘best goed’ gaan, al waarschuwde hij dat de risicopremie in de vorm van hoge aandelenkoersen niet onderschat mag worden.
Binnen aandelen verschuift de aandacht naar sectoren die profiteren van het renteklimaat. Banken worden door meerdere cio’s genoemd als aantrekkelijk. ‘Banken vinden we interessant, zelfs Amerikaanse’, zei Boussebaa. Emerging markets keren eveneens terug op de radar. ‘EM heeft nog wel legs’, stelde hij, vooral in schuldpapier. De Groot wees daarbij op het belang van valutarisico. ‘Wat gaat met de dollar gebeuren?’ vroeg hij zich af, en benadrukte dat dit actief gemanaged moet worden.
Private markets blijven onderdeel van de strategie, maar niet voor iedereen. Heijboer noemde private credit, infrastructuur en vastgoed aantrekkelijk voor inkomen, maar trok duidelijke grenzen. ‘Tien tot twintig procent max’, zei hij. Boussebaa benadrukte dat private markten alleen zinvol zijn als ze ‘echt passen bij de klant’. De Groot wees op de keerzijde. ‘Accepteer dat liquiditeit er niet is.’
Opvallend was tot slot de hernieuwde aandacht voor duurzaam beleggen. Homan noemde ESG ‘een beetje uit de gratie geraakt’, maar zag juist daardoor kansen. ‘Er is nu wel echt een onderwaardering’, zei hij, wijzend op wind- en zonne-energie.