Het onbegrijpelijke advies van DNB

De grote strategische beleggingsbeslissingen hangen af van informatie die algemeen bekend is. Zelden heeft een belegger een informatievoordeel over rentes of beursindices of wisselkoersen. Krijgt belegger X toch het advies om meer-dan-gemiddeld te beleggen in een categorie, dan volgt logischerwijs dat er ook beleggers Y en Z bestaan die met dezelfde informatie juist beter af zijn door daar minder-dan-gemiddeld in te beleggen.

Volledig liquide portefeuille is onnodig duur en weinig effectief

Een veelgenoemd nadeel van alternatieve beleggingen is het gebrek aan liquiditeit. Hoewel alternatieve beleggingen in de strikt juridische zin wel verhandelbaar zijn, is de secundaire markt erin beperkt. Alternatieve beleggingen worden om die reden vaak tot einde looptijd aangehouden of überhaupt niet aangekocht. 

Feit is dat veel particuliere beleggers een langetermijnhorizon hebben met hun portfolio. Liquiditeit is daarom niet per se -laat staan voor de volledige portefeuille- noodzakelijk. 

Vooruit denken

Toen ik eind jaren tachtig van de vorige eeuw mijn ambtelijke loopbaan begon bij het ministerie van Financiën kreeg ik een wijze les van één van de toenmalige directeuren van de Nederlandsche Bank, André Szász: ‘Eerst bepalen waar je uit wil komen, en dan de weg ernaartoe uitstippelen’. 

Van publieke naar private markten

In de afgelopen decennia is er een duidelijke verschuiving waarneembaar van publieke markten naar private markten. Die private markten zijn niet langer een opportunistische satelliet, maar vormen tegenwoordig de kern van de portefeuille. Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog tot de jaren zeventig kwamen bedrijven naar de beurs om geld op te halen om daarmee de groei te financieren.